Het verhaal van Rereformed

Getuigenissen van kerkverlaters, ex-moslims en voormalige sektariërs.
Het is niet de bedoeling om discussies op te zetten over het afvallig worden van de topic starter.

Moderator: Moderators

Gebruikersavatar
The Prophet
Bevlogen
Berichten: 2869
Lid geworden op: 09 mei 2007 14:24
Contacteer:

Bericht door The Prophet »

Think schreef:Haha! Dat is een goeie! Zo had ik Orwell nog nooit bekeken, maar inderdaad kan je er het religieuze denken in terugherkennen, sommige stromingen sterker dan anderen.
Orwell wordt vaak gezien als anti-totalitair, en dat was hij ook. Maar daarnaast was hij ook duidelijk tegen religie. Big Brother die alles ziet en God die alles ziet, zo veel verschil zit daar niet in. Het geniale aan 1984 is dan ook dat-ie het godsgeloof gelijk stelt aan totalitarisme zoals bijv. in de Sovjet-Unie.

In essentie verschillen die twee ook niet zoveel, het communisme is ook hogelijk idealistisch en hoopt op een betere wereld. Het christendom plaatst die betere wereld alleen in een andere wereld dan het communisme.
Omni Padhni Disney Iceman Acme Leary Marx Illuminatus Christus Clark
Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 18251
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Bericht door Rereformed »

Hier een reaktie van mij op een paar opmerkingen die Destinesia maakt in een ander topic. Ik zet mijn reaktie hier neer, omdat het de kern van mijn eigen verandering in denken raakt, hetgeen mij van religieus tot atheïst heeft gemaakt, dus de kern van 'mijn getuigenis'.
Ik had deze ommezwaai nooit kunnen maken indien mijn denken slechts was blijven staan bij het gedesillusioneerd zijn in de religie. Ik kon pas op atheïsme uitkomen toen ik in mijn denken er iets beters voor had teruggekregen.
Destinesia schreef:
Rereformed schreef:"Mensen zijn per definitie geneigd tot het kwade" is de slogan die ik als ik jou was het eerste lang en breed eens onder de loep zou nemen. IK ben niet geneigd tot het kwade, dat was MIJN conclusie toen ik het overdacht. En daarmee was in één klap de christelijke betovering in mijn leven volledig gebroken. .
Ik had dit antwoord wel een beetje verwacht maar ik ben dit niet helemaal met je eens. Zie het nu even niet als bijbeltekst. Ik ken namelijk ook een paar mensen op mijn werk die tot vervelens toe "geneigd zijn tot het goede". Geloof me die mensen wil je ook niet de hele dag om je heen hebben.
Wat dat betreft begrijp ik je uitstekend. Ik ben dezelfde mening toegedaan, oftewel, je moet het leven niet leven op basis van een -uiteindelijk willekeurig gemaakte- indeling goed en kwaad. Je moet -in de woorden van Nietzsche- voorbij goed en kwaad gaan.
Oftewel -weer anders gezegd- : een mens is goed en kwaad, en móet het allebei zijn om als mens te kunnen leven; het is eenvoudig ons rechtmatig en gezond menszijn zowel goed als kwaad te zijn.
Die "mensen zijn geneigd tot het kwade" tekst zou namelijk ook van de eerste de beste aanhanger van Greenpeace kunnen komen. Of van een humanist, een psycholoog, een medewerker van Warchild.... of gewoon van mijzelf. Heeft niets met God te maken of het NT.
Het eerste is waar, maar dat rechtvaardigt je niet om tot de conclusie te komen dat het niets met God of NT te maken heeft. In het christelijk geloof is de mens als een dogma eenzijdig gedefinieerd als 'tot kwaad geneigd', 'zondig', 'zonder uitzondering schuldig'.
Ik had ongeveer deze mening al toen ik een jaar of achtien jaar oud was. Ik vind deze wereld door en door verrot en de gemene deler is naar mijn mening "de mens". Die zou beter moeten weten. Daar hoef je geen bijbel voor te hebben om dat te "vinden".
Je hebt deze mening als eens eerder naar voren gebracht, daarom juist stelde ik je voor die opinie eens onder de loep te nemen. Heb je het ooit overdacht dat Ik vind deze wereld door en door verrot en de gemene deler is naar mijn mening "de mens" toch eigenlijk de meest weerzinwekkende kijk op het leven is die men zich maar kan maken? Het staat in wezen gelijk aan haat tegen het leven, mensvijandigheid, aan het besmeuren van het leven en van het menselijk leven. Je kunt de uitspraak nu je erop aangesproken wordt natuurlijk meteen gaan verzachten, -ik weet hoe gemakkelijk het is, zo deed ik het vroeger ook meteen, maar doe dat nu eens niet -want hoe kom je er dan ooit achter hoezeer dit denken je leven vergalt? Overdenk de implicatie van zo'n basisdenken; lees je eigen uitspraak over het leven nog eens, en neem de woorden heel serieus: wat je zegt is in feite dat het bestaan een nachtmerrie is, dat het beter was geweest maar nooit geboren te zijn.
Nu ben ik het met je eens dat je geen bijbel nodig hebt om op dat negatieve denken te komen. Het is de algemene innerlijke ziekte van de mens te lijden onder het bestaan. Vervolgens zoekt een mens naar verdoving, vluchtwegen, fabels en verzinsels -zoals een religieuze waanwereld- om met deze negativiteit te kunnen leven. Wat de bijbel dus doet is deze ziekte van het menselijk denken -het leven als negatief (verrot) te beschouwen- te verankeren, in te lijsten, en er op blijven staren, alsof het een goddelijk gegeven is.

Maar is de sleutel tot gezond worden niet hierin gelegen dat je het probleem bij de wortel beetpakt? Het is levensmoeheid die jou en ik ooit religieus gemaakt hebben. En de religie te ontmaskeren is niet genoeg. Je moet je eigen krachteloosheid, negativiteit, levensmoeheid, decadentie ontmaskeren, en dáár daadwerkelijk wat aan doen. Dat is voor mij de kern van alles wat ik in mezelf opgedane wijsheid zou willen noemen. Het is het grootste inzicht dat ikzelf ooit heb gekregen, en waarvoor Nietzsche mij de ogen opende.
Ik weet dat mijn stelling ogenschijnlijk indruist tegen wat ik eerder over "jezelf schuld aanpraten" en "jammeren bij het bidden" ter sprake bracht, maar door gezonde zelfkritiek en spiegelen aan anderen kan een mens aan zichzelf werken. Voor mij geldt dat laatste zeker.
Zeker, uiteraard moet een mens altijd maar weer aan zichzelf blijven werken. Maar je basisstelling -de mens en het leven is door en door verrot- is via het bijbelse denken uitgegroeid tot astronomische proporties; doorzie het en ga eens preciers de tegengestelde richting opvaren. Zoiets doet wonderen!
Laatst gewijzigd door Rereformed op 31 jan 2008 15:46, 2 keer totaal gewijzigd.
Born OK the first time
Gebruikersavatar
Sararje
Superposter
Berichten: 5994
Lid geworden op: 11 jul 2005 15:35

Bericht door Sararje »

Rereformed schreef:
Die "mensen zijn geneigd tot het kwade" tekst zou namelijk ook van de eerste de beste aanhanger van Greenpeace kunnen komen. Of van een humanist, een psycholoog, een medewerker van Warchild.... of gewoon van mijzelf. Heeft niets met God te maken of het NT.
Het eerste is waar, maar dat rechtvaardigt je niet om tot de conclusie te komen dat het niets met God of NT te maken heeft. In het christelijk geloof is de mens als een dogma gedefinieerd als 'tot kwaad geneigd', 'zondig', 'zonder uitzondering schuldig'.
Help me even herinneren maar was dit niet iets dat typisch gedeeld werd door alleen gereformeerden en rooms katholieken maar niet algemeen Christelijk?
"De bijbel is net een spoorboekje van de NS, je kan er alle kanten mee op." - Fons Jansen
"Als er bij het dorp waar bergen bergen bergen bergen bergen, Bergen, bergen bergen bergen bergen bergen, bergen bergen bergen bergen bergen.". - Kees Torn
Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 18251
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Bericht door Rereformed »

Sararje schreef:
Rereformed schreef:
Die "mensen zijn geneigd tot het kwade" tekst zou namelijk ook van de eerste de beste aanhanger van Greenpeace kunnen komen. Of van een humanist, een psycholoog, een medewerker van Warchild.... of gewoon van mijzelf. Heeft niets met God te maken of het NT.
Het eerste is waar, maar dat rechtvaardigt je niet om tot de conclusie te komen dat het niets met God of NT te maken heeft. In het christelijk geloof is de mens als een dogma gedefinieerd als 'tot kwaad geneigd', 'zondig', 'zonder uitzondering schuldig'.
Help me even herinneren maar was dit niet iets dat typisch gedeeld werd door alleen gereformeerden en rooms katholieken maar niet algemeen Christelijk?
De erfzonde en 'de gevallen wereld' is zonder meer een basisstelling in alle christelijke theologie, want het is de kern van Paulus' theorieën (uitgelegd in zijn belangrijkste stukje theologie, de Brief aan de Romeinen), en bovendien grondig uitgewerkt door de grootste theoloog uit de vroege kerk, Augustinus (die door alle christelijke richtingen geëerd wordt). 'Het verzoeningswerk van Christus' heeft zijn basis in het dogma dat de mens (eenieder)onherroepelijk 'gevallen', 'schuldig', 'zondig' is.

