Thomas L. Brodie

Geef hier je mening over boeken die je hebt gelezen.

Moderator: Moderators

Thomas L. Brodie

Berichtdoor Rereformed » 18 jul 2014 06:23

Ik heb deze zomer kennis gemaakt met Thomas Brodie via twee boeken. Het boek Beyond the Quest for the Historical Jesus is het relaas van zijn zoektocht in bijbelonderzoek, men zou het bijna het relaas van zijn leven kunnen noemen. Brodie zelf noemt het in de ondertitel "Memoir of a Discovery".
Het tweede boek is The Birthing of the New Testament, een dikke pil waar zijn onderzoeksresultaten in detail uiteengezet zijn.

Aangezien het debat tussen historicisten en mythicisten wat betreft het bestaan van Jezus mij al zo'n zeven jaar boeit is kennismaking met Brodie voor mij buitengewoon interessant. Hij heeft zich uitgesproken als mythicist, maar het bijzondere is dat hij dit deed via een geheel andere weg, dus andere argumenten, dan waarmee de doorsnee mythicist ooit overtuigd is geraakt. Bovendien heeft hij deze positie al veertig jaar geleden ingenomen, maar komt hij er nu pas openlijk mee voor de dag. Reden hiervoor is enerzijds dat hij zijn vroege werk niet gepubliceerd kon krijgen en wel dertig jaar verder onderzoek moest doen om het beter beargumenteerd naar voren te kunnen brengen, en anderzijds dat hij als dominicaan in dienst van de katholieke kerk stond en de opvatting dat Jezus nooit bestaan heeft niet met open armen ontvangen wordt. Memoir of a discovery publiceerde hij pas twee jaar geleden, toen hij de 70 behaald had en hij er rekening mee ging houden dat hij weinig tijd meer heeft om te zeggen wat hij al een leven lang op zijn hart heeft. Ik zal het vooreerst over dit boek hebben.

Brodie: "De essentie van wat ik heb te zeggen is simpel. Nadat ik tot de Dominicanen was toegetreden, omdat dat me toescheen als een goede daad, kreeg ik de opdracht om me met de studie van de bijbel bezig te houden. In de periode 1972-1975 werd ik geconfronteerd met overweldigend bewijsmateriaal dat hoewel God aanwezig is in zijn schepping en het dagelijks mensenleven, de bijbelverhalen over Jezus geen geschiedenis zijn, maar verhalen. De verslagen worden wel opgediend alsof ze geschiedenis zijn, en ze geven wel degelijk weer hoe mensen in de eerste eeuw Gods aanwezigheid in de geschiedenis en in hun leven ervaarden, maar ze zijn symbolisch, geen verslagen van feiten. Dit inzicht wordt beklonken via literaire studie, dwz. onderzoek naar de methoden van compositie, in het bijzonder de gewoonte van het herschrijven van oude en vereerde bronnen.
De beginfase van deze ontdekking - 1972-1975 - was voor mij intens, gelukkig en productief. Op 17 maart 1975 had ik mijn manuscript af: The Artists: An Exploration of the Creative Methods Used in Composing the New Testament."

Het lukte Brodie echter niet dit uitgegeven te krijgen. Er volgden dertig jaar waarin hij zijn onderzoek voortzette, steeds meer ontdekte en voortdurend allerlei theorieën opnieuw moest evalueren. Achteraf kan hij het betitelen als drie revoluties en één begravenis in zijn denken. In het laatste deel probeert hij toch vast te houden aan zijn religieus geloof. Zijn leven is volkomen vergroeid met of beter geworteld in de bijbel. Na al die nieuwe inzichten blijft de bijbel hem inspireren als "glimmers of shadowed beauty":

Brodie: "Op dit moment [dwz op zijn 70ste] heb ik geen helder inzicht in wat Jezus Christus betekent. Ik zie enkel een glimp ervan, en zou willen dat ik weer twintig was om helemaal opnieuw te kunnen beginnen aan het onderzoek naar de betekenis van het Nieuwe Testament."

Wanneer Brodie's memoir zaken voorbij laat gaan uit zijn persoonlijke leven doet het me vaak glimlachen. Soms herken ik er wat van uit mijn eigen leven, soms komt het op me over als komisch, maar altijd gaat het om een bijzonder innemende man, die geheel in een ivoren toren leeft, waar zo ongeveer alles in zijn leven zich afspeelt in een innerlijke wereld, - hij en de bijbeltekst -, op het enkele feit na dat hij door zijn 'werkgever' van tijd tot tijd van hot naar her wordt gestuurd, tot aan Trinidad en Tobago toe.

Brodie: "Toen ik een kind was in een dorpje in het westen van Ierland was er geen electriciteit of stromend water. De vooravond voor Kerst was daarom des te belangrijker. Het bevatte het ritueel van gaten te boren in koolrapen zodat er lange kaarsen in konden worden gestoken die voor ieder raam gezet moesten worden. Dit was geen kerstdecoratie: het verschafte Maria en Jozef wat licht voor op hun nachtelijke tocht naar Bethlehem.
De rest van het verhaal over Jezus, en de verhalen over andere personen, van Adam en Eva tot aan Sint Paulus, behoorden net zoveel tot het leven als de zon en de regen. Het boek waar je het allemaal kon lezen werd nooit genoemd, maar ons huis bevatte wel ergens een Bijbel. Groot, schoon, vrijwel nooit opengeslagen, en voor zover ik weet door niemand ooit gelezen."

"Op Heilige Donderdag 1960 werd ik getroffen door de beschrijving van een prediker van Jezus die de voeten van zijn leerlingen waste. Die avond vond ik het verhaal in een hele oude vertaling en begon ik te lezen. Het verhaal maakte deel uit van een afscheidsrede van Jezus die zo lang was dat het wel vijf hoofdstukken in beslag nam (Joh. 13-17). Niets wat ik in mijn leven gelezen had greep me ooit zo aan als deze tekst. Deze afscheidsrede gaf een ongelooflijke ervaring van diepte, kalmte en waarheid. Ik besloot om het begin uit mijn hoofd te leren. En even later wilde ik de hele speech uit mijn hoofd leren. De bewoording was archaïsch, maar gemakkelijker om in te studeren dan Shakespeare waarvan iedere middelbare scholier in het land geacht werd teksten uit het hoofd te leren. Het was ook gemakkelijker dan het uit het hoofd leren van de tekst van de brief aan de Romeinen in het Grieks, waar studenten van Professor Patrick Boylan te Maynooth mee geconfronteerd werden. Toen de herfst was aangebroken had ik het hele evangelie van Johannes uit mijn hoofd geleerd."
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas Brodie

Berichtdoor Rereformed » 18 jul 2014 07:37

Toen Brodie aan zijn studie van de bijbel begon was de eerste revolutie in zijn denken een beestje waar iedere beginnende theologiestudent mee geplaagd wordt en de naam draagt van historisch-kritische methode.

"Ik werd er voor het eerst mee geconfronteerd in de vorm van een zijdelingse opmerking. Op een dag zei een oudere Dominicaan tussen neus en lippen dat de woorden in de Evangelieën niet noodzakelijkerwijs ook de exacte door Jezus uitgesproken woorden waren. Mijn hart stond stil. Het was één ding om te zeggen dat er wat problemen zijn tussen bijbel en wetenschap wat betreft de verre oorsprong, maar de geschiedenis en de woorden van Jezus waren centrale zaken, stonden heel dichtbij in het leven, dat sneed tot op het bot.
Later stapelde het bewijsmateriaal zich op tot onontkoombaar. Ik ontving mijn formele studie in de 60er jaren in de traditie van de Dominicaanse Ecole Biblique te Jeruzalem, die geschiedkunde en archeologie benadrukken, en de historisch-kritische methode wees uit dat de bijbel inderdaad niet het solide gebouw was dat ik me had voorgesteld."

