axxyanus schreef: ↑03 mar 2026 09:26
MaartenV schreef: ↑03 mar 2026 09:14
Als het lichaam sterft, is dat voor de buitenstaander het einde. Maar voor het subject kan er geen "einde" zijn, omdat je een einde niet kunt ervaren.
Inderdaad voor het subject is er geen "einde" omdat het subject zelf verdwenen is. Jij wil het van de binnenkant bekijken terwijl het subject van wiens binnenkant je het wil bekijken er niet langer is.
Je zegt dat het subject verdwenen is, maar daarmee stap je direct weer terug naar het perspectief van de buitenstaander. Je kijkt naar de lege stoel en zegt: 'Er zit niemand meer.'
Laten we de logica van de 'binnenkant' tot het uiterste drijven:
De Ervarings-Paradox: Om te kunnen zeggen 'ik ben nu dood' of 'ik ben nu niets', zou je dat 'niets' moeten ervaren. Maar dat is een contradictie. Je kunt niet aanwezig zijn bij je eigen afwezigheid.
De Tijdloze sprong: Bij anesthesie 'verdwijn' je ook voor de buitenwereld. De anesthesist ziet een lichaam dat niks doet. Maar voor jou is er geen seconde verstreken. De buitenwereld kan miljoenen jaren wachten, maar voor het subjectieve perspectief
bestaat die wachttijd niet.
Als de biologie stopt, en 'niets' geen bestemming kan zijn (want je kunt er niet 'aankomen'), waar blijft het perspectief dan?
Het kan niet 'stoppen', want een stop is een gebeurtenis in de tijd, en voor het subject valt de tijd juist weg. Als de tijd wegvalt, blijft alleen het tijdloze nu over.
Daarom is mijn conclusie dat we terugvallen op een biologie-onafhankelijke zijnstoestand. De 'eenheidservaring' is niet iets dat we maken met onze hersenen, het is wat er overblijft als de hersenen (die als filter dienen voor tijd en ruimte) ophouden te functioneren.
Jij ziet van butenuit dat voor iemand de film stopt. Ik zeg: voor de kijker is er geen zwart, er is alleen het licht van de projector dat overblijft als de filmrol op is. Dat licht is de tijdloze eenheidservaring. Het subject 'verdwijnt' dus niet, het de-lokaliseert. Het is niet langer 'hier' of 'toen', het is simpelweg 'Zijn'."