Hopper schreef: 13 jan 2019 12:48
Wie ik ben kan onmogelijk reïncarneren, dus dan blijft inderdaad 'wat’ ik ben over. En dat kan alleen een identiteitsloze ziel zijn. Alleen deel ik de conclusie niet dat dan alle zielen één pot nat zijn.
Als ze dat niet zijn, dan is er toch een aparte identiteit, een verschil per individu?
Als ik de wiki-uitleg over ziel volg dan is de ziel zoiets als geest, pneuma, (wind?), adem, atman.
Hoe moet ik dat anders zien, dan de oude Oosterse filosofie over wat geest is?
Als onderscheid voor ons fysieke deel waarmee het tegelijkertijd sterk verweven is.
Zoals ook andere culturen vroeger geen onderscheid zagen in geest en ziel?
Zoals het christelijk, en tot voor kort het moderne westerse, denken bepaald wordt door het dualistische scheiden van lichaam em geest.
Waarbij dat laatste begrip deels vermengd wordt met ziel, als onderdeel ervan, als drager en geestelijke drijfveer tot levenswil of drang.
En wat met de meeste mensen in de moderne wereld, die niet vanuit spiritueel oogpunt denken, geen van allen doen en alleen nog over de geest/psyche praten?
En mensen, die zich meer hebben verdiept, zelfs ook veel minder dualistisch spreken over lichaam en geest, het één bestaat bij de gratie van en uitwisseling met het andere.
Daarnaast zijn er nog veel nevenverschijnselen van de geest. Geloof komt voort uit de geest. Begeren en verlangen komt voort uit de geest. De (vrije?) wil komt voort uit de geest. En uit ervaring weet ik dat ik in mijn eigen geest zaken als de wil, geloof, verlangen, begeren kan uitschakelen. (En waarschijnlijk nog wel meer)
Al die dingen die jij hier benoemt worden vnl. getriggerd en geïnitieerd door de fysieke kant en eigenschappen van jouw lijf.
Wat de mens leert tijdens zijn leven is die impulsen te beheersen, waarvoor je eigenschappen nodig hebt, die ook weer fysieke bases en ondersteuning behoeven.
Duidelijk is dat verschillende mensen daar in verschillende mate toe in staat zijn.
Waar ik naar toe wil: de geest kan wel degelijk in een bepaalde staat zijn, los van identiteit.
.....
En of die te beïnvloeden is. Mijn antwoord daarop is ja. Gaandeweg mijn leven heb ik me (grotendeels) kunnen ontdoen van zaken als geloof en de (vrije?) wil. Verlangens en begeertes verwijderen lukt me in mindere mate. Het verlangen naar liefde lijkt niet uit te doven. Begeertes naar geld en goed zijn weer gemakkelijker uit te schakelen.
Dat jij dat allemaal kunt en anderen misschien in mindere mate, dat is juist onderdeel van jouw identiteit, jouw geest en jouw manier van denken die zich heeft gevormd in dit leven. Anders dan je naaste, die ook weer een andere unieke manier heeft om met al deze gevoelens en verlangens om te gaan.
En dat is ook juist datgene, wat je niet meeneemt in je cyclus van geboren worden, leven, doodgaan en herboren worden.
Als mensen dat al zouden geloven.