"Er is niets geheimzinnigs aan de historisch-kritische methode. De term 'historisch' wil zeggen dat men feiten naar boven wil halen. Het proces kan vergeleken worden met een een rechtszaak, waar de feitelijke gang van zaken in twijfel staat, en wijze rechters een uiteindelijk oordeel erover moeten vellen.
Neem het boek van Jona. Wanneer je het leest als geschiedenis heb je een probleem. Het is bijzonder onwaarschijnlijk dat iemand die door een reuzenvis op opgeslokt het overleeft, maar zelfs als je dat voor mogelijk houdt heb je nog het verslag van de bekering van Nineve, de hoofdstad van het Assyrische Rijk. Dat staat gelijk aan een verslag waarin wordt vermeld dat de inwoners van Moskou in 1950 allemaal bekeerd zouden zijn. Alle bewijsmateriaal voorhanden duidt in de richting dat het nooit gebeurd kan zijn.
De term 'kritisch' wordt er aan toegevoegd om aan te geven dat geschiedkundig onderzoek hulp nodig heeft uit verschillende hoeken, zoals theologie, literatuur en archeologie."

Brodie legt uit dat toen de historisch-kritische studie van de bijbel zich ontwikkelde het niet duidelijk was in hoeverre bijbelonderzoekers hun collega's in literatuur moesten consulteren. De bijbel werd gezien als geschiedenis met een theologische boodschap. En de waarde van de boodschap werd afgemeten aan de mate van historiciteit die men eruit kon destilleren.
Vanaf het begin stonden er twee onderzoeksvraagstellingen centraal:
1) Wat waren de bronnen van de bijbelboeken
2) Wat was hun kunst, hun vorm, hun genre? Was het mythe, historie, verhaal, biografie, dichtkunst, profetisch, wijsheid.

Sinds meer dan honderd jaar heeft de zienswijze van Gunkel (later oa Bultmann) centraal gestaan, namelijk dat aan vele bijbelboeken een mondelinge overlevering vooraf is gegaan. Mondelinge overlevering zou een enorme hoeveelheid kleine, korte informatie bevatten, te achterhalen via 'vormkritiek'. Overal springen die mondelinge overleveringen op onder gelovigen en vliegen brokstukken ervan rond. Men zocht naar de Sitz im Leben van een bepaalde passage, dwz waarom een bepaald verhaal in de geloofsgemeenschap ontstond. Toen ze uiteindelijk ooit werden opgeschreven was het resultaat dus een lappendeken en de schrijvers ervan gezien als voornamelijk scribenten, dus meer gezien als werklui met een kleine redactionele functie, dan als scheppers van geniale kunstwerken.
De klemtoon op dit onderzoek had tot gevolg dat weinigen zich bezighielden de literaire vorm van hele boeken of series van boeken als geheel te bestuderen.
Brodie laat weten dat voor hem vooral het Johannesevangelie een mysterie bleef. Het was alweer geschreven alsof het geschiedenis was, maar verschilde zoveel van de andere evangeliën dat het onmogelijk geschiedenis kón zijn. Het was ook vrijwel enkel geïnteresseerd in theologie, zozeer zelfs dat Johannes vanouds de bijnaam De Theoloog heeft gedragen. Maar onder welk genre moet het evangelie dan worden gerekend? En waarom is het evangelie van Johannes zo anders?
Vanaf de vijftiger en zestiger jaren werd er een begin gemaakt met 'redaktiekritiek', dwz onderzoek naar het aandeel van de bijbelschrijvers in boeken zoals de evangelieën. Het begin hiervan was nog zeer bescheiden. Men vroeg zich enkel af hoe ze de perikopen hadden verzameld, geordend, aangepast (geredigeerd). Langzaamaan, vooral vanaf de zeventiger jaren, verplaatste het focus zich van de zich in een eeuwige mist en rond eeuwig gespeculeer bevindende geschiedenis achter de evangeliën naar de kant en klare tekst van de evangeliën zelf. Dit leverde voor Brodie een doorbraak op.
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas Brodie

Berichtdoor Maria » 18 jul 2014 07:55

Rereformed schreef:Hij heeft zich uitgesproken als mythicist, maar het bijzondere is dat hij dit deed via een geheel andere weg, dus andere argumenten, dan waarmee de doorsnee mythicist ooit overtuigd is.

..en anderzijds dat hij als dominicaan in dienst van de katholieke kerk stond en de opvatting dat Jezus nooit bestaan heeft niet met open armen ontvangen wordt.

In de periode 1972-1975 werd ik geconfronteerd met overweldigend bewijsmateriaal dat hoewel God aanwezig is in zijn schepping en het dagelijks mensenleven, de bijbelverhalen over Jezus geen geschiedenis zijn, maar verhalen.

. In het laatste deel probeert hij toch vast te houden aan zijn religieus geloof. Zijn leven is volkomen vergroeid met of beter geworteld in de bijbel. Na al die nieuwe inzichten blijft de bijbel hem inspireren als "glimmers of shadowed beauty":

"Op dit moment [dwz op zijn 70ste] heb ik geen helder inzicht in wat Jezus Christus betekent. Ik zie enkel een glimp ervan, en zou willen dat ik weer twintig was om helemaal opnieuw te kunnen beginnen aan het onderzoek naar de betekenis van het Nieuwe Testament."

Wanneer Brodie's memoir zaken voorbij laat gaan uit zijn persoonlijke leven doet het me vaak glimlachen. Soms herken ik er wat van uit mijn eigen leven, soms komt het op me over als komisch, maar altijd gaat het om een bijzonder innemende man, die geheel in een ivoren toren leeft, waar zo ongeveer alles in zijn leven zich afspeelt in een innerlijke wereld,

. Het boek waar je het allemaal kon lezen werd nooit genoemd, maar ons huis bevatte wel ergens een Bijbel. Groot, schoon, vrijwel nooit opengeslagen, en voor zover ik weet door niemand ooit gelezen."



Ik heb de woorden uit je intro even apart aangehaald om aan te geven wat mij het meest treft uit het geheel.

Een leven in de schaduw van zijn eigen geest?
Maar ook een leven lang ontkennen van de conclusies van zijn geest?

Wat mij intrigeert is een leven van ontkenning van het bestaan van Jezus en toch christen zijn en blijven.
Ook al is je leven vergroeid met de studie van een aantal teksten, toch is het niet anders rationeel te bedenken dan dat dit geen reden hoeft te zijn om je leven in te richten aan de hand van het gegeven dat je ooit is gezegd, dat die teksten waarheid zijn en van levensbelang tot in de eeuwigheid.
Net zo min als een Shakespeare kenner dat doet met de teksten die hij bestudeert.

Het resultaat van zijn leven lang studie lijkt hetzelfde als het wezen in het denken van zijn ouders, die na een leven lang alleen bekijken en opzij leggen, die inhoud van hun Bijbel nog steeds koesterden.
Met maar één verschil.
Dat hij niet gelooft in het persoonlijke leven van Jezus en zijn ouders wel.
"Quand Dieu se tait, on peut lui faire dire ce que l'on veut." - Sartre.
"Als God zwijgt kun je hem laten zeggen wat je wil."
Avatar gebruiker
Maria
Moderator
 
Berichten: 9679
Geregistreerd: 05 jul 2009 15:41
Woonplaats: Zeeland

Re: Thomas Brodie

Berichtdoor Maria » 18 jul 2014 08:03

Brodie schreef:"Ik werd er voor het eerst mee geconfronteerd in de vorm van een zijdelingse opmerking. Op een dag zei een oudere Dominicaan tussen neus en lippen dat de woorden in de Evangelieën niet noodzakelijkerwijs ook de exacte door Jezus uitgesproken woorden waren.

