Rene TE schreef:Rereformed schreef:
Je kunt echt niet ontkennen dat jouw interpretatie van Genesis gedicteerd wordt door de conclusies die je uit je natuurwetenschappelijke studies hebt moeten trekken.
A) mijn visie op de uitspraken over de positie van de aarde in het heelal worden inderdaad gedicteerd door de wetenschap. Lijkt me niets mis mee, dit was kennis die destijds niet onder de mensen (=lezers en schrijvers van de tekst) bekend was. Wanneer je vindt, dat God die kennis erin had moeten stoppen ben je weer ultra-modern bezig.
Dit is helemaal niet het punt waar ik me aan stoor. Ik stoor me eraan dat jij vanwege je wetenschappelijke kennis gedwongen wordt om de dood vanwege de zondeval op te vatten als 'geestelijke dood', terwijl de bijbel duidelijk de fysieke dood als straf ziet voor de zonde. De fysieke dood zou er volgens jou altijd al geweest zijn in de schepping en dus niet kwaad zijn. Ik ben nergens in de gehele geschiedenis van het christendom deze opvatting over Gods originele schepping tegengekomen. Jouw geestelijke dood wordt in de theologie van alle eeuwen ook beaamd, maar nooit uitgespeeld ten koste van de fysieke dood. In de theologie van alle eeuwen is fysieke dood altijd gezien als een straf voor de zonde en als één van de zaken die behoren tot het 'geschonden zijn' van de schepping.
Indien ik het fout heb zou ik graag verwijzingen willen krijgen naar theologen die jouw opvatting deelden; dus uitspraken van theologen dat de fysieke dood altijd al tot de schepping behoorde en niet kwaad is, uit de oudheid, de middeleeuwen of de nieuwere tijd voordat de evolutietheorie opgang deed (20ste eeuw). Indien je me dit lijstje van theologen niet kunt geven acht ik mijn bovenstaande bewering voldoende bewezen.
B) De visie dat de eerste hoofdstukken van Genesis niet letterlijk genomen moest worden, dateert al van de eerste eeuwen van onze jaartelling, maar dat heb ik hier al eens geschreven dus dat ga ik niet herhalen.
Ik ga hier graag nog op verder, want deze zaak is beslist niet zo maar af te handelen in één opmerking 'dat de kerkvaders Genesis niet letterlijk opvatten'.
Ten eerste: al zouden ze het doen, dat geeft je geen enkele vrijbrief om het ook te doen!
De kerkvaders konden vanwege hun hellenistische geleerdheid al niet meer de oude opvattingen huldigen. Ze zaten dus in hetzelfde lastige parket als waar jij in zit, niet vanwege de evolutietheorie, maar vanwege de hellenistische 'ontwikkelde' filosofie. Voor hen was het bijvoorbeeld een onoverkomelijke zaak dat in het scheppingsverhaal, en ook in de verwijzingen naar het scheppingswerk te vinden in de boeken Job en Spreuken, men een voorstelling van de Schepper en het geschapene vindt die in de kinderjaren van de cultuur geheel natuurlijk ontstond: een Schepper gezien als een uitvergroot mens, die letterlijk met zijn eigen handen aan het werk gaat en bijvoorbeeld de mens boetseert; de schepping is "het werk van zijn vingers". Dat dit de oorspronkelijke gedachte is geweest kan men ook opmaken uit de oudere voorstellingen uit het tweestromengebied.
Dit oorspronkelijke scheppingsidee ontwikkelde zich in de loop van de tijd tot een wat verhevener opvatting: het belangrijkste scheppingsinstrument was niet zozeer gelegen in de handen en vingers van de Schepper, maar in zijn stem. Het oudere, primitievere idee bleef bestaan, maar werd nu vermengd met het indrukwekkender idee dat "hij sprak en het was", -dat alles tot aanschijn werd geroepen, door zijn woord.
De oude kerkvaders namen deze algemeen voorkomende zienswijzen over, en maakten ze tot de hoofdzaken wat betreft de scheppingsvoorstellingen. Ze beklemtoonden sterk het geloof dat het universum letterlijk geschapen werd door de handen en/of de stem van God; enkel hier en daar waren ook theologen te vinden wier ontwikkeld denken hen noodzaakte bepaalde zaken in het scheppingsgebeuren meer als beeldspraak op te vatten, zoals Gregorius van Nyssa en Augustinus, en later Beda. Maar de letterlijke opvatting had de overhand, en die vind je overal in de middeleeuwen uitgebeeld in beelden, mozaieken en gebrandschilderde ramen van kathedralen, maar ook in de illustraties van misboeken en psalmboeken, en aan het einde van de middeleeuwen, in de geïllustreerde bijbels en andere gedrukte literatuur.
Op dezelfde manier sleutelden sommige kerkvaders aan de zes dagen. Het was in hun ogen niet goed en verheven genoeg voor een God, dus in werkelijkheid gebeurde het scheppen volgens hen in één ogenblik.
Maar nu het tweede punt waar het om gaat: de beeldspraak was volgens deze oude kerkvaders enkel wat betreft zulke zaken waar ze filosofische problemen mee hadden, zoals de handen van God, of die letterlijke zes dagen. Het hield
niet in dat ze het verhaal van Adam en Eva en de zondeval als allegorisch opvatten. En wat ze als allegorische zaken opvatten (zoals de zes dagen) werd ook nooit algemeen aanvaard. Het bleef een onnatuurlijke uitleg van een paar oude kerkvaders die geschoold waren in het griekse denken. Thomas van Aquino laat goed zien dat men nooit de zes dagen heeft afgeschreven als letterlijke waarheid: hij wist de zes dagen en het scheppen op één moment ingenieus aan elkaar te verbinden zodat ze allebei waar waren: God had volgens hem in werkelijkheid de substantie van alle dingen in één ogenblik geschapen, maar aan het werk van scheiden, vormen en toebereiden van de uiteindelijke schepping, zes dagen besteed! Luther en Calvijn verzetten zich overigens fel tegen denkbeelden dat het in Genesis om allegorie zou gaan.