Maar de zaak is zeer gecompliceerd, want het is in de praktijk een kwestie van nuances en beklemtoningen. Je kunt op heel verschillende manieren met zo'n gegeven omgaan. Je kunt het bijvoorbeeld heel nuchter opvatten, als een soort theorie achter het geloof, dat je verder niet zo raakt, maar je kunt het ook tot in alle levenscellen in je opzuigen en erin zwelgen, door de gedachte ahw emotioneel verteerd worden.

De katholieke geschiedenis is al zo lang dat er een grote waaier van houdingen is. Je komt alles tegen, van levensgenieters tot flagellanten (monniken die aan lichamelijke zelfgeseling doen). In de katholieke kerk heeft men er niet zo'n moeite mee enigszins te sjoemelen met allerlei zaken. Uiteraard moet je als gelovige ook 'goede werken' doen, maar in de katholieke kerk ging op een gegeven moment de leer rond dat je behoorlijk wat aan je eeuwig lot kunt bijdragen door een aflaat te kopen (met de opbrengst waarvan de paus zijn mooie heiligdom in Rome kon bouwen), of met bidden voor de overledenen, of via hulp van maria en heiligen het eeuwig lot kan beïnvloeden enz.
Protestanten hebben daarom als reaktie op het roomse geloof bijzonder eenzijdig en bijzonder krachtig de klemtoon gelegd op het 'door geloof in Christus alleen', en daardoor hun uiterste best gedaan de mens altijd zo verrot en zondig mogelijk te maken. In de calvinistische stromingen is dit het verst gegaan, maar je kan bijna alles wat Calvijn schreef ook al in Augustinus terugvinden. In het protestantse vrome denken van allerlei richtingen vind je met gemak wat ik 'walgdenken' zou noemen (een soort toppunt van zelfhaat en zelfverachting, de hoeveelheid ervan is de maatstaf waarnaar je vroomheid kunt afmeten): Finnen noemen zich in een gezang ‘wij wormen der aarde’. Een greep uit christelijke lectuur die ik eens op een dag doorbladerde: ‘We zouden ons moeten wegschamen voor God’, ‘We zouden moeten walgen van onszelf’, ‘We zijn dorre botten’. Enige gedachten uit de (Calvinistische) Dortse leerregels: ‘Maar door het ingeven van de duivel en door zijn eigen vrije wil is de mens van God afgedwaald, en heeft hij zich van deze mooie gaven beroofd en in plaats daarvan is over hem gekomen: blindheid, gruwelijke duisternis, ijdelheid en verkeerdheid van oordeel in z’n verstand, boosheid, hardheid, en bovendien onzuiverheid in al zijn pogingen.

Er schiet me opeens ook Thomas á Kempis te binnen, een beroemde Nederlandse monnik uit de veertiende eeuw, wiens boek Navolging van Christus eeuwenlang een bestseller onder de gelovigen was. Ik herinner me het boek als tiener gelezen te hebben, en de herinnering eraan wekt meteen schrikwekkende beelden bij me op van hoe verrot en zondig en slecht en onvolkomen je jezelf moet beschouwen...
Born OK the first time
Destinesia

Bericht door Destinesia »

Rereformed schreef:
Die "mensen zijn geneigd tot het kwade" tekst zou namelijk ook van de eerste de beste aanhanger van Greenpeace kunnen komen. Of van een humanist, een psycholoog, een medewerker van Warchild.... of gewoon van mijzelf. Heeft niets met God te maken of het NT.
Het eerste is waar, maar dat rechtvaardigt je niet om tot de conclusie te komen dat het niets met God of NT te maken heeft.
Nou wel dus, want tot ongeveer die conclusie was ik al eerder gekomen toen ik nog niet gelovig was. Of bedoel je het anders dan ik begrijp?
Rereformed schreef:weer anders gezegd- : een mens is goed en kwaad, en móet het allebei zijn om als mens te kunnen leven; het is eenvoudig ons rechtmatig en gezond menszijn zowel goed als kwaad te zijn.
Dit klinkt logisch.
Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 18251
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Bericht door Rereformed »

Destinesia schreef:
Rereformed schreef:
Die "mensen zijn geneigd tot het kwade" tekst zou namelijk ook van de eerste de beste aanhanger van Greenpeace kunnen komen. Of van een humanist, een psycholoog, een medewerker van Warchild.... of gewoon van mijzelf. Heeft niets met God te maken of het NT.
Het eerste is waar, maar dat rechtvaardigt je niet om tot de conclusie te komen dat het niets met God of NT te maken heeft.
Nou wel dus, want tot ongeveer die conclusie was ik al eerder gekomen toen ik nog niet gelovig was. Of bedoel je het anders dan ik begrijp?
Je hebt gelijk dat de opvatting 'het leven is verrot' een algemeen gekoesterd menselijk gevoel is.
Wat ik wil zeggen is dat de godsdienst de uitwerking, de uitkristallisering van het negatieve denken is. Zij maakt van je gevoel een filosofisch denksysteem en 'de waarheid'. Alles is in de godsdienst op die gedachte gebaseerd, zoals het Boeddhisme als eerste zin uitspreekt: "alle leven is lijden", en de bijbel het al in het derde hoofdstuk duidelijk maakt.
Vanaf de tijd dat je in de godsdienst meezwemt zorgt zij ervoor dat je volledig geconditioneerd wordt het zo te blijven zien. Je kunt je op een gegeven moment niet meer voorstellen dat de stelling niet waar is, en dat de stelling eenvoudig niets anders was dan jouw broosheid, jouw tere ziel en krachteloosheid, jouw negativiteit, jouw zwakte, jouw onvolgroeid zijn. De stelling klinkt als een absolute zekerheid, een absolute vanzelfsprekendheid. De religie zorgt er voor dat een mens nooit zichzelf aanpakt, nooit zichzelf overwint. Op religie volgt enkel het wegsterven voor en het belasteren van de wereld, oftewel de tegenspraak van het leven.
Destinesia schreef:
Rereformed schreef:weer anders gezegd- : een mens is goed en kwaad, en móet het allebei zijn om als mens te kunnen leven; het is eenvoudig ons rechtmatig en gezond menszijn zowel goed als kwaad te zijn.
Dit klinkt logisch.
Overdenk de implicaties ervan: dat betekent automatisch dat het leven juist móet zijn zoals het is, een mens móet het geheel van goed en kwaad in zich dragen, móet zijn zoals hij/zij is. Oftewel de enige ware godsdienst (er even van uitgaand dat er een God zou bestaan) is het bestaan zoals het is liefhebben, inzien dat het bestaan precies zo moet zijn zoals het is. Omdat het christelijk geloof exact het tegengestelde uitgangspunt heeft ("het leven, dus de realiteit die God gemaakt heeft, is verrot", de christelijke God regeert over een ziekenhuis!), en enkel dat wat niet bestaat (een gefantaseerde hemel en hiernamaals) uitroept tot goddelijke perfectie, is het de ultieme godslastering.