Dit is wat ik het laatste jaar pas leerde van de katholieke zijde van het christendom.
De apostolische overlevering is het belangrijkste.
Het is niet een religie die gebaseerd is op de Bijbel, maar de Bijbel is samengesteld aan de hand van hun religie. :shock:

Mijn hart stond stil. Het was één ding om te zeggen dat er wat problemen zijn tussen bijbel en wetenschap wat betreft de verre oorsprong, maar de geschiedenis en de woorden van Jezus waren centrale zaken, stonden heel dichtbij in het leven, dat sneed tot op het bot.

Voor de gelovige in "Sola Scriptura" kan dit dus niet.

Voor de gestudeerde katholiek en toch nog gelovigen wel.
Geloof gebaseerd op wat?
Voornamelijk op de religieuze, door de Kerk ingestelde (apostolische) tradities.
"Quand Dieu se tait, on peut lui faire dire ce que l'on veut." - Sartre.
"Als God zwijgt kun je hem laten zeggen wat je wil."
Avatar gebruiker
Maria
Moderator
 
Berichten: 9679
Geregistreerd: 05 jul 2009 15:41
Woonplaats: Zeeland

Re: Thomas Brodie

Berichtdoor Rereformed » 18 jul 2014 08:18

Mariakat schreef:Een leven in de schaduw van zijn eigen geest?
Maar ook een leven lang ontkennen van de conclusies van zijn geest?

Wat mij intrigeert is een leven van ontkenning van het bestaan van Jezus en toch christen zijn en blijven.


Dat laatste is ook een bijzonder interessante kwestie. Brodie doet er in de laatste hoofdstukken zijn best voor om het uit te leggen. Ik zal daar later nog een verslag van maken. Voor mij is die poging niet erg geslaagd, maar aan de andere kant begrijp ik wel zijn behoefte die poging te doen en zichzelf een soort gemoedsrust te willen schenken.

Godgeloof is voor hem een gegeven zoals de zon of de regen. Dat Jezus geen historisch persoon is is blijkbaar net zo min een probleem als voor de liefhebber van Tolkien het feit dat The Lord of the Rings geen historie is.
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas Brodie

Berichtdoor Rereformed » 18 jul 2014 08:54

In september 1968 werd Brodie via de Lufthansa naar Trinidad verplaatst, waar hij leerde met muggen om te gaan. En kijkend naar de oceaan zag hij een oceaan van boeken geschreven door Wellhausen, Gunkel, Bultmann, de Vaux, Albright, Benoit, C.H. Dodd, en Raymond Brown. Omdat hij ook les moest geven was hij heel blij met de in 1968 gepubliceerde Jerome Bible Commentary (JBC).

Het begon bij hem te dagen dat er de hele geschiedenis door al twee scholen van uitleg hebben bestaan, de symbolische uitleg van Alexandrië en de letterlijke van Antiochië, beiden op 300 km afstand van Jeruzalem.
De grootste held en het grootste voorbeeld van de Alexandrijnse school was Philo. Hij was in staat om overal een diepere betekenis uit te halen, om alle hellenistische opvattingen ook in de bijbel terug te vinden. Grote Alexandrijnse kerkvaders waren Clement van Alexandrië en Origenus. Via deze mannen kreeg de allegorische bijbelinterpretatie een dominante plaats.

Antiochië was (na Rome en Alexandrië) de derde grootste stad van het Romeinse Rijk. Paulus schijnt er te hebben gekibbeld met Petrus en Ignatius was er bisschop totdat hij werd weggevoerd naar Rome om te sterven als martelaar. De theologische school die daar in de vierde eeuw opbloeide had vooral zijn inspiratie uit Lucianus, Diodorus van Tarsus, Theodorus van Mopsuestia en Johannes Chrysostomus. eerstgenoemde stierf in 312 en de laatsgenoemden allemaal rond 400.

Hoewel er dus een letterlijke en allegorische bijbelinterpretatie bestond waren de twee in de praktijk altijd met elkaar verwoven. Voor de liefhebbers werden er soms wel vier betekenissen onderscheiden: letterlijk - allegorisch - moreel - eschatologisch. Opgemerkt kan worden dat drievierde van de interpretaties dan symbolisch zijn. En zo behielp men zich in de middeleeuwen om er voor gelovigen wat van te maken.
Maar omstreeks 1500 kwam er een ommezwaai.
Men heeft dit in verband gebracht met de revolutie in het denken van Copernicus en Galileo. Voor veel mensen was dit een revolutie in het denken die niet gerijmd kon worden met wat in de bijbel stond. Via deze kwestie kwam dus de letterlijke interpretatie van de bijbelteksten opeens in het voetlicht te staan en werd de kerk gedwongen tot uitspraken erover. De kwestie kwam tot een hoogtepunt vanwege de Reformatie. De Reformatoren beklemtoonden de letterlijke waarheid van de bijbelverhalen. De katholieke kerk had als antwoord: "If you go literal, we'll outdo you" (McMullin 2010). De vrijheid om de bijbel op verschillende manieren te interpreteren werd steeds meer ingeknot en de klemtoon kwam te liggen op gehoorzaamheid aan de kerk. De oprichting van de Jezuïeten was een belangrijk onderdeel in deze ontwikkeling.
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas Brodie

Berichtdoor Rereformed » 18 jul 2014 11:19

Brodie vervolgt met een schets te geven van de volgende klappen die het christelijk geloof te verduren had. De geologie kwam in 1795 via James Hutton zijn woordje spreken, in 1830 werd dat woordje versterkt door Charles Lyell (Principles of Geology). Aan het eind van de 19e eeuw kwamen sommigen al uit op miljarden jaren ouderdom van de aarde. Vervolgens kwam het boek van Charles Darwin (1859). Dertien jaar later kwam de ontdekking (George Smith) dat het zondvloedverhaal geen uniek verhaal was maar terugging op een oudere literaire traditie teruggaand naar één van de oudst bekende literaire werken op aarde, het Gilgamesh-epos.
In 1901 reageerde de katholieke kerk op de vraag of de argumenten tegen een letterlijke opvatting van Genesis doorslaggevend waren. Het antwoord was negatief, men werd opgeroepen om vast te houden aan de letterlijke waarheid.

In 1922 werd in Tennessee het doceren van de evolutietheorie of welke theorie dan ook die tegen de bijbel inging verboden, hetgeen resulteerde in een rechtszaak, de Scopes Trial. (John Scopes was een leraar die de nieuwe wet overtrad). De rechtzitting was de eerste die werd uitgezonden op de radio. William Jennings Bryan fungeerde in deze rechtszaak prominent als een van de openbaar aanklagers. Op de laatste dag haalde Clarence Darrow, de advokaat voor de verdediging, een laatste kaart uit zijn mouw en riep hij Bryan op voor een verhoor. Hij vroeg hem twee uur lang uit over wetenschappelijke zaken en bracht op die manier Bryans onkunde in de wetenschappelijke achtergrond van de evolutietheorie aan het licht. Uiteindelijk werd Scopes toch schuldig bevonden, maar werd de zaak beschouwd als een overwinning van de evolutionisten.

In 1948 ging de katholieke kerk eindelijk overstag en sprak zij uit dat "het niet langer noodzakelijk is om te onderwijzen dat Adam en Eva historische personen zijn." In 1955 werd dit aangevuld met "Zolang geloof en moraal maar niet ondermijnd werden was het onderzoekers geoorloofd eerdere decreten 'in alle vrijheid' te interpreteren." De frase 'in alle vrijheid' werd per ongeluk nog weggelaten bij het drukken van de tekst. :wink:

Het einde van de zestiger jaren was dus voor katholieke bijbelvorsers een heel nieuw begin, en dit gaf ook veel verwarring. Brodie verhaalt:

Brodie: "Op een dag toen ik Genesis onderwees gaf ik zonder er bij na te denken de studenten een conclusie die ikzelf had gehoord uit de mond van een hooggerespecteerde Dominicaanse leraar in Rome, Pieter Dunker: het bijbelse verslag over Abraham was een verhaal, een verhaal met een krachtige boodschap, maar niet historisch. Meteen toen ik het uitgesproken had gingen er veel handen omhoog. Wat bedoelde ik daarmee? Ik schraapte mijn keel een paar keer en zei enkele malen 'Ah'. Daarna zei ik dat ik er de volgende dag wel op terug zal komen.
Meteen na het lesuur liep ik naar de privévertrekken met de geruststellende gedachte dat ik het eens iemand zou vragen. Er was altijd wel een eminente geleerde die je over zoiets kon bevragen. Maar opeens stond ik stil. Ik zette mijn voet ferm in de grond, een detail dat me nog steeds bijstaat, keek naar de omgeving en zag geheel Trinidad voor me, van de Atlantische Oceaan in het oosten tot aan de Golf van Paria in het westen, uitkijkend op Venezuela. 'Je bent de enige op dit eiland'. Ik had helemaal niemand om te vragen."

