marc aka controle schreef:
Deze had ik niet gezien, ik lees soms te snel. Maar goed. Jij maakt allerhande aannames tav het woord. Een zelfde redenering geldt voor materie, maar daar ga je dan niet op in. Dat is namelijk waar jij in gelooft. Of laat je onbewijsbare zaken maar gewoon aan je voorbij gaan? Hoe geloof jij dat materie ontstaan is? Dan zul je zien dat wij beiden onlogische aannames maken, het kan namelijk niet anders. Er is geen logische verklaring voor het bestaan van materie, dat probeer ik nu al 10 paginas of zo duidelijk te maken.
Woord, volgens Van DaLe Taalweb:
1
spraakklank of geheel van spraakklanken dat op zichzelf een betekenis heeft of de zichtbare voorstelling hiervan
2 wat gezegd wordt
3 het spreken
4 erewoord, belofte
bron:
http://www.vandale.nl/opzoeken/woordenb ... oord=woord
Spraakklank:
spraak·klank (de ~ (m.))
1 elk van de
geluiden die men met de spraakorganen vormt om zich in taal te uiten => klank
bron:
http://www.vandale.nl/opzoeken/woordenb ... praakklank
geluid, in eigenlijke zin: hetgeen met de gehoorzin wordt waargenomen. In fysische zin: trillingen die zich door een medium (in het algemeen lucht) via longitudinale golven (zie golf [natuurkunde])voortplanten en die, mits zij binnen een bepaald frequentiebereik liggen en van voldoende sterkte zijn, als specifieke prikkel van het gehoororgaan kunnen dienen.
Microsoft ® Encarta ® Encyclopedie Winkler Prins © 1993-2004 Microsoft Corporation/Het Spectrum. Alle rechten voorbehouden.
golf [natuurkunde], een toestandverstoring, gewoonlijk een trilling, die zich van een punt in een medium voortplant naar andere punten. Vele golfverschijnselen kunnen alleen in een stoffelijk medium optreden, bijv. geluidsgolven, golven op het water; de trilling van het beginpunt wordt dan aan de opeenvolgende punten van het medium doorgegeven; lichtgolven, radiogolven en verder alle andere elektromagnetische golven (zie straling) planten zich echter ook in het luchtledige (vacuüm) voort.
Microsoft ® Encarta ® Encyclopedie Winkler Prins © 1993-2004 Microsoft Corporation/Het Spectrum. Alle rechten voorbehouden.
Stoffelijk medium:
stof·fe·lijk (bn.)
1 waarneembaar met de zintuigen,
tot de materie behorend of eruit bestaand => substantief
http://www.vandale.nl/opzoeken/woordenb ... stoffelijk
Met andere woorden: woorden hebben nooit kunnen bestaan voordat er materie was. Het is dus een paradox dat god aan de hand van het woord het heelal schiep.
Nu de meest gangbare wetenschappelijke verklaring voor eht ontstaan van tijd en materie, met in het vetgedrukt de aanwijzingen dat er wel degelijk een big bang heeft plaatsgevonden:
Oerknal of Big Bang is de populaire benaming van de kosmologische theorie die beschrijft hoe het heelal zo'n 13,7 miljard jaar geleden met een enorme explosie is ontstaan. De term explosie is eigenlijk niet juist. Bij een explosie worden brokstukken materie de ruimte in geslingerd, terwijl bij de oerknal ruimte en tijd ontstonden. De term 'Big Bang' werd voor het eerst door Fred Hoyle in 1950 gebruikt - als een sarcastische aanduiding om zijn afkeer van de theorie tot uitdrukking te brengen.
Onderzoek met de Wilkinson Microwave Anisotropy Probe heeft de leeftijd van het heelal met een nauwkeurigheid van 1 procent op 13,7 miljard jaar weten te bepalen. Voordat de theorie van de Big Bang werd geformuleerd ging men uit van een statisch heelal: een heelal dat er altijd was en altijd zal zijn. Uit de zwaartekrachtwet van Newton volgt echter dat zo'n heelal zou instorten. Newton onderkende dat probleem, maar poogde dat in een briefwisseling met Richard Bentley te weerleggen door te stellen dat als de materie gelijkmatig in een oneindige ruimte verdeeld was er geen middelpunt zou zijn, waar het naar toe zou vallen.
Einstein ging uit van een statisch heelal en postuleerde de kosmologische constante om die ineenstorting tegen te gaan. De Nederlandse astronoom Willem de Sitter kwam met een ander model van het heelal en voorspelde in 1918 aan de hand daarvan een roodverschuiving die evenredig was met de afstand. Het theoretisch model van De Sitter bevatte geen materie maar dijde wel uit. Het idee van Sitter is tegenwoordig weer actueel in de inflatietheorie van de oerknal.
Voortbordurend op het heelal van De Sitter, publiceerde de Belgische priester Georges Lemaître in 1926 de theorie dat het heelal met een geweldige explosie uit een oeratoom moet zijn ontstaan. Lemaître kwam ook tot een schatting van het moment waarop het heelal zou zijn ontstaan: ongeveer 15 miljard jaar geleden.