Al deze dingen worden besproken in mijn commentaar op Nietzsches boek Aldus sprak Zarathoestra. Ik hoop dat je er ooit tijd voor hebt en zin in krijgt om het eens te lezen. Nietzsche noemt zichzelf "Zarathoestra, de goddeloze, niemand is goddelozer dan ik", maar ook "Ik, Zarathoestra, de voorspraak van het leven". Het eerste is een radikale afwijzing van alles wat in de wereld voor godsdienstig doorgaat, maar de uitspraak doet hij omdat hij in werkelijkheid de enige is die inziet dat wat in de wereld voor godsdienst doorgaat in wezen godslastering is, de beschimping, verkrachting en tegenspraak van het leven (Nietzsche noemt het "de prediking des doods"), en enkel de mens die het leven liefheeft iets van godsdienst heeft begrepen. Dat laatste noem ik nu Volwassen Geloof. Het heeft niets meer met een ingebeelde God te maken, maar is enkel de geestesgesteldheid van een mens die niet slechts vrede heeft met het bestaan, maar het leven intens liefheeft, oftewel de mens die geestelijk gezond is geworden. De gezonde mens is de mens wiens leven niet meer het stempel draagt van wat Nietzsche noemt "de Geest der Zwaarte", maar hiervan doortrokken is: "Nu ben ik licht, nu vlieg ik, nu zie ik mezelf onder mij, nu danst door mij heen een god."

Ik heb Nietzsches frontale aanval op het christelijk geloof, Zarathoestra en De Antichrist, de meest antichristelijke boeken die er zijn, begrepen als juist de hoogste en enige vorm van godsdienst, oftewel gezondmakende, helende, positieve, stuwende kracht, voor onze moderne wereld. Nietzsche begint zijn boek Aldus sprak Zarathoestra met een opmerking dat Zarathoestra (=hijzelf) tien jaar lang de eenzaamheid opzocht om geestelijk op te groeien. In een brief die hij eens aan een vriend schreef, 9 jaar voordat hij met zijn Zarathoestraboek kwam, kun je goed zien wat zijn grote dilemma was, het dilemma van allen die door het virus van het christelijk denken zijn aangetast; wie weet herken je er wat van je eigen gevoelens in:

"Als je eens wist hoe depressief en moedeloos ik mezelf in het diepst van mijn ziel als scheppend persoon ervaar! Ik zoek niets anders dan een beetje vrijheid, een beetje echte levenslucht en ik verzet me, ja kom in opstand tegen het vele, onbeschrijflijk vele onvrije dat me aankleeft. Van een werkelijk scheppen kan helemaal geen sprake zijn zolang men zich nog niet heeft ontdaan van het onvrije, van het leed en de zwaarte van de bevangenheid: zal ik me er ooit aan ontworstelen? Twijfel en nog eens twijfel. Het doel ligt zo veraf, en heb je het met veel moeite bereikt, dan heb je met het langdurig zoeken en vechten meestal je energie verbruikt: eindelijk ben je vrij, maar je bent zo afgemat als een eendagsvlieg bij avond. Daarvoor ben ik zo bang. Het is een ramp je zozeer bewust te worden van je strijd, op zo'n jonge leeftijd al! [Nietzsche was op dit moment 29]. Ik kan er geen daden tegenover stellen, zoals de kunstenaar of de asceet. Hoe ellendig en afschuwelijk doet me dat roerdompachtige geklaag vaak aan! - Op dit moment ben ik het allemaal zo zat. Met mijn gezondheid gaat het overigens goed nu, maar ik neem het de natuur kwalijk dat ze me niet met wat meer verstand en een voller hart heeft toegerust - het beste kom ik altijd te kort. Dat te weten is de grootste kwelling die een mens kan overkomen."
Born OK the first time
Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 18251
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Bericht door Rereformed »

Destinesia schreef:Ik twijfelde even tussen agnost en ietsist. Het werd agnost
"Ietsist" (?) is daar een internationaal begrip/ benaming voor?

Rereformed schreef elders:
Rereformed schreef:Ik heb zelf geprobeerd de ongrijpbare God hoog te houden, maar uiteindelijk kun je dan weinig anders dan lachen om jezelf. Want je beseft op een gegeven moment jezelf te hebben verheven tot bron van kennis over iets waar je volstrekt geen kennis over hebt.
Het is misschien interessant te zien hoe ik geleidelijk veranderde en welke fasen ik doorging. Ik vind het achteraf zeer interessant om het zelf van stap tot stap te kunnen nagaan, om te zien hoe het ondenkbare tóch gebeurde.
Het wegvallen van mijn christelijk geloof gebeurde op een heel specifiek moment, een moment waarop de hele emmer met kritiek vol was en ik het geloof afzwoer. Ik heb er later nooit ook maar enige twijfel over gehad. Ik had alle zaken tot in den treure uitgedacht en was overal bij langsgegaan voordat ik de beslissing nam. Ik herinner me dat ik het even later heel leuk vond nu eindelijk zo'n verhaal te hebben met een crux decision, een moment van deconversie. Als born-again christen had ik zo'n moment van bekering nooit gehad, en daar zat ik als jong gelovige een beetje mee: ik kon nooit mijn 'ongelooflijke wederwaardigheden' in een 'gloeiend getuigenis' zoals ze die in opwekkingsdiensten hebben, oplepelen.

Hierna probeerde ik eenvoudig alle mooie zaken in het leven uit te roepen als mijn religie, uiteindelijk gegrond in 'God'. Christelijk geloof zwoer ik af, maar ik had er geen enkele behoefte aan om het begrip God ook af te zweren. Het was tenslotte 'de grond van mijn bestaan'. De eerste poging was zoveel mogelijk 'moois' van het christelijk geloof te proberen te bewaren, iets wat ik de verse christen-af Apologetus ook eens hoorde opmerken. Het was alsof mijn nieuwe denkbeelden uit het oude geloof gegroeid waren, er ahw op voortbouwden. Ik probeerde het te zien als niet zozeer afvallig zijn, maar eenvoudig de voortzetting van de geestelijke reis, een lange reis die je uiteindelijk je eigen geloof doet ontgroeien, je beklimt dezelfde eindeloze berg naar boven en gaat je oude geloofsgenoten voorbij; je komt uiteindelijk uit op een hoger religieus uitzicht. Terugkijkend op mijn lange geestelijke reis ziet het landschap er voor mij uit als verwarrend, als een worsteling van iemand die jarenlang in een gedachtenmoeras zit waar hij maar niet uit komt, omdat een mens eenvoudig nooit met goede bedoelingen alleen uit een moeras komt.

Later was de weg al zover verder gegaan dat ik geen uitzicht meer had op het geloof waaruit het was ontstaan. Integendeel, dát voelde steeds meer aan alsof het een tegenstander was, een voortdurende hindering, een verdraaiing, een karikatuur, een godslastering. 'Volwassen Geloof' was steeds meer iets wat bijna een antithese was van het oorspronkelijke geloof. Daar weer op terugkijkend zie ik dat ik maar één kant op kon: steeds maar verder, totdat uiteindelijk God wegvalt. En toch kon ik die stap jarenlang niet nemen. Het leek me onmogelijk.

Weer wat later omschreef ik het ietsisme in pantheïstische bewoordingen, maar op het moment dat ik het deed besefte ik al dat 'God=Alles' hetzelfde is als 'God=Niets'.

Later had ik er grote behoefte aan om al die jaren van moeraszwemmen zo definitief mogelijk van me af te gooien. Ik deed dat door genadeloos met de pantheïstische Niets af te rekenen, zoals je hier kunt lezen.

Op een gegeven moment zag ik het: ik was een kunstenaar, eenvoudig bezig met steeds maar mooie schilderijen te maken. Je kunt jezelf nog verder ontmaskeren: je noemt je kunstenaar omdat je nog niet rijp bent om de waarheid over jezelf in te zien: je bent gewoon een overgevoelig kneusje en kunt de realiteit niet onder ogen zien.
Maar OK, zie je jezelf -wijselijk, om je zelfrespect te bewaren- als de mooie, tere, broze kunstenaar, dan gaat het zo verder: je durft de schilderijen niet gewoon 'mijn schilderij' te noemen, of zelfs gewoon 'iets moois'. De religieus gelovige kan het niet doen zonder er de hoogste autoriteit bij te halen die aan het schilderij die titel geeft 'mooi'.