In de rest van je posting neem je weer een extreem moderne houding aan t.o.v. de tekst. Genesis 1 en 2 kloppen niet met elkaar. Denk nou eens even 3000 jaar terug, toen de teksten achter elkaar waren geplaatst. De mensen die dat deden konden ook lezen. Die waren echt niet zo naïef dat ze dit niet in de gaten hadden. Dus is de vraag: waarom deden ze het?
Natuurlijk hadden ze de tegenstrijdigheden in de gaten en natuurlijk waren ze niet naief. Waarom vele tegenstrijdige teksten toch naast elkaar staan is heel goed uit te leggen. Het antwoord kun je vinden in alle boeken over de documentaire hypothese. De Pentateuch is een verzameling van teksten uit diverse tijden. Het scheppingverhaal in Genesis 2 en 3 is bijvoorbeeld veel ouder en veel primitiever dan het meer ontwikkelde priesterlijke gedicht in Genesis 1. In de bijbel zelf kom je dus al een ontwikkeling tegen van denkbeelden. Bovendien heb je tradities van het zuidelijke Juda en tradities van het noordelijke Israel. Oudere tradities, of varianten van hetzelfde verhaal, maar de één uit noord en de ander uit zuid, konden niet zomaar afgedankt en wegstreept worden. Het was onmogelijk een heilige tekst af te danken. Men moest dus tóen al veelal schipperen. Zowel het één als het ander geloven. Dit samenvoegen van diverse teksten gebeurde overigens niet 3000 jaar geleden, maar pas veel later.
Zoals je ziet heeft mijn positie niets te maken met extreem moderne houding. Ik lepel enkel op wat ik via de theologiestudie geleerd heb.
De tegenstrijdigheden in de twee scheppingsverhalen werden ook onderkend door alle kerkvaders. Ze deden er eindeloos hun best voor om ze met elkaar te verzoenen en ze met elkaar in overeenstemming te brengen.
Wel, een van de dingen die je ziet in oude literatuur is, dat de volgorde van dingen vaak niet zozeer een feitelijke beschrijving is, maar een doel uitdrukt. Vandaar dat er verschillende genealogieën voor dezelfde persoon in de Bijbel kunnen staan. Het zijn geen moderne stambomen, ze drukken iets uit.
Het feit dat je zulke extra boodschappen vindt streept in het geheel niet weg dat ze wel degelijk óók bedoeld zijn als feitenmateriaal.
Ook dit punt heb ik al vaker gemaakt in deze discussie, maar jullie blijven hameren op een moderne lezing van de Bijbel – het moet klóppen.
Natuurlijk moet het kloppen. Zijn het dan enkel de atheïsten die weten wat ze van een God mogen verwachten? Hoe klein heeft de moderne gelovige zijn god gemaakt!
De antropomorfe beschrijvingen van God vallen in dezelfde categorie. Dat de schrijvers daadwerkelijk meenden dat God benen had om te lopen betwijfel ik zeer, en volgens mij wordt ik daarin gesteund door de overgrote meerderheid van OT-kenners.
Waarom betwijfel je dat? Dat de goden mensen boetseerden met hun handen bijvoorbeeld kun je ook uit de chaldese bronnen halen.
Wat OT-kenners betreft, hier de opvatting van één van de bekendste, Roland de Vaux:
"De gedachte dat offeren oorspronkelijk een door mensen aangeboden maaltijd bestemd voor God was, wordt versterkt door offerrites in Leviticus die naast vlees ook koeken, olie en wijn aanbieden. In Dt. 32: 28 wordt in het Lied van Mozes gevraagd waar de goden zijn die ‘het vet van hun slachtoffers aten en de wijn van hun plengoffers dronken’."
Juist het antropomorfe karakter van Genesis 2 is een aanwijzing dat het gaat om de boodschap en niet om de feiten. Ook het idee dat God moest ‘rusten’ na de zes dagen arbeid is zoiets. Dat is niet bedoeld om uit te drukken hoe zwaar het scheppingswerk was, maar dat de zevende dag apart gezet was.
Dit zijn volledig uit de lucht gegrepen opmerkingen van je. Zoals ik al eerder heb opgemerkt verwacht je van mensen in de bronstijd dat ze op een moderne manier over God denken. Zelfs enkele eeuwen geleden nog namen de mensen het gegeven dat God moest rusten letterlijk op:
Monreale
Ik probeer naar Genesis te luisteren, met alle kennis die ik heb over toen en nu. Jij kijkt alleen vanuit het nu naar toen.
Nee, dat klopt niet. Ik probeer naar die verhalen te kijken zoals een mens van toen ernaar gekeken heeft, oftewel ze te lezen zoals ze oorspronkelijk bedoeld werden. Ik heb geen behoefte om ze te harmoniëren met een modern godgeloof, oftewel om me laten leiden door subjectieve behoeften.
Jij bent degene die Genesis leest met moderne ogen en zich wijsmaakt dat de theologen jou gelijk geven.
Well folks, that’s all we have time for today…
Tot ziens maar weer.