Dag Enigma,
Bedankt voor je reactie. Je hebt er verdulleme wel werk van gemaakt en dat stel ik hartstikke op prijs! Ik ben sowieso al niet zo gek op 'goed klinkende oneliners'. Die horen meer thuis in de Sterreclame.
Ergens in je bijdrage schrijf je: 'Belangrijkste is dat Hij (Jezus) voor mij een geestelijke realiteit is en dat dit de kern is in mijn geloven van wie en wat Hij is'.
Het kost me nauwelijks moeite om het met deze bewering – zoals ik hem begrijp - volledig eens te zijn. Ik zou het, als ik het eerst aan de beurt was geweest, wel net iets anders formuleren b.v.: "Jezus (of Christus) is voor mij een geestelijke realiteit. Die geestelijke realiteit is voor mij de kern van mijn geloof. En die kern bepaalt mijn geloof in wie/wat Hij is en tevens in wie/wat ik zelf ben".
Ik weet niet of jij nu ook kunt reageren met: 'Daarmee ben ik het helemaal mee eens', maar dat hoor ik dan wel van je. Hoop ik.
Ik vrees verder echter dat je beweringen en formuleringen hier en daar enige kritiek verdienen. Niet omdat ze niet goed zijn bedoeld of dat ze – met enige inspanning – niet goed zijn uit te leggen. Maar in een discussie loop je altijd het gevaar dat men je 'vangt in je woorden'. En vooral als je tegenpartij de orthodoxe mentaliteit heeft ga je dan gemakkelijk onderuit want die lijken in het 'pootje haken' wel bijzonder getraind.
Tussen haakjes: {orthodoxe mentaliteit is niet beperkt tot geloof maar komt overal voor. 'Orthodox' wil op zich alleen maar zeggen dat de 'leer onveranderlijk is'. In de politiek, de geneeskunde, overal kom je het tegen. 'Vrij denken' is precies het tegenovergestelde en die twee uitersten zullen wel altijd recht tegenover elkaar blijven staan.
Om een heel klein menselijk voorbeeldje te geven: emigranten hebben een sterke neiging om de gewoonten van het vaderland mee te nemen naar hun nieuwe wereld, daar landgenoten op te zoeken om dan samen die oude gewoonten in ere te houden. Emigranten zullen vaak en lang de vaderlandse manier van denken en doen idealiseren als 'die goede oude tijd'. Ze zijn dus gemakkelijk 'behoudend'.
Het is al wat jaren geleden dat Nederlandse vaders in Canada, als ze daar eenmaal gesetteld waren, voor hun zonen het jeugdvoetbal introduceerden. Terwijl in Nederland werd geëxperimenteerd met allerhande opstellingen en tactieken, had daar iedere ploeg één keeper, twee backs, drie middenvelders (rechtshalf, spil en linkshalf) en vijf voorwaartsen (rechtsbuiten, rechtsbinnen, middenvoor, linksbinnen en linksbuiten). En… iedereen moest vooral 'zijn plaats houden'. Zo was het immers in het vaderland toen ze dat verlieten.} Haakje sluiten.
Ik wil in deze bijdrage op slechts één onderdeeltje van je betoog ingaan omdat dat, zo denk ik, gemakkelijk tot een oeverloos gekissebis kan leiden. Bovendien, als ik op alles ga reageren komt aan deze bijdrage nauwelijks een eind.
Enigma schreef:Zolang ik het geloof is het voor mij reëel en maakt het onderdeel uit van mijn realiteit. Ik noem een geloof reëel zolang ik het zo geloof èn het overeenstemd met mijn waarneming van de reailteit.
Ad:
'Zolang ik het geloof is het voor mij reëel en maakt het onderdeel uit van mijn realiteit'.
Gesteld: een vrouwspersoon gelooft dat zij de reïncarnatie is van Jeanne d'Arc. Mag ik nu zeggen: "Voor haar is dat reëel en het maakt deel uit van haar realiteit'?
Het gaat er dus niet om of jij zoiets zou geloven, maar of de bewering zoals hij er staat altijd opgaat. In de psychologie heet een dergelijk geloof namelijk een 'waan'.
Zolang die vrouw gelukkig is met haar 'geloof' en verder niemand enige schade of last bezorgt kunnen we het rustig zo laten. En wie weet doet ze, gedreven door haar geloof, nog goed werk ook!
Verder: zie jij verschil tussen 'mijn realiteit' en 'dé realiteit'? Die gereïncarneerde Jeanne doet dat niet. Die denkt dat haar realiteit dé realiteit is. Wij, die om haar heen staan, denken het beter te weten en verklaren haar tot 'waan'zinnig. En dat is iets anders als 'vrij'zinnig.
Ad:
'Ik noem een geloof reëel zolang ik het zo geloof èn het overeenstemd met mijn waarneming van de realiteit'.
Hoe bedoel je: 'een geloof is reëel zolang ik het zo geloof'? Geldt dat ook voor die Jeanne? Ze gelooft zo en dus is HET FEIT DAT ZE GELOOFT een door omstanders waarneembare realiteit. Maar WAT ZE GELOOFT is geen realiteit. Vinden de omstanders.
Van welke partij is de overtuiging nu reëel?
En hoe kun je de realiteit geloven die je waarneemt? Ik neem waar dat het op dit moment regent. Hoe kan ik dat nog geloven?
Bovendien is het een 'normaal' verschijnsel dat mensen van iets zó zeer overtuigd kunnen zijn dat ze het nog waarnemen ook. 'Hij had duidelijk een UFO gezien'! 'Ze had gezien hoe haar overleden man thuis kwam en zijn fiets tegen de garage zette. En toen ze naar buiten liep was hij nergens te vinden'.
En zeg dan niet: "Dat was maar verbeelding", want dan heb je het niet 'begrepen' en in ieder geval heb je ongelijk!
Nogmaals: ik zet mijn vraagtekens alleen maar bij de bij de formulering!
De rest van je reactie heb ik gesaved en uitgeprint om er eens 'rustig op te kunnen gaan zitten'.
Groeten.
Fons.