Bumblebee schreef:precies!
Er moet ruimte zijn voor beoefening van de eigen Godsdienst of wat voor levensovertuiging dan ook zolang je een ander geen kwaad doet.
Als, aan de andere kant, iemand (laten we als voorbeeld een humanist nemen) mij zou vragen of ik denk dat hij het bij het rechte eind heeft, dan zal ik zeker vertellen dat ik in God geloof en in de verlossing door Jezus Christus, en dat dat volgens mij de waarheid is, en het humanisme niet.
Dialoog moet mogelijk zijn.
Hoe ga je dan om met de God in het O.T. die toch zo wreed en meedogenloos lijkt te zijn en de God van het N.T. die zo lief overkomt. Dat kan toch nooit dezelfde zijn?
Hier een paar voorbeelden, ze komen van het G.K.V. forum.
Gen. 22:1vv (Abraham moet Izaac offeren
1 Hierna gebeurde het, dat God Abraham op de proef stelde. Hij zeide tot hem: Abraham, en deze zeide: Hier ben ik. 2 En Hij zeide: Neem toch uw zoon, uw enige, die gij liefhebt, Isaak, en ga naar het land Moria, en offer hem daar tot een brandoffer op een der bergen, die Ik u noemen zal.
Ex. 4:24 (De Here probeert het kind van Mozes te doden)
24 Onderweg nu, in een nachtverblijf, kwam de HERE hem tegen en zocht hem te doden.
Psalm 110:5 vv (een bloeddorstige God)
5 De HERE is aan uw rechterhand.
Hij verplettert koningen ten dage van zijn toorn;
6 Hij houdt gericht onder de heidenen, hoopt lijken op,
verplettert hoofden op het wijde veld.
7 Hij drinkt onderweg uit de beek;
daarom heft hij het hoofd op.
Psalm 137: 7 vv (geluk is: kleine kinderen tegen rotsen smijten)
7 Reken, o HERE, de kinderen Edoms
de dag van Jeruzalem toe;
hun die zeiden: Breekt af, breekt af,
tot op de grond ermee!
8 Gij, dochter van Babel, ter verwoesting bestemde,
gelukkig hij, die u zal vergelden
hetgeen gij ons hebt aangedaan;
9 gelukkig hij, die uw kinderen zal grijpen
en tegen de rots verpletteren.
Mensen die sterke overtuigingen hebben zonder dat daar bewijzen voor zijn, horen in de marge van de maatschappij thuis en niet in de paleizen van de macht. (Sam Harris)