Ik heb me vaak afgevraagd waarom; wat ligt hier ten diepste achter? Waarom toch dat onophoudelijke gescherm met 'God'. Zelfs wanneer hij in de modder heeft gelegen, er gaten in zitten, hij met bleekmiddel is schoongeschrobd, door de wringer is gehaald, in de centrifuge heeft gezeten, en de restanten er verfomfaaid uitkomen, hem toch weer netjes glad willen strijken. Het is ten dele een puur theoretische zaak. Indien de realiteit niet eindigt met 'God' dan kunnen we het nooit volmaakt noemen, nooit 'mooi'. God móet dus wel aan ons mooischilderen worden toegevoegd, om alles te corrigeren en op te krikken waar het menselijk denken in blijft steken en niet bij machte is te creëren. Het grappige is alleen dat eenieder die lang over 'God' nadenkt enkel tot over zijn oren terecht komt in zaken die God minder mooi maken dan 'het volmaakte' dat we wilden creëren. Uiteindelijk zie je in dat het dus een goedkope gedachtentruc was. Je laat God dan steeds verhevener worden, totdat hij dan uiteindelijk volkomen uit zicht verdwijnt. Je kunt het natuurlijk weer verdoezelen en het de Transcendente God noemen, maar vanaf dat moment heb je van God de practical joke gemaakt, en is jouw denken in feite een practical joke.

Soms denk ik dat de drang om deze 'God' aan alles toe te voegen een soort valse bescheidenheid is: een gelovige maakt zijn mooie schilderij, maar door er heel eerbiedig 'God' aan vast te plakken doet hij net alsof het niet zijn gedachten zijn, alsof hij niet zegt dat de hele wereld maar naar zijn gedachten moet denken en handelen. Zo kun je de wereld ingaan en zonder blozen jouw wereld opleggen aan de rest. Het is een sluwe truc om de allergrootste grootheidswaanzin te verbergen, een truc zó sluw dat de gelovige er zelf ook intuimelt.

God is eenvoudig het woord dat iemand nodig heeft die het aan moed ontbreekt..zeg ik, die wel 49 jaar nodig had om die moed te vinden.
Als er nog iets bestaat dat mijn "theistisch" geloof nog ergens met veel moeite vasthoud dan zijn dat bepaalde profetieen over de geschiedenis van het joodse volk die ik nog achter de hand heb, en die ik nog altijd "frappant" vind. Ik heb ze even in het vriesvak gezet.
Inderdaad frappant, maar niet alleen frappant, meer nog: sinister. Want achter de kracht van die profetieën schuilt beslist geen god maar enkel het menselijk geloofsfanatisme. Wanneer je de omvang en kracht van al het menselijk bijgeloof en geloofsfanatisme beseft, de hele santekraam van waanzin en ziekte van de mens, pas dan kom je voor de afgrond van je denken te staan.
De wereld zal waarschijnlijk niet van de boekgodsdiensten verlost worden voordat ze eerst hun verschrikkelijke eindtijd zelf geschapen hebben.
Born OK the first time
fbs33
Bevlogen
Berichten: 3364
Lid geworden op: 28 feb 2006 19:11

Bericht door fbs33 »

Aan Rereformed;'Mensen zijn geneigd tot het kwade' is een poging van derden(god/en) om de mens centraal te stellen en tegelijkertijd te verheffen bóven zijn werkelijke status als dier.
Het ontkent die verpletterende waarheid (als jeje wilt laten verpletteren daardoor tenminste)
De realiteit is dat we een diersoort zijn met alleinstincten ervan maar tegelijkertijd opgezadeld met een brein dat tot bewustzijn in staat is en daarmee aan zelfreflectie te doen.
Een carnivoor doodt fauna dat hem eetbaar voorkomt.
Een herbivoor doodt flora enz. De omnivoor doodt van allebei een beetje.
Ze doen het achteloos als zijnde noodzakelijk om in leven te blijven omdat er alleen een instinct is dat hen ertoe aanzet.
De mens doet instinctief precies hetzelfde, want hij is een onderdeel van die fauna en wil óók blijven bestaan!
Maar heeft er als dier het zelfreflecterende vermogen bovenop gekregen dat hem achteromkijkende confronteerde met zijn (noodzakelijk) dierlijk gedrag.
Een dierlijkheid waarvan hij zich, empirisch bewezen, (en hen daardoor minachtend) distancieerde door dát 'het kwade' te noemen
Dat gegeven moet de Ouden die stukje bij beetje die 'god' ontwierpen óók geplaagd hebben.
En het 'ontwerp' werd aangepast! Het werd een god die de dieren aan de mens gaf ter consumptie, en met zijn 'goedkeuring' tot 'susser' voor het menselijke (ge)weten ging dienen, waardoor 'het kwade' door die god op afstand kon worden gehouden!
Tevens kwam er een leuke ander facet v.h. 'ontwerp' tevoorschijn nml. 'De mens had zich via die god verheven bóven flora en fauna!
Hen zelfs verheven boven zijn soortgenoten die hij wist te overwinnen! (Bij verlies werden vaak de god(en) vervangen, of een reden bedacht om te verklaren waarom god hen in de steek gelaten had die ene keer.haha)
Het is dié basisgedachte waarop de uitgewerkte specificaties van jou berusten m.i.

En de aanvaarding van dát spiegelbeeld om zowel het goede als het kwade te accepteren!
Je hebt er moed voor nodig want het spiegelbeeld is (zonder 'susser') niet prettig om naar te kijken.
Maar eenmaal eraan gewend, als zijnde eerlijk, als niet meer verontrustend, geintegreerd als- - - "Dat ben ik"! (nou eenmaal!)
Destinesia

Bericht door Destinesia »

Rereformed ik lees hier dagelijks en mijn gedachten draaien op volle toeren maar ik heb even een soort eeh 'writersblock'? Ik weet even niet waar ik gebleven was en ga zeker in herhaling vallen over zaken die ik al aangehaald heb. Praat gewoon lekker door als je nog eens wat te binnen schiet. Ik lees het zeker door, en ook je links. 8)

Maar ik ben nu even lui.

Als ik reageer is het kort en bondig. Ik ben namelijk mijn eigen lange verhalen even 'moe'.
Ik moet weer even opladen. Komt goed! Straks ga ik wel weer langdradig quoten ..... of eerder.

:wink:
Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 18251
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Bericht door Rereformed »

XcsM schreef:Rereformed ik lees hier dagelijks en mijn gedachten draaien op volle toeren maar ik heb even een soort eeh 'writersblock'? Ik weet even niet waar ik gebleven was en ga zeker in herhaling vallen over zaken die ik al aangehaald heb. Praat gewoon lekker door als je nog eens wat te binnen schiet. Ik lees het zeker door, en ook je links. 8)

Maar ik ben nu even lui.

Als ik reageer is het kort en bondig. Ik ben namelijk mijn eigen lange verhalen even 'moe'.
Ik moet weer even opladen. Komt goed! Straks ga ik wel weer langdradig quoten ..... of eerder.

:wink:
Ik heb inmiddels in diverse topics zoveel meer van je eigen gedachten gelezen en word er keer op keer zeer door geraakt. Sommige passages zouden letterlijk mijn eigen woorden kunnen zijn, zoals deze:
XcsM schreef:Aan die sfeer en emoties had ik niks en ik stelde "ze gelijk" aan elke andere religieuze emotie: . Die emoties vind je ook in andere "geloven". Daarom snapte ik nooit dat een bepaald soort christenen zich in allerlei ervaringen lieten meeslepen. Wie kon met zekerheid zeggen dat het de "kracht van de Heilige Geest" was? Ik vond dat ook egoistisch. Dat "om hulp vragen" voor je simpele behoeften en je pijntjes.

De Heer spreekt zus en zo uitspreken in een dienst vond ik zowiezo een soort "heiligschennis". Ik voelde dat zo'n persoon: Of glashard loog .... of niet helemaal spoorde in zijn of haar bovenkamer, maar je blijft beleefd. In 99% waren de heilige "woorden Gods" uit de mond van zo'n gelovige bovendien te belachelijk om te bedenken en op z'n best waren het woorden die zo op een tegeltje in het toilet konden.

Kochimodo schreef:
Ik bemerk bij jou alles behalve een vorm van overgave of wat daar zelfs maar op lijkt.


Nou vergis je niet. Ik spiegelde mijzelf een soort 'rationeel' christendom voor.
Ik ging de bijbel aannemen alsof er een "rode draad" van waarheid in lag. Het nieuwe testament moest al 2000 jaar mee en ieder mens moest het kunnen begrijpen in de eigen taal tot nu toe. Ik ging er vanuit dat middeleeuwse mensen vanuit Gods woord niet bestookt konden worden met de wetenschap zoals we die vandaag kennen en dat de moderne mens van nu dat 'feit' later wel zou doorgronden. De meest vreemde gedachten had ik daarover. De fout is dat ik dat voor mezelf hield en alleen maar met mezelf in gesprek bleef. Eigenlijk was het een enorm NIET TE WINNEN gevecht tegen "het normale denken".