Brodie begreep dat hij het vanaf nu zelf moet gaan uitzoeken. In eerste instantie kwam hij tot de conclusie dat de eerste elf hoofdstukken van Genesis inderdaad erg mythisch aandoen, maar het er vanaf Abraham meer uitziet als waargebeurde geschiedschrijving. Maar toen hij wat zaken in dat tweede gedeelte van Genesis plus de vervolgboeken op een rijtje zette zag dat er niet bepaald rooskleuriger uit: een Sara van boven de 90 krijgt een kind, Mozes en vooral Jozef spelen voorname rollen in Egypte, maar zijn nergens te vinden in de Egyptische geschiedenis, de muren van Jericho vallen niet alleen zo maar om, maar archeologisch onderzoek maakte uit dat die muur al voor het jaar 2000 voor de jaartelling afgebroken was. Salomo heeft 1000 vrouwen en bijvrouwen en liet bovendien nog een schitterende tempel bouwen waar nooit een spoor van gevonden is. enz. enz.

Tegelijkertijd zat hij Schweitzers beroemde Quest of the Historical Jesus (uit 1906) te bestuderen. Het zogenaamde Synoptische Probleem was eindeloos ingewikkeld en verwarrend en voelde aan als uiteindelijk ongrijpbaar. De prioriteit van het evangelie van Marcus scheen inmiddels wel beslist te zijn, een speurwerk dat gedurende tientallen jaren door talloze wetenschappers werd uitgevoerd.
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas Brodie

Berichtdoor Rereformed » 18 jul 2014 17:07

In 1972 Brodie ervoer een tweede revolutie, een nieuw inzicht dat uiteindelijk tot een doorbraak leidde. Hij was uitvoerig bezig met Deuteronomium toen hij opeens de gedachte uitsprak: 'Dit is precies Matteus!' De klemtoon op gemeenschap, de redevoeringen, de zegeningen en vervloekingen, de omgeving van de berg ... Aangezien hij zich aan het voorbereiden was voor een examen in Rome moest hij de gedachte van zich afzetten. De volgende dag echter werd hij bij het lezen van de Elia-Elisa episodes geconfronteerd met een verbazende overeenkomst met Lukas-Handelingen. En Wijsheid 6 kwam men op een bepaalde manier weer tegen in het gesprek tussen Jezus en Pilatus in het evangelie van Johannes.

Na het examen besloot Brodie om de Septuaginta te kopen, de Griekse vertaling van het oude testament. Men weet dat de NT-schrijvers de Griekse versie van de bijbel lazen en aanhaalden. En hij begon aan het moeizame werk om de tekst van Matteus met die van Deuteronomium te vergelijken. Tot aan hoofdstuk 15 schenen er geen connecties te zijn. Maar opeens kwam in hoofdstuk 15 het onderzoek tot leven. De nadruk op 'kwijtschelden' van schuld vindt men terug in Mt. 18 waar ook over kwijtschelding gesproken wordt. Bovendien is het Griekse woord voor schuld in Dt., daneion, enkel in Mt. 18 ook te vinden. Brodie maakte een voorzichtige conclusie dat Matteus zowel eerste-eeuws bronmateriaal had gebruikt (oa. Marcus), maar ook had geput uit Dt. 15. Meer en meer kwam naar boven en Brodie deed niets anders dan dit spannende onderzoek voortzetten, zodat hij zonder diploma kwam te zitten voor zijn vervolgstudie in Jeruzalem. Toen hij het eindproduct van zijn onderzoek voorlegde aan een professor die zijn studie moest begeleiden werd het met volkomen afwijzing beloond: ni la méthode, ni la logique! De professor legde uit dat hij de verschillende evangeliën naast elkaar moest leggen en dan de Q-bron in aanmerking moest nemen. Het was volkomen nutteloos met een professor te argumenteren en hij begreep dat hij zijn speurwerk om de connecties tussen OT en NT na te speuren moest opgeven. Hij was namelijk van plan om daar zijn dissertatie over te gaan schrijven, maar dat zou geen kans maken. Pas twintig jaar later publiceerde Brodie zijn studie aangaande de connecties tussen Dt. 15 en Mt. 18.
Toch was het niet helemaal een teleurstelling, want Brodie kwam er ook een andere professor tegen, de professor in OT-studies Langlamet. Toen Brodie zijn bevindingen aan hem vertelde was de onmiddellijke reaktie van deze professor dat 'it makes immediate sense to him'. Hij zei dat het een vorm van 'midras' was. Hij had zelf al eens gespeeld met deze gedachte, maar had er nooit een grondige studie van gemaakt. Een andere professor, Boismard, die zich enkel met het evangelie van Johannes bezighield, vroeg hem enkel: "Are you learning?" Toen hij daar het antwoord 'ja' op kreeg gebood hij: "Then stay with it!"

Hierdoor werd Brodie aangemoedigd. Hij ploeterde maar eindeloos voort en kwam uiteindelijk tot de conclusie dat Matteus' gebruik van Deuteronomium zeer gecompliceerd is:

1) - Een kleine kern uit het evangelie, vijf zaligsprekingen, vijf antithesen en de uitroep 'Ik dank U Vader' was geleend van Deuteronomium. Het was als een op zichzelf staande uiterste samenvatting van het boek Deuteronomium. Brodie gaf het de traditionele naam Logia. Ook had Matteus wat geleend uit het boek Sirach.
- Het evangelie als geheel kon gezien worden als een soort herschrijving van het boek Deuteronomium.

2) Vervolgens richtte hij zich op Lucas-Handelingen. Tien hoofdstukken uit Lucas en de eerste vijftien uit Handelingen leunen zwaar op het gebruik van de Septuaginta. De andere helft van die boeken juist niet. Brodie wist niet dat andere scholars dit ook al hadden opgemerkt. Ook wist hij nog niet dat C.F. Evans in 1955 al een studie had gepubliceerd waarin hij verbanden uiteenzette tussen het laatste deel van Lucas (het zogenaamde reisverslag) en het boek Deuteronomium. Brodie wist wel dat er ooit een kortere versie van Lukas-Handelingen bestond. Die wordt door wetenschappers Proto-Lukas genoemd.

3) Wat Marcus betreft gaf hij de moed op. Zijn connecties met het OT schenen te gecompliceerd om er wijs uit te worden. Maar op een zondagse wandeling kreeg Brodie de inval om eens te gaan kijken of Marcus misschien weet had van een NT-epistel. Hij kreeg hier inderdaad indicaties van. Ook de andere evangelisten schenen uit sommige NT-epistels te putten.

4) Tenslotte kwam Brodie tot de tentatieve conclusie dat iedere evangelieschrijver bekend was met de voorgaande evangelies. Brodie zocht zo intensief naar al die connecties en werd zo overweldigd door steeds weer nieuwe voorlopige conclusies dat hij voor het eerst in zijn leven soms niet bij machte was de slaap te vatten. Hij probeerde tot rust te komen en kwam een tijdje in een Jeruzalems ziekenhuis terecht en schreef deze outline van zijn hypothese op:

Griekse OT, voornamelijk Deuteronomium



De Logia van Matteus, gedestilleerd uit Dt. en Sirach



Vroege epistels, vooral 1 Korintiërs



Eerste vorm van Lukas-Handelingen, gemodelleerd op de Elia-Elisa verhalen



Marcus


Matteus (met gebruikmaking van Dt.)



