heeck schreef: ↑23 dec 2023 15:39
Wat jij er nu bij haalt klopt zeker niet met wat ik bedoelde, want niet het woord “religious” trok mij aan, maar het laatste woord van het door mij aangehaalde dat gelijk mijn inspiratie opriep aan een eigen ervaring van die soort.
(Preposterous, wat sloeg op de onmogelijkheid van ware herinneringen uit eeuwen voor het eigen verwekt zijn)
Ik weet niet wat jouw
"eigen ervaring van die soort" inhoud. Zo te lezen heb je niets ervaren van 'die soort'.
Maar je haalt eruit...
heeck schreef: ↑23 dec 2023 12:41
Je haalt Grof aan alsof zijn waarschuwing juist als aanmoediging zou moeten gelden:
Bonifacius schreef:Grof schreef:But the possibility of retrieving memories of entire scenes from times preceding conception, often by centuries, seemed simply too preposterous.
En daaronder staat geschreven...
bonifacius schreef: ↑20 dec 2023 00:04
...
It took some powerful personal experiences for me to change my attitude toward past-life memories.
….
Fragment uit: When the Impossible Happens - Adventures in Non-Ordinary Realities
Stanislav Grof M.D., Ph.D.
(published 2006)
Hoe dan ook, net zoals Peter van Velzen onderschrijf jij als typische skepp / vrijdenker het materialistische wereldbeeld van de westerse wetenschap overduidelijk en heb je dus een onwrikbare houding / overtuiging ten opzichte van herinneringen aan vorige levens en dat zal je dus blijven doen en hebben zolang je zelf geen persoonlijke krachtige ervaring hebt gehad door middel van holotropisch (psychedelisch) ademwerk, traditionele psychedelica of misschien zelfs wel een natuurlijke bijna-dood ervaring.
En wie weet, ook jij, stel je voor: Boem, in één klap vrijdenker af!
Maar ja, ik snap jullie vrijdenkers helemaal hoor, want zoals ik al eerder schreef was ik 33 jaar geleden ook een vrijdenker.
Het is echter zoals een andere pioneer en autoriteit op het gebied van psychedelica schrijft:
"Hebben wij de moed om de beweringen serieus te nemen volgens welke wij, vanuit het perspectief van een eeuwig nu, daadwerkelijk naar het verleden kunnen reizen en daar niet alleen gedetailleerde herinneringen aan onze jeugd kunnen vinden, maar zelfs vorige levens?
In boeken van Jean Houston, Robert Masters en Stanislav Grof worden unieke ervaringen beschreven die de grenzen van onze verbeelding over wat mogelijk is verleggen, zelfs tot communicatie met niet-menselijke levensvormen. Degenen die in een mystieke bewustzijnstoestand de ruimte hebben overstegen, wijzen er dikwijls op dat de universums die wij in onze astronomie onderzoeken en die welke wij onderzoeken in onze microbiologie uiteindelijk misschien wel dezelfde zijn."
William A. Richards
"
Onzin, dat is geen kwestie van moed, zolang er geen wetenschappelijke bewijzen zijn geloof ik er niks van." zegt de vrijdenker dan.
Nou goed dan...
Een nieuwe kijk op tijd en ruimte
PERCEPTUELE VERANDERINGEN EN TRANSCENDENTIE
Dit hoofdstuk gaat over de ervaringscategorie transcendentie van tijd en ruimte uit de definitie van mystiek bewustzijn. Ik ben niet geschoold in theoretische natuurkunde en ik begrijp maar heel weinig van de filosofie van Immanuel Kant, die diep heeft nagedacht over het mysterie van tijd en ruimte. Mensen die hierover meer kennis bezitten hebben boeken geschreven (en zullen dat blijven doen) over het mysterie van materie en over hoe materie ten diepste anders blijkt te functioneren dan onze zintuiglijke waarneming en onze manieren van denken verwachten of voor mogelijk houden.