Ik bemerk bij het lezen van jouw postings voortdurend dat ik het geloof op dezelfde 'rationele' manier beleefde als jij. Ik had ook wel heel diepe emotionele overgave, maar dat was nooit in de gemeenschap met andere christenen (ik prikte er net als jij altijd doorheen met scherpe rationele kritiek).

Mijn diepste religieuze emoties voelde ik altijd in eenzaamheid, bij het componeren van mijn eigen muziek, en bij het beluisteren van of zelf spelen van muziek. Mijn mooiste emotionele momenten van overgave aan en opgaan in God beleefde ik altijd wanneer ik een eigen compositie maakte en het punt bereikte dat ik van tevoren wist dat het zal lukken en volmaakt zal worden. In deze staat van 'flow' te zijn voelde het altijd aan alsof het volstrekt onmogelijk was dat ik het zelf geproduceerd zou hebben. Ieder muziekstuk van mezelf was als vanuit een onverklaarbare bron gekomen, iets veel hogers en groters dan ikzelf was. Het S.D.G achter je compositie te schrijven is voor een componist bijna een vanzelfsprekendheid.
Andere mooiste momenten van mystiek beleefde ik toen ik in een afgelegen uithoek van Finland in een klein dorpje woonde, waar een prachtige moderne kerk stond met een vleugel. Ik mocht daar wanneer ik maar wilde op spelen, en bracht vele uren door door geheel alleen in die grote kerk de preludes en fuga's van Bach (en vele andere muziek van grootheden die ik uit m'n hoofd kende) te spelen. Terwijl de klanken in de prachtige acoustiek van zo'n grote ruimte naar de hemel zweefden (want God was de enige toehoorder) keek ik door de reuzenramen die op één punt van vloer tot dak gingen naar de uitgestrekte wildernis met mistige blauwgrijze heuvels op de achtergrond en voelde zoiets als het summum van geluk. Dat was voor mij de verbondenheid met God.

Jouw afscheid van God is net als mijn afscheid wellicht de meest pijnlijke ervaring in ons leven. Voor mij had God mijn leven niet uitgehoeven. Ik ervaar opnieuw en opnieuw dat ik God de rug toekeer omdat niets wat over God in woorden wordt uitgekraamd de toets van verstandelijke kritiek kan doorstaan, en ik daarom gedwongen wordt er afstand van te doen. Mijn ongeloof is nooit een onverschillig worden tov de religie. Integendeel, hoe meer ik er afstand van deed, des te meer ik moest studeren om uit te zoeken of het gerechtvaardigd was. Van elke stap moest ik zeker weten dat het móest. Zo heb ik me als ongelovige misschien wel tienmaal zo intensief met de bijbel en geloof bezig gehouden dan ik ooit als christen deed. Het 'hier sta ik, ik kan niet anders' van Luther, is een uitspraak die ik als atheïst tot op mijn botten voel. En de religie zit zo diep verankerd in mijn persoon dat ik tegenwoordig de drang heb om uit te spreken dat slechts een atheïstisch mens over ware religiositeit kan beschikken. Dat is nou een opmerking waar ik achteraan zou zeggen: "Wie het vatten kan vatte het", oftewel waarover ik met niemand in discussie zou willen gaan, omdat ik van niemand verwacht eenzelfde jarenlange eindeloos toeschijnende worsteling te maken als ik van mezelf eis.

XcsM schreef: Rerformed adviseerde mij om al mijn twijfels en het "niet volledig durven loslaten" te onderzoeken. Wat ik onthield was dat hij zei:
Rereformed schreef:noem het voor mijn part, "zoektocht naar God"
.... in die zin dat hij uit ervaring meent dat wanneer je daadwerkelijk eerlijk zoekt naar God al die dingen die je hebt aangeleerd samen met je dogmatische voorstellingen automatisch "verdwijnen" en zich "oplossen". Ik ben benieuwd.
Jouw geloof werd rationeel gevoed door de gedachten over de eindtijd. Je werd geconfronteerd met niet tegen te spreken zaken -'het profetische woord'- die het volkomen duidelijk maakten dat het christelijk geloof wel waar móet zijn. Om volledig bevrijd te worden uit de klauwen van het religieuze geloof, moet je je volgens mij concentreren op het onderzoek van díe dingen die voor jou tóen van doorslaggevend belang waren om de juistheid van het geloof aan te tonen. Je zou dus een uitvoerig onderzoek moeten doen van al die eindtijdboeken, al die eindtijdbeweringen, eindtijdprofetieën. De apocalyptiek was de spil van je geloof. Wanneer je díe ontmaskerd hebt zit je niet meer met twijfels en tweeslachtigheid.
Ikzelf heb ook heel diep in die denkwereld gezeten. Ik werd er later zo misselijk van dat ik er geen kracht voor had Hal Lindsey en co. uitvoerig in mijn e-boek te behandelen. Ik schreef slechts één hoofdstuk met als titel "De God van de Wraak". Ik heb vaak gedacht dat ik zelf nog eens uitvoerig op dit eindtijdonderwerp wil terugkomen; ik zou er een heel boek over willen schrijven om het van a tot z te ontmaskeren als humbug, en om als hulp te dienen voor duizenden christenen die in dit mensonterende denken verstrikt zitten. Tot nu toe heb ik er nog niet de inspiratie voor gevonden eraan te beginnen. Het is namelijk zo omvangrijk, een gigantische klus van misschien wel een jaar of zelfs twee. Maar misschien is het een taak voor jou.
Born OK the first time
Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 18251
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Bericht door Rereformed »

XcsM, ken je overigenshet mooie gedicht van Thomas Hardy God's funeral? Ik moet er altijd om huilen wanneer ik het weer eens lees. Ik heb geprobeerd er een vertaling van te maken. Het Engels is vrij lastig.
https://volwassengeloof.nl/26-2/ Scroll naar bijna het einde van de pagina.
Born OK the first time
Gebruikersavatar
collegavanerik
Superposter
Berichten: 6347
Lid geworden op: 31 mar 2005 22:59
Locatie: Zuid Holland

Bericht door collegavanerik »

rereformed schreef:In tegenstelling tot vele atheïsten uit zijn tijd had Hardy totaal geen haat of weerzin tegen de godsdienst. In de loop van zijn leven moest hij op een gegeven moment gewoon toegeven dat het allemaal maar mensenfantasie was. Hij gaf dan ook zijn christelijk geloof geheel op, maar ging gewoon door met het genieten van rituelen, geestelijke muziek, de sfeer van kerkdiensten, het kerstfeest enz. Toen hij een 'honorary fellowship' kreeg aangeboden in Cambridge vroeg men voorzichtig of hij de kerkdienst die erbij hoorde wel kon bijwonen. Hij zei hier geen moeite mee te hebben. "Het is voor mij alleen de sfeer nog, natuurlijk, die me wel aanspreekt".
dat heb ik ook wel.
Afbeelding Hebr 6:
5 wie het weldadig woord van God en de kracht van de komende wereld ervaren heeft 6 en vervolgens afvallig is geworden, kan onmogelijk een tweede maal worden bekeerd.
Als er een almachtige god bestaat, dan is hij een sadist.
Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 18251
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Bericht door Rereformed »

collegavanerik schreef:
dat heb ik ook wel.
Prijs je gelukkig.
Born OK the first time
Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 18251
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Bericht door Rereformed »

Hypatia schreef:Wat was jouw ‘opbrengst’ na ’95?
1) dat je tot op het dieptepunt van je leven moet komen om veel dingen te kunnen begrijpen.
2) dat ik alles in het leven geheel op eigen kracht moet doen.
3) dat ik ontzaglijk veel meer kracht heb dan ik ooit voor mogelijk had gehouden.
4) dat niets mijn innerlijk kapot maakt.
5) dat ik nergens meer bang voor ben, het allerminst voor de dood.
6) dat alles mij lukt waaraan ik begin.
7) dat ik mezelf of anderen nooit meer zondig noem.
8 ) dat ik het leven lief heb.
9) dat ik uitgroei tot een schepper.
Freefighter schreef:
Rereformed schreef:dat ik uitgroei tot een schepper
Van wat dan wel? :-k

Gedeelte uit mijn autobiografie Dansen op vuur en ijs:

In de loop van september begon de cursus kontrapunt, die eigenlijk de vorige lente al afgerond had moeten worden, op z’n eind te lopen. Er restte nog slechts één opgave: een tweestemmige ‘Inventie’ in de stijl van Bach ‘schrijven’.
Op 12 september 1995 stond ik voor het volgende dilemma. Drie jaar lang had ik niets meer kunnen componeren. Ik was op het punt aangekomen dat ik zo langzaamaan eraan vertrouwd was geraakt dat de fase van het componeren in mijn leven voorbij was. Ik had me erbij neergelegd, hoewel het me steeds pijn deed. Ik kon het niet meer, ik wilde het niet meer. Het is voorbij. Zo gaat het nu eenmaal in het leven. Je moet je schikken naar het leven, je aanpassen aan nieuwe situaties en er niet in dwaze opstand tegenin gaan.

