door Anton van Hooff
Een andere manier van mensen confronteren met hun eigen gedrag is het spiegelen ervan.
Geniaal.De Gelderse regionale welzijnsorganisatie Sterker had een medewerker die bekend maakte dat hij wegens zijn geloof voortaan vrouwen geen hand meer zou geven. Na rijp beraad besloot de leiding dit weigeren toe te staan.
Als alle mannen uit de werkomgeving voortaan weigeren hem een hand te geven, zal iemand uit een cultuur van uitbundig handdrukken onder mannen, beseffen dat hij zich buiten de samenleving plaats waarin hij nu heeft te leven.
Als ik weer eens in een discussiepanel zit samen met een hoofddoekdraagster, zal ik mijn (schaarse) haar ook bedekken. Zij krenkt mij door ervan uit te gaan dat ik op haar schedeldos geil, wel dan toon ik dat ik ‘respect’ heb voor haar onbeheersbare hormonen.
Ik denk, dat dit een betere uitwerking zal hebben op het erover nadenken, waar je als gelovige mee bezig bent.
Met geboden en verboden is de doorsnee mens maar al te bekend.
Hij zal zijn prioriteiten leggen bij diegene, waarvan hij gelooft het meeste macht te hebben.
Of naast zich neerleggen als hij gelooft, dat er niemand is die zijn verhaal komt halen.
In het geval van een gelovige zal dat zijn bij wat hij denkt dat hun god is.
Maar vooral verwoord door notabelen binnen hun gemeenschap.
Het waarom ervan wordt aangenomen als een dogma, waardoor het gebod of verbod zijn reden heeft gekregen en waardoor het boven alles wordt gesteld.
Bij het belachelijk maken en verbieden, zal de groep zich bundelen, zich isoleren en zich gesteund en standvastiger voelen worden.
Ook bekend bij christelijk gelovigen, waarbij meisjes zomer en winter een rok moeten dragen.
Deze meisjes en later de vrouwen, zullen bij elkaar klitten en zo samen weerstand kunnen bieden aan "de wereldse machten".
Worden ze uit hun groep gehaald, persoonlijk benaderd en geconfronteerd met het waarom ervan, dan zullen ze daar zelf over na kunnen gaan denken.