Huston Smith heeft dit verbijsterende intellectuele dilemma welsprekend verwoord in zijn essay ‘The Revolution of Western Thought’, dat in 1961 is gepubliceerd in de Saturday Evening Post en ook is opgenomen in zijn boek Beyond the Post-Modern Mind:
De moderne fysica liet ons een wereld zien die niet klopt met wat onze zintuigen ons vertellen, de postmoderne fysica laat ons een wereld zien die klopt met onze verbeelding. […] Dat de tafel die dood lijkt te zijn, in feite zindert van elektronen die triljoenen keren per seconde om de atoomkern draaien, en dat de stoel die ons zo betrouwbaar draagt in feite bijna lege ruimte is, zijn bijzonder vreemde feiten, maar stelde het menselijk gevoel van orde toch niet blijvend voor problemen. Het enige wat nodig was, was de vervanging van het oude plaatje van een grofstoffelijke, massieve wereld door een plaatje van levendig dansen en luchtig wervelen.
Het probleem waarmee de nieuwe fysica ons gevoel van orde confronteert kan echter niet worden opgelost door een verfijning van schaal, want het blijkt te wijzen op een radicale scheiding tussen de manier waarop dingen zich gedragen en alle manieren waarop wij ons daarvan een beeld vormen. Hoe moeten wij ons bijvoorbeeld een elektron voorstellen dat tegelijkertijd twee of meer routes in de ruimte aflegt of van de ene baan op de andere overgaat zonder de ruimte ertussen over te steken? Welk model kunnen wij construeren van een ruimte die eindig is, maar geen grenzen kent, of van licht dat zowel deeltje als golf is? Het zijn dit soort raadsels die natuurkundigen als P.W. Bridgman van Harvard ertoe hebben gebracht te stellen dat ‘de structuur van de natuur ten diepste zo lijkt te zijn dat onze denkprocessen er onvoldoende mee corresponderen om er überhaupt over na te kunnen denken. […] De wereld vervaagt en ontgaat ons. […] Wij worden geconfronteerd met iets dat werkelijk onuitsprekelijk is. Wij zijn aangekomen bij de grens van de visie van de grote pioniers van de wetenschap, die stelt dat wij leven in een ons goedgezinde wereld die begrijpelijk is voor ons denken.’
Wij begrijpen allemaal dat tijd en ruimte een duidelijk aspect vormen van hoe wij ons leven organiseren als we wakker zijn. Wij ervaren de tijd in drie vormen: verleden, heden en toekomst. Van de laatste nemen we gewoonlijk aan dat die mogelijke, geplande, onverwachte en onkenbare ervaringen met zich meebrengt. Na onze geboorte ontdekken we dat we ons, om met de existentialist Heidegger te spreken, ‘in de wereld bevinden’. Vervolgens doorlopen wij ons leven, ervaren vreugde en pijn, en bereiken allemaal uiteindelijk het punt van de beëindiging of transcendentie van ons bewustzijn. Op weg naar ons werk bewegen we ons door de ruimte, lopend, autorijdend of vliegend van de ene stad naar de andere. We reizen door het heelal, naar de maan of naar andere planeten. Zoals ons gps-systeem laat zien, gaat het daarbij steeds om redelijk betrouwbare wiskunde.
Wat zo verbazingwekkend is, is dat mensen die mystieke ervaringen hebben gehad dikwijls beweren dat ze afgeleid of zich niet bewust waren van het verstrijken van de tijd, of dat de bewustzijnstoestand die ze ervoeren voor hun gevoel ‘buiten de tijd’ stond. In veel ongewone bewustzijnstoestanden, opgeroepen met of zonder hulp van entheogenen, wordt de tijd versneld of vertraagd ervaren. Als iemand wordt gevraagd hoelang zijn psychedelische sessie heeft geduurd, zit hij er soms heel ver naast. Zoiets ervaren we allemaal weleens; de tijd vliegt als we ergens druk mee bezig zijn, maar lijkt eeuwig te duren als we ons vervelen. Zelf ben ik mij doorgaans minder bewust van de tijd als ik in de tuin bezig ben, als ik in de natuur ben of als ik muziek maak, maar als ik voor de kassa moet wachten of in de file sta, duren seconden minutenlang. Bij zijn onderzoek naar zeer geslaagde, zelfverwerkelijkte personen, vestigde Abraham Maslow de aandacht op een andere tijdsbeleving tijdens intens creatieve bezigheden; een schrijver of kunstenaar kan daarbij zijn omgeving en de tijd volkomen vergeten. Misschien kan deze afwijkende tijdsbeleving opgevat worden als een voorloper van de mystieke overstijging van de tijd, waarbij het bewustzijn zich openstelt voor een eeuwigheidsdimensie, vergelijkbaar met een vliegtuig dat in de regen opstijgt, door het wolkendek gaat en in een prachtig blauwe lucht met stralende zonneschijn terechtkomt.