Maar nu stond ik voor deze verplichte opgave. Ik kon nu dus niet zeggen dat ik het niet meer doe. Het moest gewoon. Maar hoe krijg ik daar de kracht voor? Het lukt me nooit.
Ik zat aan de piano, nam loom en met tegenzin wat muziekpapier en begon maar wat noten te schrijven. En ik ging er mee door tot de twee bladzijden vol stonden met noten. Het was niet moeilijk. Er ontstond meteen een muziekstukje, en heel mooi volgens alle regels. Kan het waar zijn: ik voel zowaar plezier in m’n hart. Wat was het toch leuk als je iets schept en er daarna naar kunt kijken en constateren dat het goed is. In feite is dat het allermooiste wat er maar bestaat, want zelfs God had behoefte om te scheppen en er later een hele dag met een voldaan gevoel naar te kijken.

De volgende dag zat ik weer aan de piano. Ik nam weer muziekpapier. Besloot weer een tweestemmige ‘Inventie’ te componeren. Ik voelde een totale onmacht. Ik bedacht na lange tijd van alle mogelijke thema’s het allereenvoudigste: in a kleine terts een toonladder in de omvang van een sekst omhoog, en dan vanaf de kwint een drieklank terug naar het beginpunt. En als tegenstem vond ik zowaar drie noten. Dat begin leek niets, maar ik kon er toch best op verder gaan. Je moet in het leven niet te veel hooi op je vork nemen. Na een tijdje merkte ik op dat het geen stukje in de stijl van Bach werd maar een stukje in de stijl van Scarlatti. Daar keek ik helemaal niet van op. Integendeel, ik bedacht me meteen dat ik in de eenzaamheid van Rautavaara 300 of 400 ‘sonates’ van Scarlatti heb gespeeld. Scarlatti is mijn beste vriend hier. Hij haalt me altijd weg uit de koude sneeuwtroep om me heen en brengt me naar het zonnige Portugal en Spanje. Hij beurt me altijd wat op. Hij weet te genieten van het leven. Hij heeft levensplezier, nooit aflatende kinderlijke energie. Maar ook af en toe die onverwachte melancholie, die ik ook zo goed ken. Wellicht was hij verliefd op de jonge prinses die hij zijn halve leven les moest geven en die natuurlijk onbereikbaar was. Bovendien was hij net zoals ik altijd een buitenlander.

Ik begon er zin in te krijgen. Weer komt het thema, de tegenstem, een variant, nu alles omdraaien, de inversie, dan het thema in de gekste toonaarden laten verschijnen, zoals Scarlatti dat zo mooi deed, en dan even op z’n spaans die ene traan laten vallen. Precies zo deed hij het ook. Kijk, daar kijkt hij weer over m’n schouder. Voor het eerst sinds onheuglijke tijd voelde ik me opperbest. Ik genoot van de muziek die ontstond. Alles stond in het teken van dolce, tederheid, en ik voelde sterk dat dit stukje niets meer te maken had met een kontrapuntopgave, maar een volmaakte uitdrukking werd van zowel mijn kunnen als mijn gevoeligheid. Boven het eerste gedeelte zette ik het woord ‘Pastorale’.

Toen de middag ten einde liep werd ik uit mijn volstrekte eenzaamheid opgeschrikt door een telefoontje. Voor één keer stond ik m'n vrouw eens opgewekt aan het woord. ‘Stel je voor, ik kan nog componeren! Je raadt niet half hoeveel dit voor mij betekent. En het is niet zomaar wat. Nee, het wordt echt iets bijzonders. Ik voel het. Ik weet het.’
Na het telefoongesprek speelde ik het nog eens door. Ik was tot op de helft gekomen, dwz. twee bladzijden muziek. De sonates van Scarlatti bestaan altijd uit deel één en deel twee, beide delen worden herhaald, en meestal beslaat elk deel twee bladzijden. Ik was zeer tevreden met het resultaat maar voelde me opeens uitgeput. Ik viel in slaap, hoewel het nog maar net avond was.

Ik werd om middernacht weer wakker. Ik was zo druk bezig geweest met componeren dat ik meteen bij het wakker worden weer muziek hoorde in m’n hoofd. Ik voelde een grote drang meteen voort te gaan. De nacht was pikdonker. Het huis waar ik nu al een half jaar geheel alleen woonde was groot en leeg en op een stille plaats in de bossen. Ik voelde me totaal verlaten en eenzaam. Ik kreeg een rilling van angst en kou over me heen, maar sloeg een deken over me heen en ging aan de piano zitten en speelde mijn zojuist gecreëerde muziek. Meteen erachteraan voelde ik het vervolg als vanzelf opwellen. Ik speelde het even en begon nerveus de noten op te schrijven, bang als ik was dat de ideeën me weer zouden ontglippen. Ik hoefde helemaal niet na te denken maar alleen alles maar op te schrijven. De noten rolden als een vloedgolf over me heen.
Mijn hand begon te beven. Ik voelde opeens dat ik dit nog nooit had meegemaakt. Zo geinspireerd was ik nog nooit bezig geweest. Ik speelde de ontstane muziek en wist dat ik boven mezelf uitsteeg. Ik kon weinig anders doen dan zelf de hele tijd maar versteld staan van wat er op papier kwam. Weer speelde ik het door. Ik had nog nooit zulke hartverscheurende muziek gecomponeerd. Deze muziek was zo teer, zo schrijnend droevig. Ik zocht naar de juiste woorden om het voor mezelf te omschrijven. Ik voelde opeens een loodzware last op me drukken. Ik begon te huilen en zag de noten door mijn tranen heen langzaam bewegen. Het was alsof ik mijn hele droeve leven opeens op me af zag komen. Ik besefte opeens het enorme gewicht van mijn verdriet. Ik raakte volledig in paniek en begon te beven over mijn gehele lichaam. Ik werd ook opnieuw gewaar van de kou om me heen. Alles was kil, doodstil, spookachtig. Alleen het kleine pianolampje brandde. De muziek veranderde tot spookachtige ijle klanken. Mijn hele leven viel als een onvoorstelbare lawine over me heen. Wat er nu met mij gebeurt in mijn leven is een lange serie van totaal onbegrijpelijke gebeurtenissen, een nachtmerrie. Ik voelde me diep verzonken in een gevoel van totaal mislukt te zijn. Er ging door me heen dat dit in feite mijn laatste compositie is. Dit is als een zwanenzang voor mezelf. Mijn afscheid nemen van het leven, zoals Mozart dat deed in zijn Requiem en Tsaikovski in z’n laatste symfonie. Maar dan voelde ik weer dat de compositie vol troost zat. Het was troost voor mij, een teken dat mijn leven niet voorbij is, maar het waardevolste deel pas nu begint! Ooit zal ik hoger vliegen dan ik voor mogelijk hield.

Het begin van het tweede deel liep ten einde en ik merkte ik dat automatisch weer terechtkom op het beginthema, maar nu een hele toon hoger. Ik kreeg de gedachte dat dit een mooi symbool is: Door al het mensenlijden heen gaat de weg naar verlichting, naar verlichting.