Aan het begin van de 20e eeuw, begon men met het meten van de spectra van sterrenstelsels. Hierbij merkte men dat:
slechts enkele dichtbijgelegen stelsels, zoals de Andromedanevel, een blauwverschuiving hadden.
alle andere sterrenstelsels hadden een roodverschuiving
de roodverschuiving bleek toe te nemen naarmate het stelsel verder weg stond.
Uit de roodverschuiving concludeerde men dat het heelal uitdijt. Sterrenstelsels die verder van ons weg staan hebben een grotere snelheid ten opzichte van ons. Dit zijn echter relatieve snelheden, want vanaf zo'n ver sterrenstelsel gezien, verwijderen wij ons met grote snelheid. Dit gegeven betekent dat de sterrenstelsels vroeger dichter bij elkaar hebben gestaan en in een heel ver verleden zelfs in een punt.
De conclusie dat het heelal uitdijt werd door Edwin Hubble beschreven in een artikel dat in 1929 werd gepubliceerd. Met de Wet van Hubble kan de uitdijingsnelheid van melkwegstelsels berekend worden.
Dit was aanleiding voor de hypothese dat er een oerknal is geweest. In het verre verleden hebben de sterrenstelsels dus niet alleen dichter bij elkaar gelegen, maar is de uitdijing begonnen met een oerknal. Aan het begin van de oerknal was zelfs het hele heelal geconcentreerd in een enkel punt, met oneindige dichtheid. Dit punt noemt men een singulariteit.
In 1948 werd de hete oerknaltheorie door George Gamow samen Ralph Alpher en Robert Herman geformuleerd. De theorie beschrijft hoe het heelal is ontstaan uit een heet puntvormig begin (singulariteit).
De theorie beschrijft verder nauwkeurig welke elementen na 1 seconde, toen het heelal nog een temperatuur had van 10 miljard Kelvin, werden gevormd en in welke verhoudingen. De elementen die tijdens de oerknal werden gevormd zijn waterstof, helium en lithium, nauwkeuriger gezegd de isotopen waterstof, deuterium, tritium, helium-3, helium-4 en lithium-7. De theorie voorspelde dat de gewichtsverhouding helium en waterstof 1:3 zou zijn, heel dicht bij de huidige waargenomen samenstelling.
Alpher en Herman voorspelden verder dat de straling van de oerknal nu nog aanwezig zou moeten zijn en een temperatuur zou moeten hebben van ± 3K. Deze kosmische achtergrondstraling werd door Arno Allan Penzias en Robert Woodrow Wilson in 1964 ontdekt. Voor hun werk aan de achtergrondstraling ontvingen zij in 1978 de Nobelprijs voor de Natuurkunde.
Voor zeer ver verwijderde objecten, zoals quasars, wordt de roodverschuiving wel als afstandsmaat opgegeven.
Er zijn drie belangrijke argumenten waarom het heelal uit een oerknal moet zijn ontstaan:
Waarnemingen aan het heelal duiden erop dat het heelal uitdijt. Dit kan alleen verklaard worden als sterrenstelsels oorspronkelijk in een punt zijn ontstaan. De belangrijkste aanwijzing hiervoor is dat hoe verder sterrenstelsels van ons af staan hoe sneller ze zich van ons verwijderen. De roodverschuiving is de belangrijkste indicatie hiervan.
De kosmische achtergrondstraling die in 1992 door de COBE (Cosmic Background Explorer) satelliet -en in 2003 nog nauwkeuriger door de WMAP (Wilkinson Microwave Anisotropy Probe) - is waargenomen lijkt van alle kanten te komen. Alleen de Big Bang theorie kan deze straling verklaren.
De Big Bang theorie voorspelt nauwkeurig de verhouding van lichte elementen als waterstof en helium die tijdens de oerknal zijn ontstaan
Tegenwoordig wordt algemeen aangenomen dat in het allereerste begin het heelal een korte periode van extreme expansie doormaakte. Deze periode wordt ook wel De Sitter inflatie genoemd. De theorie die dit beschrijft heet de inflatietheorie en werd in 1979 ontwikkeld door Alan Guth en Andrei Linde.
De oerknal is een theorie over het ontstaan van het heelal. Voor de toekomst ervan zijn er tal van mogelijkheden:
Het heelal zal eeuwig uitdijen.
De uitdijing van het heelal zal afgeremd worden door de zwaartekracht, en daardoor na verloop van tijd instorten, exact zoals bij de oerknal, maar dan achteruit.
Het heelal zal uitdijen maar er zijn meerdere ruimten die dat ook doen en zo elkaar op den duur kruisen. Er ontstaan nieuwe centra waar massa zich opnieuw samenvoegt en nieuwe oerknallen ontstaan.
Bron voor citaten over oerknal:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Oerknal
Groet,
Deadline