Moreel esperanto

Geef hier je mening over boeken die je hebt gelezen.

Moderator: Moderators

Plaats reactie
Tsjok45
Bevlogen
Berichten: 3132
Lid geworden op: 15 feb 2006 13:57
Locatie: gent
Contacteer:

Moreel esperanto

Bericht door Tsjok45 »

Toen, ik vroeg deze morgen mijn krant las ... viel me dit artikel op ... ik wil het jullie niet onthouden ....

Paul Cliteur onderzoekt de multireligieuze samenleving
Moreel Esperanto
De Arbeiderspers, Amsterdam, 224 p.,
Over de relatie tussen geweld en religie schreef de Nederlandse rechtsfilosoof Paul Cliteur het boek Moreel Esperanto, waarin hij wijst op het gevaar van een religieuze ethiek en pleit voor een autonome kritiek binnen een neutrale staat.

Op bevel van God
bespreking door Dirk Verhofstadt van Paul Cliteurs jongste boek
De moord op Theo van Gogh zorgde voor een schokgolf door Nederland, een land dat steeds geroemd werd om zijn tolerantie jegens andersdenkenden. Niet alleen de moord zelf werd verafschuwd maar ook de manier - de moordenaar schoot eerst zijn slachtoffer neer, stak dan een mes in zijn lichaam met een waarschuwing tegen Ayaan Hirsi Ali en plantte ten slotte een tweede mes op rituele wijze in de borst van de man. Bij zijn verdediging verantwoordde Mohammed Bouyeri zijn daad niet als wraak op de islamonvriendelijke uitspraken van de cineast, maar louter en alleen als een religieuze plicht. "De profeet heeft opdracht gegeven heidenen te doden", zo verklaarde Bouyeri in de rechtszaal en hij zou het opnieuw doen. Voor de moordenaar is de letterlijke tekst van het geloof belangrijker dan de wetten van het land waarin hij leeft. Toch hoorde je na de moord heel wat sussende stemmen, dat de moord niets te maken had met religie en dat religie niet aangewezen kan worden als oorzaak van gruwelijke uitwassen. Maar is dat zo?

Paul Cliteur kreeg bekendheid met zijn ophefmakende boeken Moderne Papoea's en Tegen de decadentie, en als de scherpzinnige columnist van het programma Buitenhof, waarin hij het cultuurrelativisme en de orthodoxe islam aan de kaak stelde.
Daarbij keerde hij zich tegen de al te verdraagzame houding jegens de onverdraagzamen in de Nederlandse samenleving.
Op 28 maart 2004 trok hij zich onverwacht terug uit het publieke debat.
Hij voelde zich niet langer veilig en ergerde zich aan uitspraken als zou hij racistische uitspraken hebben gedaan.
"Ik weet, ik ben geen held. Meer een kamergeleerde. Ik heb behoefte aan rust", zo verklaarde Cliteur.
De voorbije twee jaar werkte hij hard aan dit boek, dat terecht beschouwd kan worden als zijn magnus opus, de kwintessens van bijna twintig jaar onderzoek naar de manier waarop mensen samenleven.
(1)

Onze samenlevingen zijn niet alleen multicultureler, maar vooral multireligieuzer geworden.
Dat leidde de voorbije jaren tot grote problemen en doet de auteur besluiten dat er dringend behoefte is aan een basisconsensus over een aantal uitgangspunten, net zoals dat in het verkeer het geval is.

In die zin moet men ook een aantal grondrechten aanvaarden zoals de vrijheid van meningsuiting, de scheiding van kerk en staat en de gelijkwaardigheid van man en vrouw.
Om een multireligieuze samenleving in goede banen te kunnen leiden is volgens Paul Cliteur een soort 'moreel Esperanto' noodzakelijk, een taal die iedereen begrijpt en volgt.

De auteur benadrukt keer op keer dat hij daarmee geen pleidooi houdt voor atheïsme of dat hij zich keert tegen de religie als zodanig.
Wat wel nodig is, is een autonome ethiek die losstaat van de religie, en dit binnen een neutrale staat.
Hiervoor baseert hij zich op ideeën van verlichte filosofen als
Kant, Bentham, Mill, Voltaire, en politieke filosofen als Madison en Jefferson.
Het grootste aantal bladzijden besteedt de auteur aan de ontleding en de impact van de 'goddelijke bevelstheorie' die vandaag de basis vormt van de religieuze ethiek die tal van mensen voorstaan.