Mensen beweren dat ze in een mystieke bewustzijnstoestand ook ruimte overstijgen. De hemel wordt niet ervaren als een bepaalde plek in het universum of als een of ander sterrenstelsel; het is geen vakantieoord waar je met een ruimteschip naartoe kunt als je de coördinaten kent. Mystiek bewustzijn wordt juist ervaren als ‘overal en nergens’, en ruimte lijkt niet meer dan een concept dat handig is als je in het dagelijks, zintuiglijk georiënteerde leven wilt functioneren, maar dat in de dimensie van eeuwigheid oplost of dat je daar achter je laat.
Dit geldt niet alleen voor visionaire ervaringen, maar ook voor de inhoud van ons bewustzijn in het dagelijks leven. Bestaan de gedachten die je nu hebt, de dromen die je je herinnert of de herinneringen aan je kindertijd op een bepaalde plaats? Is die microscopisch klein gecodeerd en verstopt in een hoekje van een van de miljarden cellen van je zenuwstelsel? Proberen die locatie te vinden is waarschijnlijk even zinloos en misplaatst als in de transistor van een televisietoestel zoeken naar die aantrekkelijke blondine die je gisteren op tv zag. Het komt erop neer dat wij, nu we aan het begin van de 21e eeuw staan, werkelijk niet weten wat wij zijn; het is heel moeilijk om te denken zonder te verwijzen naar tijd, ruimte of materie. Maar ondanks dit alles, ook als we met verbazing door een microscoop naar de witte en grijze massa van ons centrale zenuwstelsel kijken in een poging onze fysiologie te doorgronden, weten wij dat we bestaan en dat onze hersenen ervaringen bevatten.
Hebben wij de moed om de beweringen serieus te nemen volgens welke wij, vanuit het perspectief van een eeuwig nu, daadwerkelijk naar het verleden kunnen reizen en daar niet alleen gedetailleerde herinneringen aan onze jeugd kunnen vinden, maar zelfs vorige levens? In boeken van Jean Houston, Robert Masters en Stanislav Grof worden unieke ervaringen beschreven die de grenzen van onze verbeelding over wat mogelijk is verleggen, zelfs tot communicatie met niet-menselijke levensvormen. Degenen die in een mystieke bewustzijnstoestand de ruimte hebben overstegen, wijzen er dikwijls op dat de universums die wij in onze astronomie onderzoeken en die welke wij onderzoeken in onze microbiologie uiteindelijk misschien wel dezelfde zijn.
Overweeg als het over tijd gaat eens de mogelijkheid dat wij daadwerkelijk een glimp zouden kunnen opvangen van waar onze geschiedenis naartoe gaat en dat wij geldige precognitieve inzichten zouden kunnen hebben over wat voorbestemd is, of over wat er gebeurt als wij onze vrijheid negeren en weigeren onze manier van leven te veranderen. Wanneer iemand beweert zich ‘de toekomst te herinneren’, moeten we die persoon dan zo snel mogelijk naar een afdeling voor psychiatrische hulp verwijzen, of respecteren wij de geldigheid van zijn ervaring, ook al begrijpen we die totaal niet? Parapsychologen verzamelen al heel lang voorbeelden van precognitie, maar hun bevindingen zijn binnen de context van onze overheersende kijk op de aard van de werkelijkheid zo lastig te begrijpen, dat wij er maar heel zelden serieus aandacht voor hebben.
Fragment uit: Psychedelica als bron van heling
© Oorspronkelijke uitgave 2016 William A. Richards