Johannes



Eindversie van Lukas-Handelingen

Iedere vervolgschakel in dit schema maakt gebruik van alle voorgaande, hoewel de afhankelijkheid op verschillende manieren zichtbaar wordt. Wat Brodie allereerst te doen stond was niet de implicaties ervan uit te zoeken, maar allereerst eenvoudig te verifiëren of dit schema correct was. Hij wist dat dit lange tijd zou vergen.
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas Brodie

Berichtdoor Rereformed » 19 jul 2014 10:54

Het eerste wat hem nu bezighield - nog steeds in 1975 - waren de aanwijzingen dat de NT-epistels deel uitmaakten van een ingenieus literair proces waar bepaalde verhalen uit het OT - vooral de Pentateuch - getransformeerd werden tot christelijke boodschappen. De brieven werden vervolgens op hun beurt weer getransformeerd tot Evangeliën en Handelingen. De eerste brief aan de Korinthiërs stond hierbij centraal. Hoewel het een eerste eeuwse setting had was het helemaal verzadigd van het oude testament, vooral de Pentateuch, en daaruit weer vooral Deuteronomium. En die brief had weer zijn weerslag op wat men Proto-Lukas zou kunnen noemen, de oorspronkelijke versie van Lukas-Handelingen.

Verder onderzoek bevestigde steeds het schema. De hele speurtocht kan men nalezen in het dikke wetenschappelijke boek dat uiteindelijk in 2004 gepubliceerd werd, The Birthing of the New Testament. De eerste versie van dat boek was al af in 1975. Brodie ging er onmiddellijk mee naar een uitgever. De uitgever had als reaktie dat het een probleem was dat hij uitkwam op de conclusie dat Jezus nooit bestaan heeft. Een tweede uitgever had dezelfde bedenking en voegde er aan toe: "It's not just that we won't take it. Nobody will take it".
Brodie zette ondertussen zonder ophouden steeds maar het testen van zijn hypothese voort. Wat de evangeliën betreft kwam hij bij ieder aspect van Jezus' leven uit op een afhankelijkheid van een oudere tekst, de brieven uit het NT en het OT.
Voor hem was 1 Korinthiërs wat de doorslag gaf.

"Ik wist dat ik de bronnen van de brief nog niet volledig had uitgeplozen, maar ik had voldoende en consistent bewijsmateriaal, vooral wat betreft de afhankelijkheid van de Pentateuch (met name Numeri en Deuteronomium), om tot de conclusie te komen dat de Jezus die Paulus naar voren brengt gedestilleerd is uit deze oude joodse literaire tradities. Zelfs de lijst van vijf verschijningen van de opgestane Jezus (1 Kor. 15:5-9) kan men zien als een transformatie van vijf verschijningen van de Heer gedurende de crisis die beschreven wordt in Numeri 11-17 (Num. 11:25, 12:5, 14:10, 16:19, 17:7)."

Op een avond in gezelschap van een vriend overhandigde Brodie één bladzijde van zijn boek, een bladzijde waar de exacte woordelijke overeenkomst te volgen was tussen Genesis 1-4:16 en 1 Kor. 6:12-8:13.

"Mijn vriend nam zijn tijd om het te bestuderen, en legde het uiteindelijk op tafel neer, terwijl hij uitsprak: 'precies in dezelfde volgorde... dezelfde volgorde afgezien van af en toe heel kleine modificaties'. We richtten ons vervolgens op de evangeliën, en discussieerden over in welke mate ze het product zouden kunnen zijn van een herschrijving van ouder literair materiaal. Opeens sprak hij uit: 'Dus we zijn weer terug aangeland bij Bultmann: we weten helemaal niets van Jezus.'
Ik pauzeerde voor een moment.
'Het is erger dan dat.'
Er volgde een stilte.
Daarna zei hij: 'Hij heeft nooit bestaan.'
Ik knikte.
Er volgde opnieuw een stilte, een hele lange stilte, die eindelijk doorbroken werd toen mijn vriend vriendelijk knikte en zei: 'It makes sense'.

Vervolgens vatte Brodie het plan op om een groep Dominicaanse scolars te verzamelen die gezamenlijk zijn manuscript zouden bestuderen en dan hun kritiek erop zouden afvuren. Hij nam daarvoor contact op met de Magister Generalis, de algemene studiebegeleider te Rome. Deze man luisterde geduldig en bladerde het manuscript door. Brodie bracht de conclusies ervan onder zijn aandacht. Daarop liet de man weten: "Maar zoiets kun je echt niet gaan verkondigen". Brodie legde uit dat hij zijn conclusies helemaal niet wilde verkondigen, enkel de methode en bevindingen die hij deed onder de aandacht brengen van anderen, en te zien of de methode overeind zou blijven staan na academische druk erop. Indien het tegen die druk niet bestand zou zijn zou hij zijn hele project kunnen vergeten en in alle rust kunnen begraven.
Uiteindelijk was het antwoord negatief, met als reden dat er geen groep geleerden zo maar even hun tijd kan vrijmaken om dit studieproject onder handen te nemen.

Vervolgens probeerde Brodie delen uit zijn manuscript te publiceren in wetenschappelijke tijdschriften. Eén tijdschrift liet weten dat er een wachttijd van twee jaar was. een ander tijdschrift liet weten dat niemand de competentie had om het materiaal vooraf te kunnen beoordelen. Maar een derde tijdschrift nam het materiaal met grote interesse aan. De redacteur zei de volgende morgen contact op te nemen. Niemand belde, zodat Brodie zelf maar contact op nam. De redacteur was niet bereikbaar, maar iemand anders liet weten dat Brodie zijn manuscript kon ophalen. Het lag klaar met een briefje erop waar op stond: "I am not interested in this or anything of a similar nature".

Brodie stapte het gebouw uit en schrijft dat hij met tranen in zijn ogen op de trap van een kerk ging zitten en de hele tijd maar herhaalde: 'They're not going to believe it. Nobody is ever going to believe it'.
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas Brodie

Berichtdoor Rereformed » 19 jul 2014 14:27

In 1976 besloot Brodie om naar Amerika te gaan en daar in Florida met lesgeven in het Spaans £ 3000 te verdienen om het boek in eigen beheer te kunnen uitgeven. Twee jaar later moest hij dit plan opgeven toen hij op een vraag van het Ierse hoofd van de Dominicanen (die de titel Provincial draagt) waar hij tegenwoordig mee bezig was, van zijn plan vertelde. 'Maar dat is dol en dwaas! Zelfs een landelijk hoofd van de Dominicanen mag niet zoveel geld spenderen zonder anderen hierbij te consulteren!'

In 1978 kreeg Brodie een diepe crisis van depressie in zijn leven. Hij bezocht een symposium van wetenschappers en voelde dat hij op een volkomen ander spoor zat. En wanneer hij wat over zijn zienswijze zei kreeg hij enkel wat gemompel als reaktie. De mensen tegen wie hij zou moeten opboksen hadden allemaal prestigieuze titels. Hij zette zijn pogingen om artikels met uittreksels van zijn werk gepubliceerd te krijgen nog zonder succes steeds voort.