Een soortgelijke ethiek stond centraal in elke geopenbaarde godsdienst.
Denk aan de aartsvader Abraham, die van God het bevel kreeg om zijn zoon te offeren en dat ook zou hebben gedaan mocht men hem daarvan op het laatste moment niet hebben weerhouden.
Gelovigen beschouwen dit als een 'logische' gehoorzaamheid.
Sören Kierkegaard noemde het de religieuze plicht als uitdrukking van Gods wil. Maar anderen zien de houding van Abraham als een ordinaire moordpoging.
"Godsdienst kan een mens stekeblind en wreed maken, juist door de gehoorzaamheid", zo schreef Guus Kuijer in zijn boek Hoe een klein rotgodje God vermoordde.

Volgens de overlevering kreeg Mozes de Tien Geboden rechtstreeks van God. De Spaanse filosoof Fernando Savater legt in zijn boek De Tien Geboden uit dat die het product waren van hun tijd, maar niet langer aangepast zijn aan vandaag. Niettemin blijven veel gelovigen ze beschouwen als de basis van onze moraal.
Meer nog, we hebben de voorbije decennia te maken met een terugkeer van de religie, en zelfs een toename van de letterlijke interpretatie van de 'heilige' teksten, een vorm van fundamentalisme.
Het probleem ontstaat evenwel als "de heilige boeken verschillende dingen voorschrijven op het punt van de moraal en het recht en de aanhangers van verschillende godsdiensten toch één territorium moeten delen".
Of als de 'heilige' teksten botsen met de seculiere wetgeving.
De Nederlandse beleidsmensen blijven daar echter blind en doof voor. Zij geloven in emancipatie mét en door religie.
Een voorbeeld is de Amsterdamse burgemeester Job Cohen, die steeds wijst op de integrerende kracht van de religie. Nochtans zijn er heel wat schaduwzijden aan zo'n benadering.

De moord op Theo van Gogh heeft duidelijk gemaakt dat de 'goddelijke bevelstheorie' kan leiden tot de gruwelijkste misdaden. Zijn moordenaar beriep zich op een goddelijke 'wet' die hem opdroeg om de ongelovige te doden.

Mensen die blijven geloven in de emanciperende kracht van de religie zijn voor Paul Cliteur "verlichtingsoptimisten", mensen die denken dat het uiteindelijk wel goed zal komen voor zover men geen enkele godsdienst "voor het hoofd stoot".
Zij claimen de vrijheid "om niet te worden tegengesproken", maar als we die vrijheid erkenden zou elke vorm van kritiek en wetenschappelijke evolutie tot stilstand komen.

Daarmee zouden we ons neerleggen bij onmenselijke praktijken die in naam van de religie plaatsgrijpen.
Die vrijheid zou het vermoorden van 'godslasteraars' een objectieve grond geven.

Heel wat cultuurrelativisten beweren dat de heropstanding van religieus fanatisme te wijten is aan sociale achteruitstelling of andere vormen van marginalisering.
Maar Cliteur wijst er terecht op dat Mohammed Bouyeri zich daar juist niet op beriep, en bij uitbreiding was dit ook het geval voor de kapers van de vliegtuigen op 11 september en de daders van de aanslagen in Londen, die goed opgeleid waren en alle kansen kregen in de westerse samenleving.

Voor de moordenaar van Van Gogh ging het om een louter religieuze kwestie.
"Het hoogste goed dat de menselijke samenleving beoogt te beschermen, is het menselijk leven", aldus Cliteur, zoniet hebben andere rechten geen enkele betekenis.
En aan de hand van enkele voorbeelden uit de geschiedenis maakt hij duidelijk hoe problematisch het religieuze geweld was en is.

Hij verwijst naar Luther, die de tekst van de Bijbel belangrijker achtte dan het kerkgezag.
Volgens Cliteur ligt hier de overgang van de katholieke goddelijke bevelstheorie naar de protestants-islamitische: alleen de 'heilige' teksten gelden en de gelovige moet daar voor zichzelf de besluiten uit trekken
.

