Montem schreef:
De honden die we nu zien zijn een resultaat van kunstmatige selectie en stammen af van een hondachtige, een kleine hond of een grote hond kunnen indirect met elkaar kruisen (er zijn wel wat technische problemen, je snapt wel wat ik bedoel).In de natuur komt deze variatie op deze schaal niet voor, wel valt bv de vossen, wolven en jakhalzen onder de hondachtigen.
Zoals je ziet is in die miljoenen jaren zoals jij die voorstelt maar weinig variatie voortgekomen.
Maar nu wordt een grote familie van hondje A (dwerghondje) op een eiland geplaatst en op dit eiland zijn geen natuurlijke vijanden van dit hondje en het voedsel bestaat slechts uit vruchten.
Hond B (de reuzenhond) groeit met een grote familie honden door natuurlijke omstandigheden nu op een ander eiland op, waar welk natuurlijke vijanden blijken te leven en waar het voedsel m.n. uit insecten/kleine zoogdieren bestaat.
Van beide families zal in het begin een groot deel uitsterven (misschien wel alle honden, maar dat maakt dit voorbeeld niet zo interessant meer). De generatie van hondje A die overleeft zal uiteraard nakomelingen krijgen met verschillende genetische eigenschappen (mix van pa en ma). Sommige hondjes blijken een sterk ontwikkeld reukorgaan voor vruchten te hebben, anderen minder. De kans dat die eersten nakomelingen krijgen is groter omdat zij goed doorvoed zullen blijven en ook weer voor nakomelingen zullen zorgen. Dit gaat honderden jaren door Zelfs een darmstelsel zou heel langzaam mee kunnen veranderen en het zicht van de hondjes zou kunnen degenereren (omdat dit de overlevingskans niet vergroot). Dit gaat al die honderden jaren door en het genenpatroon verandert en blijft veranderen.
Zelfde geldt voor de reuzen honden familie. Maar die evolueert op volkomen andere wijze. Hier blijkt juist dat de agressieve soort met gele vacht en vleesdarmen de meeste overlevingskansen heeft. Nakomelingen die iets minder agressie vertonen (of een andere tint vacht hebben) blijken maar moeilijk te kunnen overleven (en dus voort te planten).
Houdt dit miljoenen jaren vol en je hebt 2 volkomen gescheiden soorten die met de beste wil van de wereld niet meer kunnen voortplanten omdat de genenmix te ver uit elkaar is gegroeid. (veel) Tijd en andere leefomstandigheden zijn van belang. Kun je je er iets bij voorstellen?
Mijn voorbeeld m.b.t. muilezel:
Als ze direct of indirect met elkaar kunnen kruisen vallen ze gewoon onder de basistypentheorie, divergentie is geen probleem voor ons.
Maar laat er nog 1000/10.000 jaar overheen gaan en paard en ezel kunnen niet meer voortplanten. Want dan?
Wat is jullie probleem dan wel? De tijd? mutaties? Survival of the fittest (meest aangepaste)? junk DNA? Overerving? Wat is exact je probleem met evolutie?
Logic will get you from A to B. Imagination will take you everywhere. Zulks is om moverende reden evident!
Einstein/Mick