Tijdens het componeren was er niets dat ik plande, niets dat ik rationeel aanpakte. Ik schreef alleen maar muzieknoten op die op onverklaarbare manier tot mij kwamen. Steeds sterker kreeg ik het gevoel dat deze muziek niet uit mezelf komt maar van buitenaf. Een vreemde kracht die mij gebruikt als kanaal. Voor het eerst wist ik dat inspiratie inderdaad bestaat. Ikzelf zou dit nooit kunnen bedenken. Ik had nog nooit eerder muziek zo dwangmatig op deze manier gemaakt. Misschien was het Scarlatti die me de muziek ingaf, misschien was het God zelf. Ik kreeg opeens een vreselijk angstig gevoel. Alles was zo doodstil en eng rondom mij. Elke noot die ik hoe zacht dan ook speelde, brak op een bijna gewelddadige manier de absolute stilte van de Finse nacht en verdween in een dikke duisternis de bossen in. Iemand deed mij muziek opschrijven. Ik wist met elke noot dat dit voor mij heilige muziek is. Zo ongeveer om drie uur ‘s nachts was het muziekstuk af en wist ik dat dit het mooiste was wat ik ooit had gemaakt. Een kleinschalig muziekstukje natuurlijk, een miniatuurtje, maar het bevatte alles, mijn totale leven. Het bevatte zoveel dat ik versteld stond van de kracht van zo weinig noten, van slechts een paar momenten muziek. De muziek ontroerde me zo diep als ik alleen soms bij het beluisteren van de langzame middendelen van Mozarts pianoconcerten soms heb ervaren. Ik was aangekomen op de allerdiepste roerselen van mijn ziel. Ik gaf de muziek de naam: Muziek voor een engel.

Ik speelde de compositie telkens opnieuw. En telkens wanneer het tweede deel begon moest ik huilen en stroomden de tranen over mijn wangen naar beneden. Boven het tweede deel schreef ik ‘Arioso’. Ik bemerkte dat ik in dat tweede deel met mijn linkerhand de pianotoetsen heel zachtjes streelde en wist dat dit liefkozing was. Ik schreef tussen de noten ‘amoroso’. En dan kwam dat meest hartverscheurende moment, maar een paar nootjes. Bij het horen van die nootjes voelde ik alles in elkaar storten en alles in me afbreken. Op deze plaats schreef ik ‘doloroso’.

De volgende dag moest ik naar het conservatorium. Ik speelde de nieuwe compositie voor mijn pianoleraar Jaakko Untamala. Ik was heel bang dat ik dit niet voor elkaar zou krijgen zonder in huilen uit te barsten. En het was voor mij totaal onmogelijk om zelfs maar een vingerwijzing te geven naar de achtergrond hiervan (een liefdeservaring die in een catastrofe eindigde en mij bijna tot zelfmoord dreef). Ik gumde voor de zekerheid mooi de woorden ‘amoroso’ en ‘doloroso’ weer uit.
Ik speelde de compositie en voelde dat deze volkomen eenvoudige muziek alles en het enige was, wat ik als musicus te bieden heb, wat ik als mens in mijn hoofd heb en de wereld te bieden heb. Na het beluisteren ervan was mijn leraar geruime tijd stil en zei hij tot slot: ‘Jij bent iemand waarvan men met volkomen zekerheid kan zeggen dat hij zijn hart op de juiste plaats heeft’. Ik wist meteen dat hij alles begrepen had. Ik bewonderde Jaakko als geen andere Finse man en wist dat hij mij volkomen doorgrondde, zoals hij op het hele leven een diepe kijk heeft. Maar zijn elegante manier van omgaan met mensen weerhield hem er van om ook maar iets van nieuwsgierigheid te laten zien. Hij haalde kundig niets met geweld los, maar liet mij volledig in mijn waarde.

Ik ging vervolgens naar de kontrapuntles en speelde de compositie voor de theoriedocent Lasse Kataja. Ik vertelde hem nog maar een compositie te hebben gemaakt, als een extraatje, omdat ik zoveel van Scarlatti houd. Hij beluisterde de compositie met grote interesse en stond daarna energiek op om naar het volgende leslokaal te gaan waar zijn collega Jouni Kuronen lesgaf. ‘Dit moet je beslist voor Jouni spelen, die is zelf ook componist’. Jouni stond net op het punt naar huis te gaan maar bleef gemoedelijk nog even luisteren, met z’n handen om z’n enorme buik geslagen. Hij zei dat het mooi klonk. Ik legde uit dat ik geprobeerd had in de stijl van Scarlatti te componeren. ‘Scarlatti kun je er goed in horen, maar ook jouw stem. En dat bedoel ik niet als kritiek, want zo moet je het juist doen’, gaf hij als reaktie.

Hoewel ik behoorlijke complimenten kreeg, was ik toch niet helemaal tevreden, want het was me dus niet gelukt een stukje in de stijl van Scarlatti te schrijven.
Een paar dagen later zat ik daarom weer aan de piano, en begon ik weer aan een tweestemmige compositie. Ditmaal nam ik me voor de 556ste Sonate van Scarlatti te schrijven. Het moest zó echt Scarlatti zijn, dat de muziek als hij op fraai oud papier geschreven zou zijn in het handschrift van de andere sonates, zonder meer aan Scarlatti toegeschreven zou worden. De compositie ontstond in een ononderbroken scheppingsvlaag. Ik schreef aan een stuk door, en helemaal zonder problemen tegen te komen. Ik hoefde niets te bedenken, er nooit bij stil te staan hoe ik hem zou kunnen imiteren, maar was zo bekend met zijn stijl dat alles vanzelf ontstond en ik er naderhand om kon lachen bij het nagaan en zoeken van bepaalde scarlatti-elementen ze zonder meer in de kompositie terug te vinden terwijl ik die tijdens het componeren niet eens opgemerkt had. Ik voelde me zo gelukkig en onbezorgd, en wist dat dit ook bij het componeren in de stijl van Scarlatti behoort. Het lukte dus voor 100 procent, en ik was trots op het resultaat. Alles was Scarlatti: de polyfonie van de beginnoten, de loopjes, het kruisen van de handen, de gepeperde en gewaagde clusters die volgens de kenners de spaanse gitaar nabootsen, de gelijkluidende eindkadenzen, het verdwalen in leuke, onmogelijke toonaarden in het tweede deel enz. Ik moest gewoon één maal in m’n leven laten zien dat ik het ook kon, dat ik bekwaamheid heb.

De volgende week ging ik weer naar les met een paar muziekbladen in m'n hand en speelde ik voor Lasse Kataja weer een nieuw stukje. Ik legde uit dat deze derde poging pas opleverde waar ik helemaal tevreden mee ben. Het moest een stukje in de trant van Bach zijn, maar het werd om persoonlijke redenen Scarlatti. Maar hier is hij dan ook helemaal in levende lijve! Ik had er wel een week op moeten studeren om het goed te kunnen spelen, want het was technisch gezien geen gemakkelijke muziek. De leraar luisterde weer aandachtig en zei na afloop, alsof hij een slecht geweten had, dat ik echt die laatste opgave niet zo serieus had hoeven nemen. Ik antwoordde hem dat ik het zo leuk vond en er niet mee kon ophouden. Ik kon hem natuurlijk met geen mogelijkheid zeggen dat ik al 10 jaar componeerde en nooit over die depressieve gedachte was gekomen dat ik maar wat aanklungel en in feite totaal geen kwaliteiten heb. Ik was op dit moeilijkste moment in mijn leven door mijn eigen scheppingsdrang aangegrepen en in een ander mens veranderd, en wist nu rotsvast dat ik het kon als de bekwaamste, al is het maar voor één zeldzame maal!

Een paar weken later kwam ik ‘s morgens vroeg aan op het conservatorium. Ik liep in de grote aula en hoorde opeens een luide stem vanaf de vijfde verdieping naar me schreeuwen: ‘Zeg, weet je al dat je voor kontrapunt een tien gekregen hebt?’ Nee, natuurlijk wist ik dat niet, en ik schaamde me een beetje -zo Fins ben ik geworden- dat dit zomaar door het gehele gebouw rondgebazuind wordt. Jouni Kuronen stond daar boven naar me te glunderen. Ik ging meteen poolshoogte nemen bij mijn leraar Lasse Kataja, die me ook al glunderend te woord stond: ‘Je had er anders een acht of negen voor gekregen, maar toen wij docenten jouw composities onder ogen kregen, waren we het er meteen eensgezind over eens dat je een tien verdient. Doodeenvoudig om de reden dat muziek van zulke hoge kwaliteit nog nooit eerder in de geschiedenis van ons conservatorium door leerlingen is voorgelegd’. Hij zei het nog eens, alsof hij het er voor de rest van mijn leven voor altijd in wilde stampen: ‘Nog nooit in onze conservatoriumgeschiedenis hebben we zulke mooie muziek voorgeschoteld gekregen. Een uniek geval.’ Hij legde me uit dat kontrapunt één van de moeilijkste vakken is waar velen bang voor zijn en dat het cijfer heel wat waard is.
Ik bemerkte dan ook spoedig dat men er overal in het conservatorium weet van had. Ik voelde me de hele dag gelukkig en vergat voor even mijn zorgen.