Het leidde uiteindelijk tot twee rechtsordes die tegenover elkaar kwamen te staan: de politiek tegenover de religie.

Vanaf dan grepen diverse moorden plaats in naam van God.
Zoals in de zestiende eeuw de moord op Willem van Oranje door de fanatieke katholiek Balthasar Gerards.
Maar ook recenter, zoals de moord op de Egyptische president Anwar Sadat in 1981 door radicale moslims,
de moord op de Israëlische president Jitzhak Rabin in 1995 door de joodse extremist Jigal Amir,
en de moord op Theo van Gogh in 2004 door Mohammed Bouyeri.

De daders gebruikten steeds als argument dat ze opereerden 'op bevel van God'. Zo ging het ook bij de fatwa over de schrijver Salman Rushdie die ayatollah Khomeini uitsprak.

In elk van die gevallen was het politieke, religieuze en morele "in één kluwen met elkaar verbonden". Wat Cliteur wil doen, is dat kluwen ontwarren om te komen tot een klare consensus over wat mag en niet mag.

Daarbij verwerpt Cliteur nadrukkelijk de goddelijke bevelstheorie en pleit voor een autonome ethiek, waarmee hij nadrukkelijk ingaat tegen zowel religieuze traditionalisten als postmoderne denkers.

Een autonome ethiek is evenwel niet voldoende voor een harmonieuze samenleving van mensen met uiteenlopende culturele en religieuze overtuigingen.
Even belangrijk is een neutrale overheid.
De auteur gebruikt hiervoor het Franse woord 'laicité', verwijzend naar de aard van het staatsgezag, maar de Nederlandse lezer zal beter het begrip 'religieuze neutraliteit' begrijpen.
Neutraliteit in de zin dat geen enkele godsdienst wordt bevoordeeld tegenover een andere en dat gelovigen niet worden bevoordeeld tegenover niet-gelovigen.

Paul Cliteur verwijst naar de initiële ideeën van de Amerikaanse Founding Fathers James Madison en Thomas Jefferson.
Madison beklemtoonde het belang van een seculiere staat waarin burgers - ook al vormen ze een minderheid - beschikken over een aantal fundamentele rechten en vrijheden.
En Jefferson benadrukte dat de burgerlijke rechten van de mens onafhankelijk moesten zijn van onze religieuze overtuigingen.
Op basis hiervan werd het eerste amendement van de Amerikaanse wetgeving opgesteld.
Dit artikel verbiedt het Congres om wetten aan te nemen die een staatsgodsdienst creëren, die één godsdienst boven een andere plaatsen, het recht op vrijheid van godsdienst verbieden, de vrijheid van meningsuiting of de persvrijheid belemmeren of de vrijheid van samenkomst hinderen ......Religie is een private zaak die niet kan worden bekostigd door de gemeenschap en die niet zichtbaar aanwezig mag zijn "in delen van het publieke domein waar de staat met een pretentie van neutraliteit optreedt". .
De auteur heeft het over rechtbanken, de politie, het leger en officiële bijeenkomsten. Hij heeft het dus uitdrukkelijk niet over de algemene publieke ruimte, zoals straten en voetpaden, of over de aanwezigheid van burgers in overheidsgebouwen.

Daarmee gaat hij minder ver dan de Franse wetgevers die het verbod op het dragen van opvallende religieuze symbolen ook opleggen aan scholieren in het openbaar onderwijs.
Of dan enkele Vlaamse gemeenten die hun personeel, die aan het loket in contact komen met de burger, verbieden om opvallende religieuze symbolen te dragen.

Toch is de weg die Cliteur wil inslaan heel duidelijk.
Hij wil de religie terugdringen tot de private sfeer en - als dat mogelijk zou zijn - tot de individuele hersenpan. Dat is geen evidente en gemakkelijke weg, integendeel.

Zelf morele keuzes maken is heel wat moeilijker dan zich als gelovige verbergen achter bepalingen die niet altijd moreel goed zijn.
Sinds de aanslagen van 11 september is de geest van het religieus fanatisme weer uit de fles. Zowel radicale moslims als christelijke leiders in de VS gebruiken woorden die teruggaan op de basisteksten van hun diverse godsdiensten. We beleven een opbod aan religieuze 'zuiverheid'.
Dit boek komt net op tijd.
Paul Cliteur maakt heel duidelijk dat
de hernieuwde heropleving van de religieuze ethiek de samenleving van mensen met diverse religieuze overtuigingen problematisch, zelfs onmogelijk maakt.

