heeck schreef: ↑18 aug 2023 16:25Amerauder schreef: ↑18 aug 2023 14:55
A)
Zonder waarneming geen werkelijkheid.
B)
En dan is de vraag vaak: “maar als ik mijn ogen dichtdoe verdwijnt de werkelijkheid toch niet?” of: “Als ik ga slapen en weer wakker wordt, dan wordt ik toch wakker in dezelfde werkelijkheid?”
En het antwoord is dan: inderdaad, maar in die gevallen hou je dus ook niet op met waarnemen.
C)
Bedenk je bovendien dat er bij het waarnemen altijd informatie ontbreekt – die vullen we dan aan met middels de fantasie. Zou je geruime langer tijd niet in staat zijn om waar te nemen – dat is de hypothetische situatie waar jij naar lijkt te vragen – dan zou je de ontbrekende informatie aanvullen met verzinsels, en dan zou dat in zo’n geval dus helemaal niet zoveel verschillen van de reguliere situatie, waarin de fantasie immers evenzeer een uiterst belangrijke rol speelt.
Amerauder,
Zo kan ik helderder uit de voeten!
ad A)
Verdwijnt de werkelijkheid als ik niet waarneem?
De vraag is dus of dat kan, niet waarnemen. In de dood misschien?
And the world began when I was born, scrhijft Badger Clark, en daarop zou je kunnen voortborduren dat de wereld ook weer eindigt in de dood. Speculatief, maar wel interessant. En goed om er scherp op te blijven, zoals de materialist en andere fundamentalisten nogal eens uit het oog verliezen, dat wat er voor en na onze dood zou kunnen gebeuren per definitie verzinsel is. Zo ver reiken onze zintuigen nu eenmaal niet.
What good to me is a vague “maybe”
Or a mournful “might have been,”
For the sun wheels swift from morn to morn
And the world began when I was born
And the world is mine to win.
***
Je probeert er van het derdepersoonsperspectief naar te kijken, maar dat bestaat alleen in verhaaltjes. In onze wereld is altijd een waarnemer aanwezig, er is altijd een perspectief.
Hoe zou je kunnen spreken over de situatie ‘voor’ er sprake is van een werkelijkheid? We kunnen niet buiten de werkelijkheid treden, de werkelijkheid is alles wat er is. Ook het godenrijk, de onder- en achterwerelden, alternatieve dimensies, en wat je maar kunt verzinnen, ze maken er allemaal deel van uit.
Er is maar één werkelijkheid, maar er zijn zijn wel verschillende perspectieven op die werkelijkheid en verschillende meningen over de symbolen die we gebruiken om de werkelijkheid te beschrijven.
Hoe minder bereikbaar iets is, hoe groter de persoonlijke invulling en dus ook hoe groter de meningsverschillen. Vandaar dat er meer meningsverschillen omtrent de grote vragen zijn en minder omtrent de kleine. Over de simpelste zaken zijn zelfs dieren het met ons eens, maar de iets ingewikkeldere zaken daar begrijpen zelfs doctoren maar weinig van.
Klopt, dat bestaat dus ook niet.
Dan hebben we het dus eigenlijk over de vraag wat we nou eigenlijk bedoelen met ‘bestaan’.
Als je het kan waarnemen, als is het maar als gevoel of als object van de fantasie, dan bestaat het. Als dat niet kan, als je er zelfs geen gedachte of gevoel van kunt hebben, dan bestaat het dus niet.
We kunnen dus zeggen dat het verschil tussen iets en niets is dat iets waargenomen kan worden, en niets niet. Zo kunnen we het zelfstandig naamwoord iets, oftewel het werkwoord bestaan, definiëren.
Zie ook de kwantumfysica, waarin men er achter komt dat het onmogelijk blijkt om de waarneming van dat wat wordt waargenomen te scheiden. Ze zijn, zoals men in de filosofie al enige tijd langer wist, onlosmakelijk aan elkaar verbonden.
heeck schreef: ↑18 aug 2023 16:25
Dat levende wezens op allerlei manieren verschillend waarnemen dat neem ik probleemloos over, want kijk maar eens naar de verschillende soorten zintuigen!
Maar dat er van alles bij wordt gefantaseerd? Wat bedoel je daarmee, gaat het dan om de intrinsieke onvolkomenheden van het betreffende zintuig, of meer over een soort dromen tijdens of na het waarnemen?
Je hebt er vast wel eens van gehoord dat het beeld op je netvlies ondersteboven binnenkomt. Je geest corrigeert dat, en je ervaart, dat is je ziet wat je ziet gewoon met de juiste kant boven.
Dat is slechts één voorbeeld, maar zo doet je geest tal van dingen. Zo kan je oog zich maar op een paar centimeter tegelijk scherp stellen. Maar door snel overal te kijken en de aldus verkregen beelden als het ware aan elkaar te plakken ervaren wij een veel groter gebied scherp te zien.
En zo is het met de vele individuele haren op een hoofd, en de vele bladeren aan een boom. We zien ze heus niet allemaal, stuk voor stuk zitten, jouw ogen hebben wel wat beters te doen. Nee, je weet ongeveer wat haren en wat bladeren zijn, en als je een hoofd ziet dan ‘verzint’ je geest het gros van de haren en bladeren er gewoon bij, allemaal op basis van verwachtingspatronen – veel efficiënter.
Een ander voorbeeld is dat wij ervaren dat China bestaat, ondanks dat het ver van ons vandaan is. Wederom is het de fantasie die het voor ons oplost.
Ervaring is dus altijd een interpretatie. Er is niet waar we niet ons eigen persoonlijke aandeel in hebben. Dat is de rol die de fantasie speelt in het tot stand komen van de werkelijkheid, waarom Kierkegaard dan ook met Fichte de fantasie tot de ‘oorsprong van de categorieën’ bestempelt.
Overigens is er helemaal niets onvolkomen aan deze werking van de fantasie, deze wakende droom die onze wereld is. Het is juist helemaal perfect en precies zoals het zijn moet.