Brodie: "Het voordeel van afwijzingen krijgen was dat ik dat kon gebruiken in mijn lessen. Het gaf me de vrijheid om de studenten wat van mijn eigen onderzoeksmateriaal voor te leggen, want dan kon ik na die presentatie iets zeggen in de trant van 'Dit is wat ik erover denk, en dit is een professionele reaktie daarop'. Ik las dan vervolgens die reaktie voor, inclusief de redenen waarom het niet geaccepteerd werd. En dan konden de studenten ermee worstelen.
Op een keer toen ik zo'n afwijzing van CBQ (Catholic Biblical Quarterly) had voorgelezen vroeg één van de studenten: 'Is dat de eerste maal dat uw werk niet geaccepteerd wordt?'
'Nee, dit is de vierde maal'.
'Vier uit hoeveel inzendingen?'
'Vier uit vier.'
Stilte.
'Well. we love you anyway.'
Buiten de leszaal opende ik zelden of nooit mijn mond over het feit dat ik een bijzondere kijk had op de manier waarop de bijbelteksten waren ontstaan. In de weekenden moest ik vaak ergens in een kerk preken, maar dan lukte het me altijd wel om me te concentreren op een boodschap die niets met historiciteitsproblemen te maken hadden. Maar soms had je die gesprekken met individuen over de bijbel, die konden uitmonden op probleemstellingen aangaande historiciteit. Ik probeerde dat dan zoveel mogelijk uit de weg te gaan. Eén vrouw kreeg een keer het gevoel dat ik iets verzweeg. Zij en haar familie waren bevriend geraakt, maar ik hield altijd een slag om mijn arm en was altijd bang voor de gevolgen voor haar geloof wanneer ik haar zou vertellen wat ik er allemaal over dacht. Ik leefde constant met die gedachte wanneer ik met een gelovige in gesprek was.
Op een avond was ik bij haar op bezoek en waren we met z'n tweeën alleen, allebei op de bank gezeten in de woonkamer. Haar man en kinderen ergens anders mee bezig. We converseerden rustig en gezellig totdat het gesprek uitmondde op wat ik deed. Ze vroeg me toen heel direct welke zaak in de bijbel mij het meest kopzorg bezorgde. 'Uiteindelijk draait het allemaal om Jezus', antwoordde ik haar. Ze wilde er het fijne van weten. Ik hield me fysiek zo goed als het lukte bij elkaar en staarde maar naar het vloerkleed. Toen keek ik haar aan.
'Hij heeft nooit echt bestaan'.
'O, is dát het. Dat dacht ik ook altijd als jong meisje!'
Die avond kreeg ik driemaal een huilbui, iets wat ik nooit eerder in mijn leven ervaren had, alsof schokken van emoties zich een uitweg baanden. Eerst op die bank, daarna toen ik naar huis reed en nog een keer toen ik midden in de nacht wakker werd en merkte dat ik rechtop zat. Ondertussen verstuurde ik maar artikelen om ze ergens gepubliceerd te krijgen. De vier afwijzingen uit vier werd tien uit tien. Toen ik eens een hoofdredacteur ontmoette op een conferentie en hem om advies vroeg was zijn antwoord: 'Try another journal'."
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas Brodie

Berichtdoor Rereformed » 20 jul 2014 14:12

In 1980 besloot Brodie om zijn dissertatie te schrijven om zijn doktorstitel te verkrijgen. Hij verliet daarvoor Florida en deed dit werk in Berkeley (Californië), waar zijn begeleider die normaal gesproken in Rome resideert, toevallig voor langere tijd was. Zijn onderwerp was getiteld: Luke the Literary Interpreter: Luke-Acts as a Systematic Rewriting and Updating of the Elijah-Elisha Narrative in 1 and 2 Kings. Toen hij het een jaar later af had verhuisde hij naar New Haven (niet ver van New York), waar de Yale Divinity School zich bevindt via een recommendatie voor research fellowship. Gedurende de volgende jaren kreeg hij eindelijk wat artikelen gepubliceerd in zowel gerenommeerde tijdschriften (Biblica en CBQ)als ook in een boek met verzamelde essays.
Brodie zette zijn studie voort door een jaar te staren op Johannes 9. Het evangelie van Johannes had hem tenslotte altijd zo geïntrigeerd.

"Ik zat voor het merendeel van het jaar 1982-1983 met een pagina voor me waar twee kolommen Griekse tekst op stond: het verslag van Johannes 9 over de blindgeborene en de Synoptische tekst die er het meest op leek, Marcus 8:11-9:8. Voorbijlopende studenten maakten over mijn schouder vaak een licht spottende opmerking 'You and that page". Er waren wel tientallen connecties, maar geen duidelijk patroon, zodat het bewijsmateriaal als geheel niet overtuigend was. Ik realiseerde me dat ik de bronnen van Johannes 9 probeerde uit te leggen zonder dat ik de betekenis die Johannes eraan gaf had ontdekt. Toen ik daarachter wilde komen moest ik al gauw andere hoofdstukken erbij betrekken."
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas L. Brodie

Berichtdoor Rereformed » 21 jul 2014 03:57

Ik kreeg net van Fish een link naar een boekbespreking en evaluatie van Brodie's werk en opinies: http://www.mythicistpapers.com/2013/03/ ... odie-pt-1/ , geschreven door..., ja, wie eigenlijk? Via veel doorklikken op de site meende ik uiteindelijk te moeten concluderen dat de tekst geschreven is door René Salm, en dat die man een hoop interessants te vertellen heeft. Toevallig heeft hij met mij gemeen dat hij ook muziek heeft gecomponeerd en in linguistiek is geïnteresseerd. Hij heeft ook een boek geschreven: http://www.amazon.com/The-Myth-Of-Nazar ... 1578840031

Ik weet verder niets van hem, maar de kwaliteit van zijn boekbespreking is in ieder geval hoog. De boekbespreking is in maar drie delen. :wink: Voor iemand die wat sneller vooruit wil met dit topic en het Engels beheerst is dat dus het adres.
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas L. Brodie

Berichtdoor Rereformed » 21 jul 2014 05:15

We zijn aangekomen op hoofdstuk zeven van Brodie's boek Beyond the Quest for the Historical Jesus. Het is het belangrijkste hoofdstuk uit het boek waarin hij 25 bladzijden lang een illustratie geeft van hoe zijn onderzoek exact te werk gaat. Dit hoofdstuk is veeleisend van de lezer, zelfs de Griekse grondtekst krijgt men voorgeschoteld.

Brodie legt ons Lukas 9:57-10:20 en 1 Koningen 19 voor. Eerst geeft hij globale overeenkomsten op, connecties die zo duidelijk zijn dat ze door menige wetenschapper al zijn opgemerkt. Hieruit is door sommigen (bijv. John P. Meier) de conclusie getrokken dat Jezus zich een opvolger van Elia en Elisa wist en zijn leven naar die grote profeten modelleerde (het evangelie maakt er ook gewag van dat men algemeen de terugkomst van Elia verwachtte). Brodie maakt echter vervolgens een minutieuze analyse van de teksten, waarna de connecties zo duidelijk worden dat men wel móet concluderen dat Lukas de tekst van 1 Koningen naast zich heeft gehad en gebruikt heeft om zijn eigen tekst te schrijven. We kunnen hieruit dus geenszins conclusies trekken over een historische Jezus, noch over een mondelinge traditie, maar enkel over literaire technieken van de evangelieschrijver, en dat het verhaal geheel via hem ontstaat.

Ik heb geruime tijd geprobeerd dit speurwerk te condenseren en hier voorbij te laten gaan, maar geef het op, het lukt me niet. Wanneer ik het doe doe ik geen recht aan Brodie. Je moet daarvoor bovendien de Griekse tekst van Lukas vergelijken met de Griekse tekst (de Septuagintavertaling) van 1 Kon. 19. Onze bijbelvertaling van het OT is gebaseerd op het Hebreeuws en dus niet behulpzaam.