Willen we een harmonieuze samenleving waarin iedereen mag denken en zeggen wat hij of zij wil dan hebben we behoefte aan een 'autonome ethiek' en een 'neutrale overheid'.
Dan hebben we behoefte aan een moreel Esperanto als een lichtbaken in deze donkere tijden van religieus fanatisme en onverschillig cultuurrelativisme.

Het moge duidelijk zijn , dat ik de Nederlandse politiek niet van nabij volg ... Maar ik meen dat het filosofisch -juridische denkwerk van Cliteur de Nederlandse kontext ruim achter zich laat ....althans voor zover ik dit kan opmaken uit deze bespreking ....
Ik zal het boek binnenkort wel te pakken krijgen

(1)
Publicatiedatum : 2007-02-0
Interessant als orientatie in het denkwerk van Cliteur( en de interpraties van verhofstad ) is dit interview
http://www.libertarian.nl/NL/archives/000489.php
Ni dieu , Ni maitre
Ni , Ni , Ni ( The knight of Ni )
Gebruikersavatar
Kitty
Ontoombaar
Berichten: 11282
Lid geworden op: 23 aug 2006 17:31

Bericht door Kitty »

Paul Cliteur vindt met dit boek natuurlijk het wiel niet uit. Heel wat vrijdenkers delen zijn mening al lang en verwoorden die ook keer op keer.

Net als wat hij hier zegt in het interview:
In zowat alle westerse democratieën staat de vrijheid van godsdienst uitdrukkelijk vermeld in de grondwet. Is dit een kernwaarde voor het goed functioneren van onze democratie?

Paul Cliteur: Ik denk dat de vrijheid van godsdienst overbodig geworden is. Dat was een heel belangrijk grondrecht in de zestiende en zeventiende eeuw, omdat het een einde stelde aan de enorme godsdiensttwisten die maatschappij dreigden te ontwrichten en die als katalysator werkte voor allerlei andere vrijheden. Maar die gunstige ontwikkeling gaat nu niet meer op. De vrijheid van godsdienst is steeds meer ‘part of the problem’ geworden. Ik denk dat men de godsdienstvrijheid beter laat opgaan in de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van vereniging en de privacy. Een bepaalde godsdienstgenootschap kan zich beroepen op de vrijheid van vereniging en van meningsuiting. Wil je een geloof belijden in een kerk, een synagoge of een moskee, dan is dat je volste recht. Het naast elkaar bestaan van die vrijheid van godsdienst en die vrijheid van meningsuiting levert echter paradoxale effecten op. Het gevaar bestaat dat iemand vanuit zijn godsdienstige overtuiging scherp discriminerende en bedreigende opmerkingen zou maken over bijvoorbeeld vrouwen of homoseksuelen.

Maar waar liggen dan juist die grenzen van meningsuiting?

