Kennelijk komt het woord Knirs in geen enkele taal voor, behalve dan in mijn geheel eigen taal, het 'HierEnNuus'
Knirs is dus beslist geen Nederlands woord, maar kennelijk ook geen Limburgs woord en ik weet ook niet of en waar het in Limburg een gangbaar woord is,
'Limburgse Knirs' klnkt bijna als 'Limburgse knieris' oftewel 'knieroes' en dat is een traditioneel Limburgs gebakje. Een klein, rond gebakje gemaakt van bladerdeeg, gevuld met een mengsel van amandelspijs, suiker en kaneel. Het gebakje wordt vervolgens gebakken tot het goudbruin is, wat zorgt voor een knapperige buitenkant met een zoete en nootachtige vulling. Vanwege mijn Diabetes II mag ik die niet meer hebben, maar zo af en toe slik ik dan maar bij voorbaat een extra pilletje Metformine zodat mijn bloedsuikerspiegel nog enigszins onder controle blijft.
Wat ik met 'Knirs' letterlijk aanduid dat zijn de 'tanden' in speklappen welke feitelijk stukjes kraakbeen of bot zijn die zich in het vlees bevinden. Het zijn kleine, witte stukjes die eruit zien als kleine tanden of knobbels, en worden soms ook wel 'parels' genoemd. Deze 'parels' ontstaan doordat het vlees van een varken veel beweging heeft gehad, zoals bijvoorbeeld bij het lopen en spelen. Dit zorgt ervoor dat het kraakbeen en bot in het vlees stijver worden en niet volledig afbreken bij het bereiden van het vlees. De meeste mensen vermijden liever de 'parels' in speklapjes, maar ik vind het juist heerlijk om daar lekker op te kauwen, datzelfde genot ondervind ik bij het afknauwen van het vlees op spareribs en/of gegrilde kip.
'Knirs' doet me ook denken aan het Duitse woord 'knirschen', oftewel 'knarsen en kraken'
Kennelijk bestaat 'Knirs' dus niet als woord en daar moet ik uit afleiden dat zoiets als 'Limburgse Knirs' dus ook niet bestaat, maar toch, ik heb wel degelijk 'Limburgse Knirs'. Wellicht moet ik op zoek naar een ander woord wat de lading dekt.
Wat bedoel ik nou als ik het over mijn 'Limburgse Knirs' heb?
Mijn 'Limburgse Knirs'
- Daar bedoel ik mee dat ik al van kinds af besloot tot vaste voornemens om een bepaald doel en/of gewenste verandering te bereiken. Zulks ging en gaat altijd gepaard met veel commitment en werd/wordt door al dan niet betrokken omstanders, in mijn geval althans, regelmatig beschouwd als rigide gedrag.
Het besluit tot een vast voornemen neem ik nooit vanuit een impuls maar wel pas na ampele overwegingen, waarbij ik ook mijn fysieke gesteldheid betrek. Het is dus beslist geen roekeloos Macho gedrag, hoewel ik daar bij tijd en wijle ook naar neig.
Zelfs in survival situaties zal ik zonder nieuwe informatie/inzicht niet snel op mijn schreden terugkeren. Ik heb meegemaakt dat de geplande route rechtdoor door omstandigheden niet mogelijk was en het wellicht verstandig zou zijn om terug te keren en een nieuw plan te maken, maar in zulke gevallen verkies ik het om desnoods een muntje op te gooien voor links of rechts, maar dus wel door blijven gaan.
Welke woorden horen bij die mentaliteit? Zoiets:- weerbaarheid
- vitaliteit
- kernachtige [mentale]standvastigheid
- moedig ondanks angst, dus niet roekeloos
- [mentale] veerkracht
Ik zal eerlijk toevoegen dat zulks meestal gepaard gaat met een schurend gevoel, of zelfs spreekwoordelijk knarsentandend [toch weer die 'parels' in de speklap?