Ik geef daarom enkel een vertaling waarmee Brodie het zelf op het eind allemaal samenvat:

Brodie:
"Samenvatting
Het doel van dit hoofdstuk was om uit te zoeken of er mogelijk een literaire achtergrond of bron bestond voor de driedubbele uitdaging die Jezus zijn discipelen geeft (Lk. 9:57-62). De hoofdresultaten zijn de volgende:
De context van de driedubbele uitdaging - een reis tot de dood, een in het verschiet liggende opname tot de hemel, en een veronderstelling dat Jezus de macht heeft om vuur uit de hemel op te roepen (9:51-56) - doet meteen denken aan het verslag van Elia in het OT. Elia staat ook onder doodsbedreiging, heeft ook de macht om vuur uit de hemel te gebieden en vaart op naar de hemel. Het verhaal over Elia beslaat nauwelijks acht hoofdstukken, zodat het niet moeilijk is om een initial check uit te voeren om te zien of de driedubbele uitdaging met bepaalde zaken in verband gebracht kan worden. Aangezien er een veelvuldig opgemerkte connectie bestaat tussen de derde uitdaging met de woorden "Wie de hand aan de ploeg slaat en achterom blijft kijken..." en het derde deel van de dramatische reis van Elia naar Horeb, waar de jonge man Elisa, die aan het ploegen is, geroepen wordt (1 Kon. 19), ligt het voor de hand die tekst te gaan bestuderen.
We worden meteen aangemoedigd door de openingszin waarmee Elia's reis begint (vers 4). De acht woorden daaruit bevatten allen variaties uit de zes openingswoorden waarmee Lukas de reis van Jezus mee laat beginnen (Lk. 9:57). Verder onderzoek wijst uit dat er vergaande gelijkenissen en aanpassingen te bespeuren zijn. De stijlvorm die Lukas gebruikt, een serie van drie herhalingen van beknopte uitwisselingen heeft hij al eerder gebruikt in de antwoorden die Johannes de Doper geeft op mogelijke volgelingen (Lk. 3:10-14). Deze uitwisselingen bevatten ook iets van de herhalingen in 1 Koningen 19. Zowel het verslag in 1 Koningen als dat van Lukas bevatten drie delen, maar in beide gevallen ligt het zwaartepunt op het middendeel. In 1 Koningen is die meer uitgewerkt. Het hart van dit deel is een variatie op het thema 'de roeping van OT-profeten'. Lukas verandert gebeurtenissen in 1 Koningen in metaforen. 'Niet kunnen blijven liggen omdat er voedsel aan het hoofdeinde wordt geplaatst' verandert hij in 'geen plaats hebben om zijn hoofd neer te leggen'. De nadruk op de doden wordt een metafoor voor de geestelijk doden. En Gods bevel om koningen te zalven wordt een oproep om het Koninkrijk van God te proclameren. En ploegen wordt een metafoor van de ploeg. Benevens 1 Koningen gebruikt Lukas ook andere teksten uit het OT.
Verdere analyse brengt gelijksoortige werkwijzen van Lukas tot in alle details naar boven. Zelfs het herhaalde gebruik van onbepaalde voornaamwoorden waarmee Jezus aangesproken wordt (iemand, een ander, een ander) is een herhaling en variatie op het onbepaalde voornaamwoord van de 'iemand' die Elia in de woestijn aanspreekt (1 Kon. 19:5, septuaginta). In essentie wordt ieder woord, ieder beeld van de gehele tekst uit Lukas met de driedubbele uitdaging gebouwd op ofwel de septuagintatekst van 1 Kon. 19 of op de woordkeus die eigen is aan Lukas. In bepaalde gevallen heeft de woordenschat die Lukas eigen is connecties met de NT-brieven, hetgeen de vraag opwerpt wat de relatie is met die brieven, maar zelfs zonder deze vraagstelling op te lossen blijft dit wezenlijke feit staan dat de combinatie van Septuaginta als bron, aangevuld met de literaire stijl van Lukas zelf - zijn meesterlijke kundigheid als christelijke evangelist om de boodschap van Christus op de gemeente over te brengen - volledig de gehele tekst van de driedubbele uitdaging verklaart.
In een aantal gevallen lijkt Lukas een andere bron te weerspiegelen, bijvoorbeeld wanneer hij verwijst naar 'de vossen en vogels', maar die passen volledig in het beeld van de woestijn/wildernis en kunnen bovendien elders gevonden worden in de Septuaginta. De uitdrukking 'des hemels' die volgt om de vogels te beschrijven past bij de contekst van de passage, waar voortdurend naar 'de hemel' verwezen wordt. Zelfs ongebruikelijke woorden zoals "sta (me) toe", "waardig", "afscheid nemen" zijn met zekerheid te duiden als behorend tot typisch Lukas' spraakgebruik.

Conclusie
Het resultaat van deze werkwijze is dat de sub-tekst, 1 Koningen 19, niet geredigeerd is. De tekst is getransformeerd. Er is inderdaad sprake van redaktie in de Evangeliën, en ook in andere bijbelboeken, maar zoals John van Seeters in 2006 al heeft opgemerkt is de rol van het redigeren in de bijbelcomposities veel te groot gedacht. Deze rol is in het bijzonder sterk overdreven in de discussies aangaande Q. Aangezien in de reguliere opvatting zowel Matteüs als Lukas Marcus geredigeerd zouden hebben veronderstelt men vaak dat ze dit ook met andere bronnen hebben gedaan. Als een werkhypothese kan zo'n veronderstelling nuttig zijn, maar men moet ruimte voor andere scenario's, zoals transformatie, openhouden. In het onderhavige geval is er geen enkele reden om te denken aan redigeren van een al bestaande tekst, maar is de meest eenvoudige verklaring voor de tekst de transformatie van de Septuaginta, met een mogelijkheid dat Lukas ook nog uit de NT-brieven geput heeft. De meest eenvoudige verklaring heeft altijd de voorkeur. In dit geval is het veronderstellen van Q niet gerechtvaardigd.
Matteus heeft een gelijksoortige maar kortere versie van deze uitdagingen (Mt. 8:19-22). Dit is gemakkelijk te verklaren: Matteus gebruikte Lukas en kortte de tekst in, zoals hij ook vaak doet met de tekst van Marcus.
Wat belangrijk is en aan de hand van deze illustratie duidelijk werd, is dat de literaire wortels van de tekst van het evangelie tot in behoorlijke details en bewijsbaar kunnen worden aangewezen. De manier waarop Lukas 1 Koningen 19 heeft herbewerkt laat een ongelooflijke opmerkzaamheid zien, zich uitstrekkend van de gehele reikwijdte van de oudere geschriften tot in de kleinste details van hun opmaak. Hij destilleert de essentie van de boodschap in de tekst, maar oogst ook vele akties als metaforen. Hij behoudt vele details waarmee iets van het originele oude weefsel overeind blijft en de nieuwe tekst eenzelfde karakter verleent."
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas L. Brodie

Berichtdoor Rereformed » 23 jul 2014 06:48

In Beyond the Quest is deel vier genaamd "De begravenis". Brodie legt hier uit hoe hij geleidelijk aan afstand moest nemen van het axioma dat de evangeliën (en OT-bijbelboeken die op ons overkomen als geschiedenis) gebouwd zijn op een traditie van mondelinge overleveringen.
In hoofdstuk zes van zijn boek The Birthing of the NT gaat hij hier uitgebreider op in. Ik geef daarom een verslag van wat hij in laatstgenoemd boek erover zegt.
Brodie begint met het aanhalen van meer recente schrijvers die tot dezelfde conclusie als hij is gekomen:

"Toen Gunkel zijn onderzoek uitstrekte tot vormkritiek (genres), was hij niet alleen verantwoordelijk voor een verandering in methoden, maar zette hij zich ook af tegen één model. Wat hij schrijft in de inleiding tot Genesis uit 1901 illustreert echter hoezeer zijn eigen model eveneens een product van verbeelding is. Zijn voorgangers, zo zegt hij, beschouwden de bijbeltekst alsof het een werk was dat geproduceerd werd in een bureau, terwijl hij zich een verhalenverteller voorstelt, omringd door luisteraars, die een overgeleverd verhaal opnieuw vertelt. Hij stelde zich een gemeenschap voor die regelmatig bij elkaar kwam en gebruik maakte van een verzameling die speciaal voor die gelegenheden werd geschreven." (Luis Alonso Schökel, 1985)