Paul Cliteur: Er zijn er twee. Je hebt de fatsoensgrenzen, dat is het terrein van de moraal, en je hebt de juridische grenzen. Juridisch kan je veel meer zeggen dan beleefd is om te doen. De reden daarvan is dat de staat ervan uitgaat de vrijheid van meningsuiting zo een belangrijk goed is voor de ontwikkeling van de democratie en voor de wetenschap natuurlijk. De staat wil de vrijheid van meningsuiting dus maximaal oprekken. Juridisch mag men die vrijheid van mening naar mijn smaak pas afbreken bij wat in de Amerikaanse jurisprudentie de Clear and Present Danger Test wordt genoemd, een term die al in 1859 ontwikkeld werd door John Stuart Mill in zijn boek On Liberty. Zo mag je niet voor het huis van een korenhandelaar gaan staan en zeggen dat alle korenhandelaren moeten worden opgeknoopt. En je mag ook niet ten onrechte in een overvolle schouwburg ‘brand’ roepen. Want dan creëert men een duidelijk en onmiddellijk gevaar dat anderen letsels zou kunnen toebrengen. De grens is dus niet alleen het daadwerkelijk schade toebrengen aan anderen maar ook medeplichtigheid, het bedreigen, het aanzetten daartoe of het haat zaaien. Juridisch worden dus wel heel wat zaken gedoogd die we misschien onfatsoenlijk vinden, zoals Theo Van Gogh soms deed, maar die geen bedreiging vormden tot fysiek geweld. Er zijn heel wat mensen die beweren dat uitlatingen zoals die van Theo Van Gogh zouden aanzetten tot moslimhaat en islamofobie, maar dat vind ik onterecht. Niemand is ooit gemolesteerd, laat staan geliquideerd omwille van een column van Theo Van Gogh. Pim Fortuyn stelde vroeger ook al dat een imam mag verklaren dat homo’s varkens zijn, zolang men maar niet oproept om alle homoseksuelen te kelen. Maar, zo zei Fortuyn, dan behoud ik me wel het recht voor om een godsdienst en haar bedienaars scherp te bekritiseren die dergelijke standpunten uiten.
Alle gebondenheid kan vrijheid heten, zolang de mens de banden niet voelt knellen. (naar Erasmus)

Il n’y a que les imbéciles qui ne changent jamais d’avis ... (Jacques Brel)

En de mens schiep God en dacht dat dat goed was.
mustafa
Bevlogen
Berichten: 1611
Lid geworden op: 18 aug 2006 18:41
Locatie: losser

Bericht door mustafa »

paul cliteur kent vast en zeker de strekking van prediker 3:19
dat religie kan leiden tot discriminatie is een contradictio in terminis
maar helaas komt het voor
echter om iets te verbieden vanwege ontaardingen, ontsporingen, e.d. zou op hetzelfde neerkomen als het verbieden van auto's, alleen maar omdat verkeersongelukken het gevolg ervan zouden kunnen zijn
god = music
architektuur = bevroren muziek
overwin het kwade door het goede
ik ben een niet-religieus gelovige
ik ben feminist
homoeopathie # kwakzalverij
ervaring telt
Gebruikersavatar
Kitty
Ontoombaar
Berichten: 11282
Lid geworden op: 23 aug 2006 17:31

Bericht door Kitty »

Als je goed leest Mustafa dan zie je dat Paul Cliteur nergens pleit voor verbieden.
Alle gebondenheid kan vrijheid heten, zolang de mens de banden niet voelt knellen. (naar Erasmus)

Il n’y a que les imbéciles qui ne changent jamais d’avis ... (Jacques Brel)

En de mens schiep God en dacht dat dat goed was.
mustafa
Bevlogen
Berichten: 1611
Lid geworden op: 18 aug 2006 18:41
Locatie: losser

Bericht door mustafa »

je hebt gelijk kitty
god = music
architektuur = bevroren muziek
overwin het kwade door het goede
ik ben een niet-religieus gelovige
ik ben feminist
homoeopathie # kwakzalverij
ervaring telt
Gebruikersavatar
wahlers
Bevlogen
Berichten: 2234
Lid geworden op: 29 jan 2006 15:28
Locatie: Spijkenisse

Bericht door wahlers »

Daarbij keerde hij zich tegen de al te verdraagzame houding jegens de onverdraagzamen in de Nederlandse samenleving.
en:
Hij wil de religie terugdringen tot de private sfeer en - als dat mogelijk zou zijn - tot de individuele hersenpan. Dat is geen evidente en gemakkelijke weg, integendeel.
Sta ik volledig achter! Ook ik heb consequent onderscheid gemaakt tussen religie en de beoefenaars van deze religie. Vandaar dat ik ook geen enkele moeite heb om religie zwaar te bekritiseren en zelfs te beledigen.
Verder heb ik meerdere keren uitgesproken dat het onze humanistisch democratische plicht is om intolerant tegen intolerantie te zijn. En mijn uitspraak komt dus aardig in de buurt van de houding van: "Daarbij keerde hij zich tegen de al te verdraagzame houding jegens de onverdraagzamen in de Nederlandse samenleving".


MvG, Wim.
Only two things are infinite: the universe and human stupidity;
and I'm not certain about the universe. (Albert Einstein, 1879-1955)
Plaats reactie