Na deze gebeurtenis componeerde ik 3 CDs met eigen muziek, schreef ik twee boeken in het Fins met m'n autobiografie, en later in het nederlands het boek Volwassen Geloof en mijn Commentaar op Aldus sprak Zarathoestra. En mijn drang tot het scheppen van produkten van mijn eigen geest gaat nog steeds onverminderd en onophoudelijk verder. Ik ben sindsdien door mijn eigen geest opgezwiept tot een intens willen beleven van het leven en alles uit mezelf te halen wat er in zit.
Laatst gewijzigd door Rereformed op 28 feb 2008 09:45, 3 keer totaal gewijzigd.
Born OK the first time
Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 18251
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Bericht door Rereformed »

Een ander gedeelte uit mijn autobiografie:

Halverwege oktober 1995 was ik weer verzonken in een diepe bui van depressie. Ik zette me ‘s avonds voor mijn synthesizer neer en begon te improviseren. Ik voelde intens dat nu het moment is gekomen dat ik mijn grootste ervaring van verdriet in het leven in muziek wilde omzetten. Het doet zo’n verschrikkelijk pijn te weten dat je iets volmaakts voor altijd verloren hebt. Dat alles wat er volgde op die paar momenten van geluk alleen maar pijn, tranen en teleurstelling teweegbracht. Alles wat ik nu voelde wilde ik omzetten in muziek. En die muziek zou ik opdragen aan haar, zoals ik eens beloofd had. Ik kan er niets aan doen dat de muziek van verdriet vertelt, dat het zo ontstellend zwaarmoedig is, zo onvoorstelbaar pijnlijk en verdrietig. Ik laat me lezen als een open boek. Zóveel hield ik van haar dat ik nooit meer uit de oceaan van verdriet kom. Voortaan ken ik alleen nog maar droefheid en drink ik zout zeewater. De compositie die ontstond greep me zeer aan. Ik beefde tijdens het componeren. Ik luisterde er opnieuw en opnieuw naar terwijl ik op m’n bed lag. Onophoudelijk huilde ik. Totdat ik eindelijk insliep. Wel een half jaar lang.

Later gaf ik de compositie de naam Nostalgia.

Het volgende weekeinde componeerde ik weer een polyfoon muziekstukje. Ik bedacht de naam Hommage à Bach, hoewel het strikt genomen niet in de stijl van Bach was. Het hoefde ook niet meer, want ik componeerde alleen voor mezelf. Mijn muziek is een spiegel van mijzelf. Ik merkte ten overvloede op dat mijn muziek, geheel los van al mijn sombere gemoed en zwaarmoedigheid, altijd omschreven kan worden door woorden als ‘schoonheid’ en ‘harmonie’. Ze bevatten nooit wanhoop. De nieuwe compositie was ongelofelijk teer en gevoelig. Telkens wanneer ik het speelde voelde ik troost. Troost was het beste woord waarmee ik mijn nieuwe muziek kon omschrijven. Niets kon mijn innerlijke schoonheid, harmonie kapot maken. Mijn kracht het leven te blijven liefhebben is groter dan welke andere kracht ook.

Ook deze compositie speelde ik m’n theorieleraar voor. Zijn commentaar was dat mijn thema een drievoudige herhaling van dezelfde noot bevat. Dat is niet de stijl van Bach. Omdat ik m’n tien al had gekregen zei ik hem dat het dan ook mijn muziek is. ‘De naam is alleen maar een klein teken van mijn verering en ontzag voor Bach. Maar ik wil hem eigenlijk ook laten zien dat je ook op mijn manier kunt componeren...’.
Omdat Bach nu eenmaal toch de grootste is, heb ik toch de rest van m’n leven altijd gezocht naar die drievoudige herhaling van hetzelfde nootje in een thema van Bach. Het kan niet waar zijn dat deze geniale man dat niet zelf al eens heeft geprobeerd, want zo slecht klinkt het heus niet -Mozart herhaalt dezelfde noot soms wel vier keer, maar hij doet het meestal vlug natuurlijk- en Bach zou juist de eerste zijn die meteen het waarom ervan zou weten, hetgeen theorieleraren natuurlijk ontgaat.

Maar zo niet, dan is het mijn vondst: een rustige drievoudige herhaling van dezelfde noot betekent volledige berusting, het je volledig neerleggen bij de feiten van het leven en het leven volledig te aanvaarden. Dat is de kern van troost. Als onderstreping hiervan moet de laatste keer dat de noot herhaald wordt, hij met een praltriller gespeeld worden, dwz de noot wordt aangeslagen, waarna er meteen de noot eronder gespeeld wordt (dat heet uitglijden :wink: ) en weer wordt teruggegaan naar de originele noot (weer opstaan!).

Op een avond toen ik weer eens een dag in volledige eenzaamheid had doorgebracht in Rautavaara, ging ik naar buiten. Ik ben ‘s winters met bijna geen stok de deur uit te krijgen maar nu had ik een grote drang wat frisse lucht te happen. In het donker liep ik de bekende bosweg. Erlangs groeiden bomen die ik bijna tien jaar lang had zien groeien en allemaal kende. Om me heen was mist, maar de volle maan was toch nog een beetje zichtbaar en deed me nog net het pad zien waar ik op liep. Tien jaar van mijn leven had ik aan deze plaats gegeven. Ik had er eindelijk vrede mee. Het riep geen opstand meer op. Het was mijn woonplaats. De plaats waar ik hoorde. Ik begreep alles wat de plaats voor mij betekend had. Ik begreep volkomen wat de plaats mij gegeven had en nog steeds te bieden had. Ik miste m’n hond. Zonder hond is het niet helemaal wat het zijn moet.
Ik ging zitten op een grote steen aan de oever van het Keyrittymeer, wat nu een uitgestrekte deken van sneeuw was. Met de mist en de maan erboven ging er ongekend veel mystiek van uit. Toen ik omkeek naar de donkere sprookjesbossen achter mij moest ik er weer aan denken dat een mens zo vaak zijn leven zelf zo moeilijk maakt. Alles is perfect. Tot die schepping behoort alles wat het leven te bieden heeft, ook de fouten, ook de donkerheid, ook droevenis. Een gedachte drong tot me door die bijna op een stem leek: ‘Neem het leven aan zoals het is. Verzet je er niet meer tegen. Het leven is de moeite van het leven waard!’
En opeens begon ik een gedicht te maken. Met een glimlach op m’n gezicht natuurlijk, omdat ik geen enkele taal beheers om er trots op te zijn:

Täydenkuun satumainen valo
hyväilee äärimmäisellä hellyydellä
utua täynnä olevaa pimeää metsää
ja hohtavaa järven pintaa

ja pysäyttää miettimään kunnioituksella:
Miten ihmeellisen kaunis onkaan elämä


Het sprookjeslicht van de volle maan
aait met intense zachtheid
de met nevel gevulde donkere bossen
en het glinsterende meer

en doet je vol ontroering stilstaan:
Wat is het leven wonderschoon


Ik kreeg een raar gevoel, omdat ik voor zover ik me maar kon herinneren nooit in m’n leven gedichten had gemaakt. Nou ja, met sinterklaas natuurlijk, maar dat was alleen fun, en bovendien in een ander leven. Ik probeerde me later ook koortsachtig te herinneren of ik het eerst in het Nederlands of in het Fins bedacht had. Ik kwam niet tot een conclusie, maar neem aan dat het Fins was, omdat ik zelfs bij het alleen zijn Fins tegen mezelf spreek. Maar misschien was het één geen vertaling van het ander. In de Nederlandse tekst staat ‘ontroering’, in de Finse tekst ‘ontzag’. En waarom móeten het voor mij die twee verschillende woorden zijn?

Ik voelde sterk dat dit gedicht mijn handleiding voor het leven was. Bovendien bevatte elk woord van het gedicht mijn diepste wezen en beschrijft het mijn karakter, mijn ziel.
Ik liet de computer de tekst met mooie en grote letters drukken en plakte het vel papier op de WC-deur. Er kon geen dag meer voorbij gaan zonder dat dat gedicht mij zat te vermanen: ‘Geef het niet op! Geef het nooit op. Je mag je leven niet voortijdig afbreken.’ Soms schreeuwden de woorden me toe, soms gaven ze me maar heel stil een soort zielsrust, zoals een moeder zingt voor een huilende baby.
Born OK the first time
Plaats reactie