"Te denken dat de Hebreërs eenvoudige mensen waren die, gezeten naast hun tenten verhalen opnieuw vertelden, die later uiteindelijk werden opgeschreven, te denken dat de bijbelboeken de echo zijn van een puur orale traditie is een misstap (une conception aberrante). Een tekst als Genesis is een doorwrochte schitterende creatie (magnifiquement surélaboré). Het is niet slechts een geschreven creatie, maar één zoals niemand ooit geschreven heeft. In de hele wereldliteratuur is mij geen werk bekend waarin zozeer gebruik wordt gemaakt van woordtechniek, een wetenschap van uitdrukking, tot zo'n kunst verheven." (André Chouraqui, 1975)

Brodie:
"Mondelinge overlevering is uiteraard al zo oud als de mensheid, en we kunnen deze cultuur ook in het NT gemakkelijk terugvinden. Maar de kwestie is of de inhoud van de evangelies en Handelingen ook daaruit gegroeid is of niet. Ooit dacht men dat ze puur het werk waren van schrijvers. De evangelisten zouden of ooggetuigen geweest zijn of hun informatie verkregen hebben van oogetuigen (bijvoorbeeld Marcus van Petrus en Lukas van oa Paulus). Aan het begin van de 20ste eeuw veranderde deze opvatting en kwam de opvatting van orale traditie in zwang. Hier werd door Wellhausen al op gewezen, maar het was pas H. Gunkel die het in zijn commentaar op Genesis helemaal uitwerkte en centraal stelde. Het contrast tussen de opvatting van Gunkel en bovengenoemde Chouraqui kan niet groter wezen. Gunkel schiep een nieuw paradigma. In de periode 1905-1911 werden zijn ideeën door Wellhausen toegepast op het NT. Bultmann somde deze studies in 1926 op: "De oudste traditie zijn bijna in zijn geheel zeer korte snippers van informatie... ze vormden nog geen voortgaand verhaal over Jezus. Pas toen deze fragmenten werden verzameld werden ze in zo'n doorlopend verhaalvorm gegoten. Wellhausen liet zien dat de inbreng van de evangelisten secundair was, als ook dat de orale traditie gestadig meer en meer uitspraken van Jezus produceerde."
Deze nieuwe ideeën werden ook overgenomen door K.L. Schmidt (1919), M. Dibelius (1919) en Bultmann (1921). De klemtoon kwam te liggen op het feit dat de evangeliën geen literatuur zijn, niet het product van literaire schrijvers. Bultmann beschreef ze in 1931 zelfs met het woord 'Unliterarisch'. De gehele 20ste eeuw hield dit denkbeeld stand, zozeer dat het een axioma was.

Tot op zekere hoogte komt men nooit van orale overlevering af. Orale overlevering schuilt tot op zekere hoogte achter iedere literaire schrijver. Het is ahw de lucht die iedere schrijver ademt. Ook in de zin dat antieke literatuur veelal voorgedragen werd maakt het in zekere zin oraal. De vraag waar het dan ook om gaat is niet orale traditie op zich, maar tot op welke hoogte we die als centraal moeten beschouwen. Baseert de schrijver zich op orale overlevering of op schriftelijke bronnen. Neem Vergilius. Zijn dichtkunst is gemaakt voor het oor, en vele details eruit kunnen via mondelinge overleveringen ontstaan zijn, maar de basisbron voor het verhaal van Aeneas is de geschreven tekst van Homerus.
Gunkels opvatting echter was dat Genesis zowel wat betreft vorm als inhoud de weerslag is van orale overlevering. Niet erg vergezocht, aangezien men in Gunkels tijd enkel de keus had tussen de joodse opvatting: de wet van Mozes werd door God gegeven en door Mozes op schrift gesteld, waarnaast er nog een orale traditie bestaat (Mishna) met uitleg ervan, die ook door God was geïnspireerd, en wat antropologen ons vertellen: het bestaan van orale tradities in alle culturen waar het schrijven nog niet ontwikkeld is.
Het is nogal begrijpelijk waarom de joden hun mishna goddelijke autoriteit gaven, maar minder begrijpelijk is waarom Gunkel de antropologische uitleg voor orale culturen zo huid en haar opslokte en op de bijbel betrok. Zijn basisdenken was dat Genesis geen geschiedenis vertelt, maar sagen. En sagen komen altijd uit de oermist van orale overlevering. Maar hoe wist Gunkel dat Genesis uit sagen bestaat? Omdat er voor hem maar twee mogelijkheden waren, of het was geschiedenis, of het waren sagen, en op de eerste bladzijde van zijn commentaar vertelt hij dat Genesis onmogelijk geschiedenis kan zijn: "Geschiedschrijving is geen aangeboren eigenschap van de menselijke geest, maar ontstaat op een bepaald punt in de ontwikkeling van de menselijke geschiedenis. Ongecultiveerde volkeren schrijven geen geschiedenis." De rest is allemaal detail. Voor Gunkel waren er maar twee alternatieven: 'wetenschappelijke geschiedschrijving' en 'antieke' (zoals in Herodotus of de bijbel), waarbij de duiding 'ongecultiveerd' vooral past bij Genesis. Bij dat woordje past orale traditie ook perfect. Alles wat Gunkel nog nodig had was wat gelijkenissen tussen sagen en Genesis. Vervolgens werd geredeneerd dat Genesis oorspronkelijk bestaan had in fragmenten, korte episoden onafhankelijk van elkaar. Dit bewees Gunkel door er op te wijzen dat zowel de verhalenverteller als de luisteraar een beperkte mentale capaciteit hebben. Voor 'ongecultiveerde' mensen is een half uur vertellen of luisteren het maximum.
Tot slot van het proces komt dan eindelijk de bijbelschrijver erbij als verzamelaar en redacteur. In één klap had Gunkel de rol van de bijbelschrijvers gedegradeerd tot onbeduidend. Erger nog, Marcus werd in de regel uitgemaakt voor klunzig en lomp en Johannes voor 'verward en geïsoleerd'.

De kern van de kritiek op Gunkel is dat hij geen enkele criteria heeft voor zijn veronderstellingen. Hij 'stelt zich een verteller voor... hij ziet een gemeenschap'. Dit axioma is overgenomen door alle bijbelvorsers die na hem kwamen en ook op het NT toegepast. In het geval van Johannes heeft dit zich zo komisch ontwikkeld dat de beschrijvingen van 'de gemeenschap' zo uiteenlopen dat Kügler (1984) het 'science fiction' heeft genoemd."
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Re: Thomas L. Brodie

Berichtdoor Rereformed » 27 jul 2014 07:19

Rereformed schreef:Ik heb geruime tijd geprobeerd dit speurwerk te condenseren en hier voorbij te laten gaan, maar geef het op, het lukt me niet. Wanneer ik het doe doe ik geen recht aan Brodie. Je moet daarvoor bovendien de Griekse tekst van Lukas vergelijken met de Griekse tekst (de Septuagintavertaling) van 1 Kon. 19. Onze bijbelvertaling van het OT is gebaseerd op het Hebreeuws en dus niet behulpzaam.

Ik geef daarom enkel een vertaling waarmee Brodie het zelf op het eind allemaal samenvat


Yay! Ik kom net tot de ontdekking dat hoofdstuk 7 van Brodie's boek met toestemming van de uitgever on-line te belezen is op de site van Vridar:

http://vridar.org/2013/08/01/thomas-bro ... n-the-old/
(Een beetje naar onderen scrollen). Men kan het zelfs als Pdf-document downloaden.

PS. De discussie op de link naar Brodie's tekst is ook de moeite waard om door te lezen.
Born OK the first time
Avatar gebruiker
Rereformed
Moderator
 
Berichten: 13121
Geregistreerd: 15 okt 2004 12:33
Woonplaats: Finland

Volgende

Keer terug naar Boeken.

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers. en 1 gast